Lodewijk René Eduard de Rohan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Lodewijk René Eduard,
Prins en Kardinaal de Rohan-Guemenée
Cardinal Rohan2.jpg
Kardinaal van de Katholieke Kerk
Wapen kardinaal
Ambt bisschop van Straatsburg,
Grand aumônier de France
Creatie
Gecreëerd door Pius VI
Consistorie 1 juni 1778
Portaal  Portaalicoon   Christendom

Lodewijk René Eduard Kardinaal de Rohan (Frans: Louis René Édouard, Cardinal de Rohan), prins van Guéméné (Parijs, 25 september 1734Ettenheim, 17 februari 1803) was kardinaal en prins-bisschop van Straatsburg van 1779 tot 1803.

Biografie[bewerken]

Hij studeerde canoniek en civiel recht in het Collège du Plessis, en in 1743 werd hij kanunnik te Straatsburg. In 1759 verkiest het kapittel Lodewijk tot de nieuwe bisschop. Hij wordt door Christophe de Beaumont tot bisschop gewijd, en is titulair bisschop van Canopus.

Van 1772 tot 1774 was Lodewijk de Rohan ambassadeur in Wenen, maar werd op aandringen van keizerin Maria Theresia teruggeroepen, vanwege zijn weinig stichtelijke levenswijze en omdat hij geruchten over haar dochter Marie-Antoinette verspreidde. In 1761 wordt hij lid van de Académie française.

Terug in Parijs, waar hij niet met open armen werd ontvangen, kon men vanwege zijn familienaam niet om hem heen en in 1777 werd hij benoemd tot grootaalmoezenier. In 1778 werd hij door paus Pius VI tot kardinaal en Groot aalmoezenier benoemd en een jaar later volgde hij zijn oom Lodewijk Caesar Constantijn van Rohan-Guéméné op als bisschop van Straatsburg, een ambt dat al sinds 1704 door leden van de familie Rohan werd bekleed. Hij werd in 1779 tevens abt van Noirmoutier en La Chaise-Dieu.

Als kardinaal probeerde hij in de gunst te komen van koningin Marie-Antoinette. Dit leidde tot de diamanten halssnoer-affaire, een van de aanleidingen van de Franse Revolutie. Hiervoor werd hij door het parlement van Parijs vrijgesproken, mede door zijn populariteit onder het volk, maar hij moest het ambt van grootaalmoezenier neerleggen en zich terugtrekken in de abdij van Chaise-Dieu.

Al snel mocht hij weer terugkeren naar Straatsburg en in 1789 werd hij door de Eerste Stand (geestelijkheid) gekozen in de Staten-Generaal. In eerste instantie weigerde hij, maar toen de Staten-Generaal veranderden in de Nationale Vergadering accepteerde hij alsnog. Bij de vrede van Lunéville in 1801 verloor hij het Franse gedeelte van zijn bisdom, bij de secularisatie in de Reichsdeputationshauptschluss in 1803 verloor hij de wereldlijke macht over het Duitse gedeelte.

Ettenheim[bewerken]

Hij weigerde echter in 1791 trouw te zweren aan de nieuwe grondwet en trok zich terug in Ettenheim, het Duitse deel van zijn aartsbisdom. Hier bleef hij uit de greep van de revolutionairen, die "Kardinaal Collier" nog lang niet waren vergeten. De eens zo machtige prins-kardinaal Lodewijk van Rohan stierf in 1803 in een eenvoudig huis.[1] De griep werd hem fataal en hij werd bijgezet in de St. Bartholomäuskerk van Ettenheim. In deze kerk staat nog steeds zijn troon, met wapenschild. De kardinaal beïnvloedde de culturele ontwikkeling van deze stad.[2] Zijn laatste levensjaren in Ettenheim vormde een schril contrast met de luxe en praal van het Franse Hof en het Aartsbisschoppelijke Hof van Straatsburg. Er werd een straat naar de kardinaal vernoemd.

Bronnen, noten en/of referenties