Lodewijk V Jozef van Bourbon-Condé
| Lodewijk V Jozef van Bourbon-Condé | ||
| 1736-1818 | ||
| Hertog van Enghien | ||
| Periode | 1736-1740 | |
| Voorganger | Lodewijk IV Hendrik | |
| Opvolger | Lodewijk VI Hendrik | |
| Prins van Condé | ||
| Periode | 1740-1818 | |
| Voorganger | Lodewijk IV Hendrik | |
| Opvolger | Lodewijk VI | |
| Hertog van Guise | ||
| Periode | 1740-1789 | |
| Voorganger | Lodewijk IV Hendrik | |
| Opvolger | Lodewijk VI Hendrik | |
| Vader | Lodewijk VI Hendrik | |
| Moeder | Carolina van Hessen-Rheinfels-Rotenburg | |
Lodewijk V Jozef van Bourbon-Condé (Parijs, 9 augustus 1736 - Chantilly, 13 mei 1818) was de enige zoon van Lodewijk IV van Bourbon-Condé en van Carolina van Hessen-Rheinfels-Rotenburg.
Hij volgde in 1740 zijn overleden vader op als prins van Condé. Aan het Franse hof oefende hij een belangrijke functie uit als hoofd van het Huis van de Koning. Lodewijk Jozef was tevens gouverneur van Bourgondië en generaal in het Franse leger.
Alhoewel hij bekendstond als liberaal, diende hij tijdens de Franse Revolutie het land te ontvluchten. Lodewijk Hendrik vormde een leger aan de Rijn onder Oostenrijks gezag. Na het verdrag van Campo-Formio van 1797, kwamen zijn troepen onder Russisch gezag. Na een aantal nederlagen ging hij in 1800 in ballingschap in Engeland. In 1814 kwam Lodewijk Jozef terug in Frankrijk en werd hij nog grootmeester van het Huis van Lodewijk XVIII.
Lodewijk Jozef was gehuwd met:
- Charlotte van Rohan-Soubise (1737-1760)
- Maria Catharina van Brignole (1737-1813), uit de echt gescheiden van Honoré III van Monaco,
en werd de vader van:
- Lodewijk VI Hendrik (1756-1830)
- Maria (1756-1759)
- Louise (1757-1824), abdis van Remiremont en van de Temple.