Limburgs volkslied

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Melodie van het Limburgs volkslied

Limburg mijn Vaderland is het officiële Limburgse volkslied, geschreven door onderwijzer Gerard Krekelberg in 1909. De melodie is gecomponeerd door Hendrik (Henri) Tijssen uit Roermond.

Het lied wordt tegenwoordig gezien als volkslied van zowel Nederlands- als Belgisch-Limburg al wordt het laatste couplet (vooral) in België nooit gezongen. Het laatste couplet dateert waarschijnlijk uit 1939 en is door dirigent Snackers van het Roermonds mannenkoor toegevoegd.

Geschiedenis[bewerken]

Het lied is ontstaan op 31 januari 1909 en bestond in 2009 dus precies 100 jaar. Het bronsgroen eikenhout waarover Gerard Krekelberg dichtte, waren de (nu verdwenen) eikenbomen rond het kasteel Borgitter in Kessenich. Dit kasteel ligt op de oever van de Itterbeek op de grens met de dorpskom van het Nederlandse Neeritter.

In de dagelijkse realiteit van (vooral Nederlands-) Limburg rond 1900 speelde het Nederlands geen rol van betekenis. In het openbaar werd vooral Limburgs gesproken; kranten verschenen ook in het Duits. Bovendien was in sommige delen van Limburg Duits ook de taal in kerk en onderwijs, terwijl Maastricht in deze tijd nog steeds nauw verbonden was met het Franstalige Luikse land. Het gedicht van Krekelberg werd dan ook doelbewust gebruikt om Limburg als een deel van Nederland te portretteren. Dat blijkt uit het gebruik van het Nederlands in plaats van het Limburgs. Ook de uit 1939 daterende toevoeging met de aanhankelijkheidsverklaring aan het Huis van Oranje wil Limburg nadrukkelijk als een deel van Nederland presenteren.

Het lied werd spoedig populair, zowel in Nederlands- als Belgisch-Limburg, en geldt tegenwoordig als "volkslied" van beide Limburgen. In België worden enkel de eerste drie strofen gezongen, doorgaans door jeugdbewegingen, studentenverenigingen en op manifestaties. In Nederland is het volkslied vooral populair bij de mannenkoren. Het ligt voor de hand dat de vierde strofe in België "vergeten" wordt. Later is door Piet Zeegers uit Posterholt een Limburgstalige versie van het lied gemaakt. Deze versie is niet eenvoudigweg een vertaling, maar omvat een wezenlijke verandering van de tekst.

Tekst[bewerken]

Bij officiële gelegenheden wordt alleen het eerste couplet (de vetgedrukte tekst) gezongen.

Waar in ’t bronsgroen eikenhout, ’t nachtegaaltje zingt.
Over 't malse korenveld, ’t lied des leeuweriks klinkt.
Waar de hoorn des herders schalt, langs der beekjes boord.
Daar is mijn vaderland, Limburgs dierbaar oord!
(2×)

Waar de brede stroom der Maas, statig zeewaarts vloeit.
Weelderig sappig veldgewas, kostelijk groeit en bloeit.
Bloemengaard en beemd en bos, overheerlijk gloort.
Daar is mijn vaderland, Limburgs dierbaar oord! (2×)

Waar der vaaderen schone taal klinkt met heldere kracht.
Waar men kloek en fier van aard, vreemde praal veracht.
Eigen zeden, eigen schoon ’t hart des volks bekoort.
Daar is mijn vaderland, Limburgs dierbaar oord! (2×)

Waar aan ’t oud Oranjehuis, ’t volk blijft hou en trouw.
Met ons roemrijk Nederland, één in vreugd en rouw.
Trouw aan plicht en trouw aan God, heerst van zuid tot noord.
Daar is mijn vaderland, Limburgs dierbaar oord! (2×)

Wetenswaardigheden[bewerken]

  • Vaak wordt op de tweede tel van maat 19 een kwartnoot D gezongen in plaats van de door de componist geschreven achtste noten D en C. Daarmee wordt de relatief moeilijk te zingen septiemsprong vervangen door een gemakkelijkere sext.
  • Het lied werd opgenomen in de populaire liedbundel Kun je nog zingen, zing dan mee.
  • In 2009 verscheen er een boek met de titel Waar in 't bronsgroen eikenhout, over de geschiedenis van het lied. Daarbij hoort een cd met 10 verschillende uitvoeringen ervan. Van het Koninklijk Roermonds Mannenkoor, Ummer d'rneaver, Joost Meys, Noël Reynders, Willy Claes Quartet, Koninklijke harmonie Peer, Orkest Jeugd en muziek, Sjeng Kraft & Jaap Menten, Paul Steegmans. ISBN 978-90-78407-43-0.
  • Naast het Limburgs volkslied wordt Harry Bordons Wie sjoeën ós Limburg is vaak gezien als het tweede volkslied van de provincie Limburg.

Externe links[bewerken]

Wikisource Bronnen die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina Limburg mijn Vaderland op Wikisource