Luchtcomponent van Defensie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Luchtcomponent van de Belgische Strijdkrachten
Kenmerk (roundel) van de Luchtcomponent.
Kenmerk (roundel) van de Luchtcomponent.
Land Vlag van België België
Oprichting 1909
Leiding
Bevelhebber Generaal-Majoor Vlieger Frederik Vansina
Slagkracht
Troepensterkte* 8600
Defensie van België
Vlag van België

Instanties
Federale Overheidsdienst Defensie

Departementen
Budget en financiën
Imago en public relations
De algemene inspectiedienst
Material resources
Strategie
Human resources
Inlichtingen en veiligheid
Juridische steun en bemiddeling
Operaties en training
Vorming

Componenten
Landcomponent
Luchtcomponent
Marinecomponent
Medische component

Functies
Minister van Landsverdediging
De Chef Defensie
Secretaris generaal

De Luchtcomponent is de Belgische Koninklijke Luchtmacht, en de benaming voor een deel van de Belgische Defensie.

Geschiedenis[bewerken]

Het eerste Belgische luchtschip, de Belgique.

De Luchtcomponent, een onderdeel van de Belgische strijdkrachten begon als onderdeel van de genie in 1887 als Compagnie des Ouvriers du Génie, wat later werd hernoemd in Compagnie des Ouvriers et d'Aérostiers du Génie. Dit legeronderdeel hield zich voornamelijk bezig met het gebruik van luchtballonnen. In 1909 raakte generaal Joseph Hellebaut, toenmalig minister van oorlog, overtuigd van het nut van vliegtuigen. Hij besloot enkele militairen een vliegcursus te laten volgen. Op 15 september kocht Clément de Saint Marq, bevelhebber van Compagnie des Ouvriers et d'Aérostiers du Génie, het eerste vliegtuig voor dit legeronderdeel via de vliegschool van Jules de Laminne. Bij Jules de Laminne werden ook de verdere vliegeniers opgeleid. Op 1 mei 1911 startte het leger zijn eigen vliegschool te Brasschaat.

Een Henri Farman-Jero HF.3 op het vliegveld te Brasschaat.

Op 16 april 1913 kregen de militaire vliegers hun eigen legeronderdeel, Compagnie d'Aviateurs. Toen België bij de Eerste Wereldoorlog werd betrokken, bestond het onderdeel uit vier escadrilles, uitgerust met diverse typen Farman-Jero-machines en één vrijwilligersescadrille met pioniers als Jan Olieslagers en Jules Tyck. De Compagnie werd in maart 1915 omgedoopt tot: Militair Vliegwezen; het was toen uitgebreid tot 6 squadrons. De Spad was een van de gebruikte toestellen.

Vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog bestond het Militaire Vliegwezen uit drie actieve Luchtmachtregimenten, met in gebruik:


Gedurende de Tweede Wereldoorlog was het Militaire Vliegwezen actief als Belgische Luchtvaartsectie binnen de Royal Air Force.

Belgische piloten die sneuvelden bij de aanvallen op de bruggen van Vroenhoven en Veldwezelt op 11 mei 1940
Een Belgische F-84F op de Vliegbasis Kleine-Brogel.

Mettertijd werden de jachtvliegtuigen vervangen door meer moderne vliegtuigen zoals de Republic F-84 Thunderstreak, CF 100 Canuck, Hawker Hunter, Lockheed F-104 Starfighter, Fouga Magister, Alpha Jet, Mirage 5 en tenslotte de huidige Lockheed Martin F-16 Fighting Falcon. In juli 2008 werden zestien overtollige F-16 Fighting Falcons verkocht aan Jordanië. Ook de transport- en trainingsquadrons hebben eenzelfde ontwikkeling ondergaan, maar met een kleiner aantal vliegtuigtypen.

Bij de invoering van de eenheidsstructuur op 2 januari 2002 is de naam gewijzigd in "Luchtcomponent". De eenheidsstructuur had tot gevolg dat de machten (Landmacht, Luchtmacht, ...) als zelfstandige macht verdwenen en er een eenheidscommando werd opgericht met, momenteel, aan het hoofd Generaal-Majoor Vlieger Frederik Vansina die Claude Van de Voorde opvolgde.

Een direct gevolg voor de Luchtcomponent was dat VS1 (Hoofdkwartier Luchtmacht) en HK TAF (Hoofdkwartier Tactische Luchtmacht) verdwenen. Ook bracht dit de sluiting van verschillende eenheden met zich mee (20 W Sp, 21 & 22 Log W ... : Evere Noord). De vele honderden personeelsleden werden overgeplaatst. Meestal bleven ze in het Brusselse tewerkgesteld.

Tegenwoordig zijn ook de Agusta A109 helikopters overgeheveld van de Landcomponent naar de Luchtcomponent. Ook het 80 UAV Sqn met B-HUNTERS (basis in Florennes) behoren tot de Luchtcomponent.

