Linotype

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Linotype zetmachine
Toetsenbord van een Linotype zetmachine
Linotype regel
Afgietsel

De Linotype is een zetmachine. In één machine zijn de functies van zetten en gieten verenigd.

De Linotype werd ontwikkeld in de V.S. door de Duitse immigrant Ottmar Mergenthaler. De machine werd vanaf 1886 geproduceerd. De Linotype werd vooral gebruikt voor het zetten van tekst voor kranten en tijdschriften. De Linotype werd ook wel gebruikt bij het vervaardigen van boeken. Een bijna identieke gietmachine is de Intertype.

Beschrijving[bewerken]

Op een Linotype wordt de tekst met behulp van een toetsenbord ingevoerd. Bij het aanslaan van een toets valt een matrijs met een letterteken uit een magazijn in een houder. Spaties vallen vanuit een ander kanaal tussen de woorden. Dit kunnen vaste spaties zijn, maar ook wig-spaties, die voor het gieten de regel afsluiten, en samen zorgen voor een uitgevulde regel. Als de regel (line) vol is wordt deze gegoten: zo ontstaat een hele zetregel uit één stuk metaal, dat na gebruik kan worden omgesmolten en opnieuw gegoten.

Zetmachines leverden een grote tijdsbesparing op in vergelijking met het handmatige letterzetten. Bovendien werden er telkens nieuwe letters gegoten, zodat geen slijtage ontstond zoals bij herhaaldelijk gebruik van handletters.

Bij Linotype is de gieter ook degene die de tekst uittikt. Dit handwerk is een rem op de productiviteit. De machine kan veel meer gieten dan er ingetikt kan worden. Daarom werd er in de jaren 60-70 van de twintigste eeuw een papierband-systeem ontwikkeld, waarbij de band later de gietmachine als een automaat ging besturen. Net zoals dat al veel langer het geval was bij de Monotype-zetsel-gietmachines.

Met de opkomst van de fotografische zettechniek verdwenen in Europa de hete-lood-zetmachines uit de drukkerijen. Grafische musea herbergen nog zetmachines, maar daarnaast bewaren 'private presses' door heel Europa en Amerika typografische machines, en proberen ze in bedrijf te houden.

Het letterontwerp van Linotype[bewerken]

Op een linotype-matrijs staat naast het "romein" ook de "cursief" van het teken. Een cursief kon worden gegoten door de matrijs in een iets hogere positie te brengen.

Als gevolg hiervan moeten de cursieven altijd even breed zijn als de romeinen. Wat voor letterontwerpen een groot nadeel is, óf de romein is lelijk, óf de cursief is zeer gekunsteld.

Bij het concurrerende Monotype-zet-systeem, was dit niet nodig. Daar werden letters los van elkaar gegoten, en bijgevolg had de ontwerper veel meer vrijheid wat betreft de breedte van het cursieve teken. Die was onafhankelijk van de romein.

Andere regelzetmachines[bewerken]

Andere typen regelzetmachines zijn:

Deze twee machines hebben een toetsenbord dat zorgt voor de volgorde van de letter in de regel.
De Typograph was een in Duitsland geproduceerde machine die door Linotype uitgekocht werd. Op dezelfde manier werd ook de Monoline door Linotype uit de markt gehaald. Deze aanvankelijk veelbelovende machines verdwenen van de markt. Zo heeft Linotype de meeste concurrentie effectief kunnen uitschakelen.
regels in 6 tot 72 punt mogelijk, matrijzen werden met de hand in een zethaak gezet, en daarna werd een regel gegoten.
  • de A.P.L, of All Purpose Linotype,
Dit is een Ludlow-kloon geproduceerd door Linotype. Ook hier regels tot 72 punt, met de hand worden de matrijzen in een zethaak gezet, waarna de regel wordt gegoten.

Deze laatste twee machines werden veel voor koppen gebruikt, maar ook voor teksten in kleine corpsen.

Na het aflopen van de Linotype-patenten werd onder de naam Intertype een 'Linotype-kloon' uitgebracht. Dat leidde tot een jarenlange juridische strijd, die door Linotype in de rechtszaal werd verloren. Daarnaast zijn er in het voormalige Oostblok diverse Linotype-klonen geproduceerd.

Verdere historie[bewerken]

De firma Linotype, inmiddels producent van fotozetmachines, fuseerde in 1989 met de Duitse scannerbouwer Hell. De combinatie werd rond de eeuwwisseling overgenomen door drukpersenbouwer Heidelberger Druckmaschinen AG, maar overleefde dat niet lang. Reeds na enige jaren werd de afdeling opgeheven. Van Linotype resteert nog wel de omvangrijke lettertypenbibliotheek (genoemd naar Mergenthaler).

De rechten op die bibliotheek zijn enkel jaren geleden opgekocht door Monotype Inc.

Zie ook[bewerken]