Lodewijk van Meißen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Lodewijk van Meißen
1340-1382
Aartsbisschop van Mainz
Periode 1373-1381
Voorganger Johan van Luxemburg-Ligny
Opvolger Adolf van Nassau
Aartsbisschop van Maagdenburg
Periode 1381-1382
Voorganger Peter Gelyto
Opvolger Frederik II van Hoym
Vader Frederik II van Meißen
Moeder Mathilde van Beieren

Lodewijk van Meißen (25 februari 1340 - Magdeburg?, 17 februari 1382) was de vierde zoon van Frederik II van Meißen en van Mathilde van Beieren. Al op zijn 17de wordt hij bisschop van Halberstadt (1357–1366). Vervolgens werd hij aartsbisschop van Bamberg (1366–1374), van Mainz (1373–1381) en ten slotte van Maagdenburg (1381–1382).

Na de dood van Johan van Luxemburg-Ligny in 1373 koos een deel van het kapittel van Mainz de 20-jarige bisschop van Speyer, Adolf van Nassau tot administrator van het aartsbisdom. Paus Gregorius XI benoemde echter op vraag van de keizer Karel IV Lodewijk van Meißen tot aartsbisschop. Dit leidde tot jarenlange vijandelijkheden die vooral in Thüringen en in Eichsfeld uitgevochten werden. Daarbij kozen de keizer, zijn zoon Wenceslaus, de drie markgraven van Meißen (de broers van Lodewijk) en landgraaf Hendrik II van Hessen de kant van Lodewijk. Adolf van Nassau werd op zijn beurt gesteund door hertog Otto VI van Brunswijk-Göttingen, graaf Johan van Nassau, graaf Hendrik VI van Waldeck en graaf Godfried IX van Ziegenhain. Doordat geen van beide rivalen de bovenhand kon halen, leidde dit tot een splitsing van de aartsbisschoppelijke zetel van Mainz. Pas na de dood van paus Gregorius XI in 1378 komt het tot de eenmaking van het aartsbisdom Mainz. Tegenpaus Clemens VII bevestigde Adolf van Nassau in 1379 als aartsbisschop van Mainz en stelde hem in 1380 aan tot administrator von Speyer. Als ook koning Wenceslaus Adolf erkent, doet Lodewijk afstand van Mainz. Daarop benoemde paus Urbanus VI hem tot aartsbisschop van Maagdenburg. Hij overleed kort daarop.