Lijst van burgemeesters van Den Haag

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Wapen van de Gemeente Den Haag

Dit is een lijst van burgemeesters van de Nederlandse gemeente Den Haag in de provincie Zuid-Holland.

1559 tot 1591[bewerken]

Op 16 november 1559 verleent koning Filips II aan Den Haag octrooi om twee burgemeesters te hebben. Instelling op 28 april 1587 van de “Sociëteit der Hoge Collegiën en van der Hage”. Dit was één van de twee bestuurscolleges die Den Haag bestuurden, want naast het bestuur van het dorp werd een deel van het grondgebied (Binnenhof en omgeving) door de Staten van Holland bestuurd. Zij hadden elk een stem bij de benoemingen van de Haagse burgemeesters.

1591 tot 1795[bewerken]

Op 21 januari 1591 verlenen de Staten van Holland octrooi aan Den Haag om drie burgemeesters te mogen hebben.

1795 tot 1816[bewerken]

De Bataafse Republiek schaft het driehoofdige burgemeesterschap af, vanaf 1795 wordt Den Haag door één burgemeester bestuurd. Er zijn perioden dat er geheel geen (waarnemend-) burgemeester is. Het ambt van maire en adjunct-maire ontstaat. Zij voeren gezamenlijk de burgemeesterstaken uit. die Op 10 juni 1802 wordt de “Sociëteit der Hoge Collegiën en van der Hage” opgeheven.

1816 tot 1824[bewerken]

In 1815 wordt besloten dat den Haag vanaf 1816 voortaan vier burgemeesters heeft.[1]

Ambtsperiode Naam burgemeester Partij of stroming Bijzonderheden
1816 - 1822 jhr. mr. Gerlach Johan Herbert van der Heim president-burgemeester in 1816, 1817 en 1819
1816 - 1824 mr. Willem 't Hoen president-burgemeester in 1820, 1821 en 1822, na 1824 wethouder
1816 - 1824 mr. Adriaan Bachman na 1824 wethouder
1816 - 1816 jhr. Theodoor Jan Roest van Alkemade[2]
1816 - 1822 mr. Cornelis Emilius van Doeveren president-burgemeester in 1818
1822 - 1824 mr. Jacob Carel van de Kasteele na 1824 wethouder
1822 - 1824 mr. Johan Antoni Schiefbaan president-burgemeester in 1823 en 1824, na 1824 wethouder

Vanaf 1824[bewerken]

In 1824 wordt besloten dat Den Haag per datzelfde jaar voortaan één burgemeester zou hebben.[3]

Ambtsperiode Naam burgemeester Partij of stroming Bijzonderheden
1824 - 1842 L.C.R. Copes van Cattenburch
1843 - 1858 Jhr. G.L.H. Hooft
1858 - 1882 Jhr. F.G.A. Gevers Deynoot
1882 - 1887 J.G. Patijn Liberaal
1887 - 1897 A.J. Roest Liberaal
1897 - 1898 Jhr. B.Ph. de Beaufort
1898 - 1904 J.S. baron van Harinxma thoe Slooten
1904 - 1911 E.C. baron Sweerts de Landas Wyborgh ARP
1911 J.C. Jansen (waarnemend)
1911 - 1918 Jhr. H.A. van Karnebeek
1918 - 1930 J.A.N. Patijn
1930 - 1934 Jhr. L.H.N. Bosch ridder van Rosenthal CHU
1934 - 1940 S.J.R. de Monchy Liberaal
1940 - 1942 C.L. van der Bilt Liberale Staatspartij (waarnemend)
1942 - 1945 H. Westra NSB
1945 Henri van Maasdijk NSB
1945 - 1946 S.J.R. de Monchy Liberaal
1947 - 1949 W.A.J. Visser CHU
1949 - 1956 F.M.A. Schokking CHU
1957 - 1968 H.A.M.T. Kolfschoten KVP
1968 - 1975 V.G.M. (Vic) Marijnen KVP
1975 - 1985 F.G.L.L. (Frans) Schols KVP/CDA
1985 - 1996 A.J.E. (Ad) Havermans CDA
1996 - 2008 W.J. (Wim) Deetman CDA
2008 (januari-april) J. (Jetta) Klijnsma PvdA (waarnemend)
2008 - heden J.J. (Jozias) van Aartsen VVD

Burgemeestersportretten[bewerken]

Aantekeningen[bewerken]

  1. Koninklijk Besluit van 5 november 1815, No 57, getiteld “Reglement voor de Regering der stad 's-Gravenhage”
  2. Roest van Alkemade per 2 januari 1816 benoemd tot burgmeester van Den Haag, feitelijk functioneer hij niet als zodanig, vanwege zijn bezwaren wordt hem per 12 januari 1816 weer ontslag verleend
  3. Koninklijk Besluit van 4 januari 1824, No 108, van kracht per 8 maart van dat jaar

Bronnen[bewerken]