Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Lodewijk Antoon van Enghien (Chantilly, 1772-Vincennes, 21 maart 1804), in het Frans Louis Antoine Henri de Bourbon-Condé, duc d'Enghien genoemd, was het enige kind van Lodewijk VI van Bourbon-Condé en van Mathildis van Orléans. Hij werd bij zijn geboorte hertog van Enghien, in opvolging van zijn vader.
Bij het uitbreken van de Franse Revolutie vluchtte hij met zijn vader en grootvader om aan de Rijn een leger te vormen. Lodewijk vestigde zich in Ettenheim in Baden en huwde er met Charlotte van Rohan-Rochefort. Er werd hier een royalistisch complot gesmeed, waarvan vermoed werd dat Lodewijk de spil was. Napoleon liet Lodewijk ontvoeren en liet hem in 1804 ombrengen in Vincennes.