Bevelhebbers van de Belgische Luchtmacht[bewerken]

De collectie voormalige vliegtuigen van het Koninklijk Museum van het Leger en de Krijgsgeschiedenis in Brussel.


Luchtmachtbases[bewerken]

Een F-16 op de startbaan in Kleine-Brogel.

De Luchtcomponent heeft na de hervorming van 2009 twee Air Combat Units, de 2e Tactische Wing op Vliegbasis Florennes en de 10e Tactische Wing op Vliegbasis Kleine-Brogel. Daarnaast zijn er de Air Support Units met de 15e Wing Luchttransport op Vliegbasis Melsbroek, de Heli Wing op Vliegbasis Bevekom, de Search And Rescue en maritieme eenheid op Vliegbasis Koksijde en een smaldeel UAV tevens gevestigd op Vliegbasis Florennes. Opleiding en Meteo Wing bevinden zich in Bevekom, COMOPSAIR in het hoofdkwartier in Evere. Op het Vliegveld Goetsenhoven, Vliegbasis Jehonville en Vliegveld Weelde worden kadetten opgeleid met zweefvliegtuigen. Hun hoofdkwartier ligt in Goetsenhoven. Op de Vliegbasis Bierset zijn helikopters van de landmacht gelegerd. Het nieuw voorziene kader bestaat uit 5725 voltijdse equivalenten.

Benelux-samenwerking[bewerken]

Naar analogie van de succesvolle Benelux-samenwerking bij de Zeestrijdkrachten (BeNeSam) hebben de regeringen van de Beneluxlanden het plan opgevat om te streven naar samenwerking op het gebied van Luchtstrijdkrachten[1]. Hiertoe zijn inmiddels de eerste contrete stappen ondernomen:

  • Op 23 oktober 2013 is door de Belgische en Nederlandse door de ministers van defensie een "Letter of Intent" ondertekend met betrekking tot het gezamelijk uitvoeren van de "Air policing" (Luchtruimbewaking) Naar verwachting is het conceptverdrag eind 2014 gereed en kan het in het eerste kwartaal van 2015 aan de parlementen van de Beneluxlanden worden voorgelegd ter ratificatie. Het streven is de samenwerking in 2016 te laten ingaan.
  • In oktober 2013 hebben de Belgische en Nederlandse luchtmachtcommandanten een overeenkomst getekend over een uitwisselingsprogramma voor vliegers en over de inrichting van een "Belgian-Netherlands Coordination Cell" (BENECC) om de training en operationele inzet van de helikoptereenheden te coördineren. Beide landen houden reeds gezamenlijke oefeningen. Ook is begonnen met de uitwisseling van leerlingen bij de opleiding van gevechtsleiders. De gezamenlijke training op en het gezamenlijke onderhoud van de NH-90-helikopter worden verder uitgewerkt. Op 3 februari 2014 is op de Vliegbasis Woensdrecht de "Binationale Logistieke Cel NH-90" (BNLC) opgericht, waarmee Nederland en België streven naar zo laag mogelijke kosten van de instandhouding van de NH-90. Het gezamelijke streven is om in de toekomst te komen tot een gezamenlijk helikoptercommando (Benelux Helikoptercommando).
  • Momenteel (november 2014) wordt een studie uitgevoerd naar een gezamenlijke opleidingseenheid voor overlevingstechnieken voor de bemanningen van vliegtuigen. Aanvankelijk zal de eenheid onder binationaal commando staan, op termijn komt er een gezamenlijk commando.


Op een bijeenkomst georganiseerd door de Vrije Universiteit Brussel in februari 2014 heeft de Nederlands Commandant Luchtstrijdkrachten generaal Alexander Schnitger en Belgische Bevelhebber van Luchtcomponent generaal Claude Van de Voorde te kennen gegeven dat de drie Beneluxlanden streven naar vergaande militaire samenwerking op het gebied van de luchtmachten van de drie landen. De Nederlandse generaal Schnitger riep hierbij op om binnen een decennium te komen tot een "volledig geïntegreerde Benelux-luchtmacht". Er wordt momenteel (2014) bestudeerd naar integratie van de "air force survival"-scholen, helikopter commandos and luchttransport eenheden.

Materiaal[bewerken]

Gevechtsvliegtuigen:

Transport vliegtuigen:

  • Airbus A321: 1x (geleased, ter vervanging van A330)
  • Airbus A400M Atlas: 7x (besteld, levering vanaf 2018)
  • Embraer ERJ: 135 2x
  • Embraer ERJ: 145 2x
  • Lockheed C-130 Hercules: 10x
  • Falcon 20E-5: 2x
  • Falcon 900B: 1x

Lesvliegtuig:

  • Aermacchi SF.260: 32x
  • SABCA Alpha Jet: 29x

Helikopters:

  • Westland Sea King: 4x
  • Aérospatiale SA 316 Alouette III: 3x
  • Agusta A109: 20x
  • NHI NH90: 8x

UAV's:

  • RQ-5 Hunter: 13x

Totaal aantal toestellen: 194

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties

Externe link[bewerken]