Leopolddok

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Locatie

Het Leopolddok ligt ten noorden van Antwerpen in het havengebied. Dit dok, aangelegd in 1928, ligt in een oost-west-as en ligt evenwijdig met de twee zuidelijk gelegen dokken, het Vierde Havendok en het Vijfde Havendok. Het Leopolddok is 1.602 meter lang en 300 meter breed met een dokdiepte van 7,75 meter en 73,90 ha groot. Het dok was eerst Kanaaldok B genoemd vanaf 1930 en later genoemd, op 29 juli 1938 naar koning Leopold III van België.

Vanaf de oostkant van dit dok, nabij de zuidkant van de Wilmarsdonkbrug, begint de onpare zuidkantnummering van 207 tot 229. Op nº 207 was rond 1986 de burelen van de werkleider-dokmeesters en tevens de wachtkade voor stadssleepboten, die van hieruit directer naar de noordelijke dokken konden varen, om aldaar zeeschepen te assisteren, in plaats vanaf de oude "stal" aan Siberiabrug, kaai 63. Toen lagen er nog kleinere stadssleepboten voor assistentie in de oude dokken. Soms moesten ze ook nog binnenvaartsleepschepen (sleepkassen) van 1000 tot meer ton, verslepen naar hun bestemming. Die grote lichters hadden geen motor. Nu bestaat dit niet meer. De Sleepdienst is in 1988 volledig verhuisd naar nº 602, even voorbij Lillobrug in het Kanaaldok B2. Nu is het een bureau van Brabo-fendering, meren en ontmeren van zeeschepen. Van nº 209 en 211 is de vestiging Armement Deppe.

Vanaf kaainummer 213 tot 217 is het Antwerp Grain Works gevestigd en verderop nº 219 en 221 is het West Cott. concern gevestigd. Tussen de nummers 223 en 225 is het Lyke Bros. cy. gevestigd. Vanaf de hoek nº 229, naar en binnen de insteekdok, tot terug buiten de kade aan 239, hoek Hansadok en Vierde Havendok, ligt de grote vestiging van Scrabema waarvan aan kaai 239 de hoge silo's staan. Aan deze dokken komen middelmatige grote zeeschepen. Aan de kades 213 tot 217 werkten vroeger de stads-graanzuigers aan de Antwerp Grain Works vestiging. Daar lagen de binnenschepen tot 12 lengtes breed naast de graanzuiger hun beurt af te wachten, om geladen te worden. Daar deed men ook de graanoverslag.

Aan de noordkant van het Leopolddok zijn de paar nummers vanaf 206, noordkant Wilmarsdonkbrug, tot de hoekkaai 230 en begin Kanaaldok B1. Vanaf de nummering 212 tot 218 lag Het Agence Maritime Internationale (A.M.I.) en van nº 220 tot 224 was daar de Compagnie Maritime Belge (C.M.B.). Hier lagen de Belgische passagiersschepen, met o.a. de "Leopoldville" en de "Boudewijnville", die passagiers en kolonialen, van en naar het toenmalige Belgisch-Congo voeren. Vanuit de nog bestaande aankomst- en vertrekhal op de bovenste verdieping, scheepten de reizigers in, over een hoge brede gangway naar het schip. Bij vertrek of aankomst stonden hier massa's mensen hun dierbaren uit te wuiven of te verwelkomen. De toenmalige autobusdiensten van lijn 31, reden constant af en aan naar Antwerpen. Weer anderen werden gebracht of afgehaald per auto of taxi. Ook aan de Scheldekaden meerden toen de 'Congoboten' en passagiersschepen af. Nu is dit allemaal voorbij in het Leopolddok. Alhoewel aan de Scheldekaden nog buitenlandse super-luxeschepen aankomen, vooral Amerikaanse- en andere buitenlandse passagiers, die voor enkele dagen onze stad bezoeken.

Op nº 226 en 228 is de firma Vloeberghs vertegenwoordigd. Vanaf de hoek 230 begin Kanaaldok B1 begint de Stocatra.