Landingsvaartuig

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Landingsvaartuig
Amerikanen landen op Omaha Beach, 6 mei 1944.

Een landingsvaartuig is een klein vaartuig, bedoeld om materieel en personeel van transportschepen naar de wal te vervoeren, vaak als onderdeel van een amfibische landing.

Beschrijving[bewerken]

Landingsvaartuigen zijn veelal open schepen. Ze zijn voorzien van een motor en kunnen op eigen kracht korte afstanden afleggen, meestal van schepen voor de kust naar het strand. De vaartuigen zijn redelijk rechthoekig met een vlakke bodem. De geringe diepgang en de vlakke bodem maken het zeer geschikt om het strand op te glijden. Een klep in de boeg wordt neergelaten waardoor de militairen snel het vaartuig kunnen verlaten. Kleine voertuigen kunnen ook worden meegevoerd en deze kunnen ook over de klep rijdend het vaartuig verlaten.

Versies[bewerken]

Er zijn verschillende typen afhankelijk van de lading die wordt meegenomen. LCU (Landing Craft Utility) hebben een waterverplaatsing tot ruim 200 ton en geschikt voor het vervoer van tanks en LCVP (Landing Craft Vehicle and Personnel) van enkele tientallen tonnen voor het vervoer van troepen en lichte voertuigen.

LCU's worden vervoerd in het inwendige dok van gespecialiseerde transportschepen en LCVP's ook wel in davits.

Enkele marines kennen ook luchtkussenvaartuigen.

Het landingsvaartuig moet niet verward worden met het landingsschip (ook wel aangeduid met amfibisch transportschip). De vaartuigen kunnen niet over land rijden, hiervoor is het amfibievoertuig ontwikkeld zoals de DUKW.

Zie ook[bewerken]