Land van den Bergh

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Land van den Bergh
Graafschap onder het Hertogdom Gelre (Zutphen)
 Hamaland 1125 – 1795 Departement van de Rijn 
Bergh wapenboek Gelre wapen.svg
Kaart
Bannerij s heerenbergh.png
Algemene gegevens
Hoofdstad 's-Heerenberg
Talen Nedersaksisch[bron?]
Regering
Regeringsvorm Graafschap
Dynastie Graven van den Bergh
Staatshoofd Graaf

Het Land van den Bergh of Landdrostambt Bergh was een bannerheerlijkheid in het Graafschap Zutphen waartoe 's-Heerenberg en de heerlijkheden Didam, Etten, Zeddam, Gendringen, Netterden en Westervoort behoorden.

Gebied[bewerken]

De grenzen van het Landdrostambt Bergh vielen niet samen met de latere gemeente Bergh. Het stadje 's-Heerenberg bezat een apart rechtsgebied binnen het Landdrostambt. Daarnaast het kerspel 's-Heerenberg een deel dat buiten de stad lag en de kerspelen Netterden en Zeddam. Het kerspel Netterden werd later aan de gemeente Gendringen toegevoegd, de buurtschappen Bergerdijk en de vier Heezen kwamen op Pruisisch grondgebied te liggen door het grenstractaat van 7 oktober 1816 met Pruisen. Het gebied van het kerspel Zeddam is later opgegaan in de gemeente Bergh. Naast het kerkdorp Zeddam ook de buurschappen Azewijn, Braamt, Kilder, Lengel, Stokkum, Vinkwijk en Wijnbergen[1].

Geschiedenis[bewerken]

De oudst bekende heer Van den Bergh was Constantinus de Melegarde die zich tussen 1100 en 1125 in deze streek vestigde. Hij noemde zich sindsdien Constantinus de Monte. De heren resideerden aanvankelijk op Montferland, maar stichtten in 1250 het Huis Bergh op zijn huidige locatie. De tak van Constantinus stierf in 1416 uit en werd opgevolgd door de heren Van der Leck. Oswald I van den Bergh werd in 1486 weliswaar tot rijksgraaf van het Heilig Roomse Rijk verheven, maar werd niet soeverein.

De bekendste graven van Bergh waren Willem IV (1537-1586) en zijn zoons Herman (1558-1611), Frederik (1559-1618) en Hendrik (1573-1638). Tijdens de Tachtigjarige Oorlog vochten zij aan Spaanse zijde.

Met Oswald III van den Bergh stierf het huis Van der Leck in mannelijke lijn uit. Via zijn dochter Maria Clara, die was gehuwd met vorst Maximiliaan van Hohenzollern-Sigmaringen, ging het Land van den Bergh over op het huis Hohenzollern-Sigmaringen. Zij stond haar rechten af aan haar kleinzoon Frans Willem, die daarmee het nieuwe geslacht Hohenzollern-Bergh stichtte. Hij werd in 1737 opgevolgd door zijn zoon Johan Baptist, "de dolle graaf". Daar deze kinderloos bleef kwam Bergh na zijn dood weer in het bezit van de hoofdtak Hohenzollern-Sigmaringen, die zich verder weinig met het gebied bemoeide.

Na de stichting van de Bataafse Republiek werden de heerlijke rechten in 1795 afgeschaft. Het land werd in 1798 deel van het Departement van de Rijn, vervolgens 1802 Departement Gelderland, 1811 Boven-IJssel.

Na de stichting van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden in 1815 werden de heerlijke rechten slechts ten dele hersteld. Het Land werd deel van de provincie Gelderland. In 1912 verkocht Willem August van Hohenzollern zijn eigendom aan de Enschedese industrieel Jan Herman van Heek.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. ORA Landdrostambt Bergh op website:geldersarchief.nl