Lely (bedrijf)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Lely
Lely (bedrijf)
Oprichting 1948
Sleutelfiguren Alexander van der Lely, CEO
Hoofdkantoor Maassluis
Werknemers 2.000 (2012)
Omzet €273 miljoen (2007)
Website Lely.com
Portaal  Portaalicoon   Economie

Lely is een Nederlandse producent van landbouwwerktuigen gevestigd in Maassluis. Dit agrotechniekbedrijf produceert voornamelijk machines voor de veeindustrie, zoals voeder- en melkmachines, waaronder volautomatische melkrobots[1] en grasmaaimachines voor weilanden.

Geschiedenis[bewerken]

Oprichting[bewerken]

Lely werd opgericht in Maassluis in 1948 door de broers Cornelis en Arij van der Lely.[2] In 1953 wordt het bedrijf omgezet tot een Naamloze vennootschap. Begin 1960er jaren ontwikkelen en fabriceren Lely van landbouwmachines, hydraulische apparatuur tot voorgefabriceerde woningen.[3] Hiernaast werkte Lely aan onderzoek en ontwikkeling. Het eerste octrooi werd openbaar gemaakt op 15 september 1948, en daarna zijn er velen gevolgd. Een bedrijf als Vicon heeft op basis van deze ontwerpen eigen producten ontwikkeld.

Landbouwmachines[bewerken]

De eerste succesvolle landbouwmachines waren de Lely eenschijfkunstmeststrooier in 1958[4]; de Lely Lotus haaktand, die het gewas sneller en schoner keert, uit 1965; de Lelyterra rotorkopeg uit 1968, een rotorkopeg, die de grond niet omkeert, en het zaaigoed in een warm zaaibed laat liggen; en uit 1968 het modulaire maaibalksysteem, die veel minder tandwielen dan andere maaibalken bevat, waardoor het een uitzonderlijk hoog rendement had, wat tot aanzienlijke brandstofbesparing leidde.

Tractor[bewerken]

In 1970 presenteerde het een tractor met een 87 PK sterke zescilinder MWM-dieselmotor en hydrostatische aandrijving. Het bleef bij een prototype. Een sterkere variant werd ook gepresenteerd, ditmaal met een Ford-motor. Een zeswielige variant werd in deze tijd ontwikkeld. In de vestiging in de Verenigde Staten werd in 1976 een prototype gemaakt van een tractor met twee motoren, waarbij één van de motoren bij lichtere werkzaamheden kon worden afgezet en daarmee brandstof besparen.

Melkrobot[bewerken]

Een prototype van de Lely Astronaut melkrobot werd in 1992 geïntroduceerd. Inmiddels zijn er meerdere versies uitgebracht met verschillende verbeteringen. Zo kan bij de A4 melkrobot de koe rechtdoor lopen bij het verlaten van de melkrobot, in plaats van dat de koe een bocht moet maken.

Verder[bewerken]

Eind jaren 1980 behoorde Lely met Vicon uit Nieuw Vennep en PZ Zweegers & Zonen uit Geldrop tot de drie producenten van landbouwwerktuigen, die de Nederlandse landbouwmachine-industrie domineerden.[5] In het nieuwe millennium is de Lely Groep verder uitgegroeid.

Organisatie[bewerken]

Lely is tegenwoordig actief in zo'n 60 landen en omvat een groot aantal dochterondernemingen. In Nederland zijn dat de internationale moedermaatschappij Lely Holding in Maassluis, alsmede de bedrijven Lely Industries, Lely West, Lely Technologies en Octrooibureau Van der Lely.

De huidige CEO is Alexander van der Lely, een zoon van Cornelis. Het bedrijf heeft wereldwijd 1.200 werknemers in dienst (mei 2008). In 2007 had het een omzet van 273 miljoen euro. De belangrijkste concurrent is het Zweedse bedrijf DeLaval. De concurrentiestrijd tussen beide bedrijven wordt ook wel eens rood (Lely) tegen blauw (DeLaval) genoemd.

Het bedrijf heeft ook een aantal verkooppunten in verschillende landen, de zogenaamde Lely Centers, waar via een franchiseformule producten en diensten voor melkveehouders verkocht worden.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. "De robots van Lely Industries zorgen voor de koeien", Financieel Dagblad, 8 november 2006
  2. Christel van Raay (2006) "ONTWIKKELEN VOOR WERELDWIJDE MARKT Alexander van der Lely: In 2015 ligt het verkooppercentage voor robots op 75 - Alexander van der Lely & innovatie" in Veeteelt Magazine, Jaargang 24. p.74-75
  3. De Ingenieur (1962). Volume 74, Nummers 1-26. p.172.
  4. PRO FS Lely brochure, juni 2010. p.29
  5. Jan H. Maas (1994) De Nederlandse agrosector: geografie en dynamiek p.177