Leaseauto

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een leaseauto is een auto die door middel van een leaseconstructie ter beschikking gesteld wordt. Hoewel een auto door particulieren geleased kan worden, zijn het vaak werkgevers die auto's leasen voor hun werknemers. De auto blijft in eigendom van de leasemaatschappij, die veelal ook verantwoordelijk blijft voor het groot onderhoud van de auto.

Ontstaan[bewerken]

Het leasen van bedrijfswagens komt voort uit de wens om kapitaal niet in wagenparken vast te leggen, maar beschikbaar te maken voor het eigen bedrijfsproces. Omdat de meeste organisaties geen rendement op investeringen in auto's behalen, wordt hiervoor wel de term dood kapitaal gebruikt. Het afstoten van de auto's in eigendom door deze te vervangen door leaseauto's maakt dit kapitaal vrij, zodat dit weer in de eigen onderneming kan worden geïnvesteerd. Met name voor bedrijven die hoge kosten voor kapitaal hebben, is het leasen interessant.

In het begin van deze ontwikkeling, die zich in Nederland eind jaren '80 van de twintigste eeuw inzette, heeft een aantal grotere bedrijven gezamenlijke holdings opgericht die zich specifiek moeten gaan richten op wagenparkbeheer. In de loop der jaren zijn er echter ook gespecialiseerde autoleasebedrijven opgericht.

Voor- en nadelen[bewerken]

Afhankelijk van de afspraken met de leasemaatschappij kunnen er enkele voordelen en nadelen aan het leasen verbonden zijn.

Voordelen kunnen bijvoorbeeld zijn:

  • Fiscaal aantrekkelijk voor bedrijven (geen eigen kapitaalinvestering vereist)
  • Administratieve uitbesteding
  • Onderhoudstechnische uitbesteding
  • Kostenvast (meestal; soms extra heffing bij overschrijden contractueel vastgelegde kilometers per periode)

Mogelijke nadelen zijn (afhankelijk van de afspraken met de leasemaatschappij):

  • Kosten kunnen hoog oplopen
  • Soms omslachtig bij pech onderweg (met name in het buitenland)
  • Onderhoud kan lastig te plannen zijn
  • In een aantal landen fiscaal onaantrekkelijk voor werknemers

Fiscale gevolgen[bewerken]

Als een werknemer een leaseauto van zijn werkgever ter beschikking krijgt, dan wordt dit in Nederland door de belastingdienst belast, indien de werknemer meer dan 500 km per jaar privé rijdt in de leaseauto. De werkgever dient jaarlijks 25% van de cataloguswaarde van de auto bij te tellen bij het salaris van de werknemer als loon in natura. Voor zeer zuinige auto's geldt vanaf 2008 het lagere tarief van 14%. Hiervoor is vereist dat de CO2-uitstoot niet hoger is dan 95 gram/km bij diesel en 110 gram/km bij benzine. Hieronder vallen bijvoorbeeld veel hybride auto's (maar niet alle hybride auto's!). Voor zuinige auto's (CO2-uitstoot van 96-116 gr/km bij diesel en 111-140 gram/km in overige gevallen) geldt vanaf 2009 een bijtellingspercentage van 20%. Voor auto's van 15 jaar en ouder geldt een tarief van 35% over de marktwaarde in plaats van de oorspronkelijke cataloguswaarde. Staatssecretaris De Jager kondigde op 16 mei 2009 aan dat hij de bijtelling voor elektrische auto's vanaf 2010 wil verlagen naar 10%.[1] Dit is vervolgens verder verlaagd naar 0% vanaf 2010.

Het nettoloon kan door deze bijtelling lager uitvallen. Indien de werknemer echter overtuigend kan aantonen dat hij/zij in een jaar niet meer dan 500 kilometer aan privékilometers met de auto rijdt, dan hoeft de werkgever in dat jaar geen fiscale bijtelling toe te passen. Woon-werkkilometers tellen daarbij niet als privékilometers. Als bewijs dient een kilometerregistratie. De belastingdienst controleert op privégebruik onder andere door middel van camera-auto's (o.a. bij grensovergangen tijdens vakantieperioden).

Volgens het Begrotingsakkoord 2013 worden met ingang van 1 januari 2013 de woonwerkkilometers die worden gemaakt met de door de werkgever ter beschikking gestelde auto (de auto van de zaak of de leaseauto) aangemerkt als privékilometers en tellen daarom mee voor de vraag of er aanleiding is tot bijtelling. Op dit punt wordt overgangsrecht vastgesteld.

Bronnen, noten en/of referenties