Lodewijk XVI van Frankrijk

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Lodewijk XVI
1754-1793
Louis XVI door Antoine-François Callet in 1788
Koning van Frankrijk
Periode 1774-1792
Voorganger Lodewijk XV
Opvolger Nationale Conventie
(titulair Lodewijk XVII)
Vader Lodewijk Ferdinand van Frankrijk
Moeder Maria Josepha van Saksen
Dynastie Bourbon

Lodewijk XVI August van Frankrijk (Versailles, 23 augustus 1754Parijs, 21 januari 1793) was van 1774 tot 1792 koning van Frankrijk. Lodewijk was de oudere broer van twee andere Franse koningen. Zijn jongere broer Lodewijk Stanislaus werd in 1814 koning van Frankrijk als Lodewijk XVIII. Zijn andere broer, Karel Filips, werd na de dood van Lodewijk Stanislaus in 1824 koning van Frankrijk als Karel X. Hij was een telg uit het huis Bourbon.

[bewerken] Jonge jaren

De toekomstige Lodewijk XVI werd geboren als Lodewijk-August in het Kasteel van Versailles op 23 augustus 1754, als zoon van de Franse erfgenaam, de Dauphin Lodewijk Ferdinand. Lodewijk Ferdinand was de enige zoon van koning Lodewijk XV en diens vrouw koningin Maria Leszczyńska. Lodewijk XVI's vader stierf op de leeftijd van 35 jaar en werd nooit koning van Frankrijk. Lodewijks moeder was Maria-Josepha van Saksen, de tweede vrouw van Lodewijk Ferdinand en dochter van Frederik Augustus II van Saksen, Keurvorst van Saksen en Koning van Polen als August III.

Lodewijk had geen gemakkelijke jeugd. Zijn ouders negeerden hem voor het grootste gedeelte en gaven de meeste aandacht aan Lodewijks oudere en knappere broer Louis Joseph Xavier, de hertog van Bourgondië. Echter stierf zijn oudere broer op 10 jarige leeftijd in 1761. Het verdriet dat zijn ouders hadden was erg groot. En ze vonden het beide erg moeilijk om na de dood van Louis Joseph Xavier de aandacht en liefde te geven die hij nodig had. Hij was een sterke en gezonde jongen, maar hij was wel erg verlegen, hij groeide op als een slimme jongen. Hij blonk vooral uit in vakken zoals Latijn, geschiedenis, geografie en astronomie. En hij kon naast Frans ook vloeiend Italiaans en Engels spreken. Ook had hij veel interesse in het maken van sloten, ging hij graag jagen met zijn grootvader, Koning Lodewijk XV. En speelde hij graag met zijn jongere broers, Louis-Stanislas, de hertog van Provence en Charles Philippe, de hertog van Artois.

Toen zijn vader stierf aan tuberculose op 20 december 1765, werd de elfjarige Lodewijk August de nieuwe dauphin van Frankrijk. Zijn moeder, die de dood van haar man nooit heeft kunnen verwerken, overleed ook aan tuberculose op 13 maart 1767. Lodewijk August en zijn twee jongere broers en twee jongere zusjes bleven achter als weeskinderen. Hij kreeg een strakke en zeer conservatieve opvoeding van Paul François de Quelen de la Vauguyon. Deze man werd gouverneur des Enfants de France (gouverneur van de kinderen van Frankrijk). Paul François de Quelen was Lodewijks leraar vanaf 1760 tot aan zijn huwelijk in 1770. Hoe goed de bedoelingen van Paul François de Quelen ook waren, zijn lessen en opvoeding bereidden Lodewijk August niet voor op de taak die hij erfde in 1774 bij het overlijden van zijn grootvader. Lodewijks jongere zusjes waren: madame Marie-Clothilde en madame Elisabeth. Marie-Clothilde werd de vrouw van koning Karel Emanuel IV van Sardinië.

[bewerken] Huwelijk en kinderen

Op 16 mei 1770 trouwde de vijftien jarige Lodewijk August met de veertienjarige Oostenrijkse aartshertogin Maria Antonia van Habsburg-Lotharingen, die na haar huwelijk beter bekend werd als Marie-Antoinette. Zij was de jongste dochter van keizer Frans I Stefanus van het Heilige Roomse Rijk en diens vrouw keizerin Maria Theresia van Oostenrijk. Het huwelijk werd aanvankelijk beminnelijk maar er was wel grote afstand tussen de twee echtlieden. De dauphin schreef aan Lodewijk XV in 1772 dat hij "van de Dauphine zijn vrouw had gemaakt", maar ze bleven kinderloos. Marie-Antoinette leed daar erg onder. Het koppel werd steeds closer en ze kregen uiteindelijk een zeer goede band. Uit het huwelijk werden vier kinderen geboren. Het eerste kind, een dochter, werd geboren vier jaar nadat Lodewijk en Marie-Antoinette koning en koningin werden.

Zijn grootvader, koning Lodewijk XV, werd plotseling ziek op 27 april 1774. Op 4 mei werd de maîtresse van de koning, Madame du Barry, weggestuurd van Versailles. En uiteindelijk op 10 mei 1774 rond drie uur in de middag stierf de 64 jaar oude koning aan de pokken, waarna Louis Auguste koning werd op negentien jarige leeftijd als Lodewijk XVI (Louis XVI, in het Frans: Louis Seize). Zijn jongere broer, Lodewijk Stanislaus, werd de erfgenaam van Franse troon tot de geboorte van Lodewijks oudste zoon in 1781. Op 11 juni 1775 werd Lodewijk in de Kathedraal van Reims gezalfd en gekroond. Zijn vrouw werd niet gekroond, maar stond wel heel de dienst aan zijn zijde.

[bewerken] Revolutie

Onder zijn voorgangers Lodewijk XIV en XV was de staatsschuld snel opgelopen en de bevolking sterk gegroeid. Lodewijk XVI was een vriendelijke, aarzelende en niet al te intelligente man, maar toch ook ambitieus, in die zin dat hij het welzijn van zijn volk wilde bevorderen. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Lodewijk XIV, de verpersoonlijking van het absolutisme, zag hij wel in dat rigoureuze hervormingen noodzakelijk waren, zoals in de decennia daarvoor al door talloze was bepleit, onder meer door de grote denkers van de Verlichting. Niet alleen moest de economie er weer bovenop geholpen worden, ook de vrijheid en rechtsgelijkheid van de gewone burgers moesten worden bevorderd.

Koning Lodewijk XVI

De zeer slechte winter van 1788-1789 veroorzaakte een grote hongersnood in het land. Ook de oogsten van 1789 waren slecht, dus een nieuwe hongersnood werd gevreesd. Op 5 oktober van dat jaar werd er een mars gehouden vanuit Parijs om "de bakker, de bakkersvrouw en het bakkerszoontje" op te halen en naar Parijs te brengen. Bedoeld werd dat ze de koninklijke familie in Parijs wilde hebben. Ze gingen er vanuit dat als de koning in de stad was, er zeker geen hongersnood zou zijn. Bij het paleis aangekomen werd de zeer explosieve situatie gesust door de Markies De la Fayette (aanvoerder van de garde) en de groep besloot zich terug te trekken voor de nacht. Midden in de nacht kwam de groep toch weer terug en bestormde het paleis via een open gelaten hek. Er zijn aanwijzingen dat de Hertog van Orleans, Filips van Orléans (1747-1793), neef van de koning, maar diens grote vijand, voor de bestorming en het openlaten van het hek, verantwoordelijk was.

De groep drong het paleis binnen en moordde de Zwitserse garde uit. Doel was de koningin, Marie Antoinette, te doden. Die wist, doordat de garde de meute lang genoeg heeft opgehouden, te ontsnappen. De gebeurtenissen volgden elkaar snel op en de volgende dag verliet de familie en het hele hof het Kasteel van Versailles. Ze namen toen hun intrek in het Tuilerieënpaleis in Parijs.

Geen van de ministers van financiën bereikte veel. Dit was vooral een gevolg van tegenwerking door de adel en ook de koningin zelf, die in tegenstelling tot haar echtgenoot gehaat werd door het volk. Na de onlusten in de zomer van 1789 volgden grote politieke veranderingen (zie Franse Revolutie), die Lodewijk en zeker zijn vrouw veel te ver gingen. Veel edelen hadden hierna Frankrijk verlaten en in de winter van 1790-91 vatte Lodewijk hetzelfde plan op. Hij wilde vanuit het buitenland met een betrouwbaar leger naar Parijs marcheren, waarin hij gesteund werd door de Oostenrijkse keizer. Een belangrijke factor was overigens het overlijden in april 1791 van de graaf de Mirabeau, die de koning in het zadel wilde houden, maar dan als hoofd van een constitutionele monarchie. In juni van dat jaar vluchtten Lodewijk en zijn familie incognito, maar bij de plaats Varennes-en-Argonne werden ze op de 21e ontmaskerd, waarmee hij alle sympathie van het volk verspeelde.

Op 10 augustus 1792 werden de Tuilerieën bestormd en geplunderd, waarna hij en zijn familie in het oude kasteel de Temple gevangen werden gezet. In december van dat jaar moest hij zich voor de Nationale Conventie verantwoorden voor zijn daden. Bij deze gelegenheid werd hij door de van gelijkheid bezeten revolutionairen overigens aangeduid als "burger Louis Capet" (naar zijn afstamming van Hugo Capet). Op 16 en 17 januari 1793 stemde de Conventie vóór de doodstraf (met overigens een kleine meerderheid van maar 10 stemmen), die op de 21e op de Place de la Révolution (tegenwoordig Place de la Concorde) voltrokken werd met de guillotine. Marie-Antoinette onderging op 16 oktober hetzelfde lot.

Er waren tot voor kort maar weinig feitelijke gegevens bekend over deze door de Revolutie overschaduwde figuur. Primair bronmateriaal is nauwelijks voorhanden. Tijdens de chaos die ontstond na de bestorming van de Bastille (14 juli 1789) werden de koninklijke paleizen geplunderd. Daarbij zijn grote delen van de correspondentie, persoonlijke aantekeningen en dagboeken van Lodewijk XVI verloren gegaan.

Voorganger:
Lodewijk Ferdinand
Dauphin van Frankrijk
1765-1774
Opvolger:
Lodewijk Jozef

 
Persoonlijke instellingen
Boek maken