Lucifer (vuur)
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Een lucifer is een klein houtje met een ontvlambare kop, waarmee vuur gemaakt kan worden.
Inhoud |
[bewerk] Geschiedenis
De Chinezen vonden niet alleen het buskruit maar ook de lucifer uit. Volgens een tekst uit 950 n. Chr. werden staafjes dennenhout met zwavel geïmpregneerd. De uitvinding van deze 'lichtbrengende staaf' dateert uit het jaar 577 n. Chr. De veiligheidslucifer (säkerhets tändstickor) werd in 1844 uitgevonden door de Zweedse chemicus Gustaf Erik Pasch. Aan deze uitvinding gingen vooraf: de strijklucifer met witte fosfor, en daarvoor nog de dompellucifer van de Fransman J. Chancel.
[bewerk] Samenstelling
De samenstelling van de ontvlambare kop is in de loop der tijd veranderd.
- Dompellucifers bevatten onder meer zwavel en kaliumchloraat; door de lucifer in zwavelzuur te dompelen ontbrandde deze spontaan.
- De (onveilige) strijklucifer bevatte onder meer witte fosfor, zodat strijken langs een ruw vlak al voldoende was voor ontbranding.
- Veiligheidslucifers werken door de reactie tussen zwavel en kaliumchloraat.
- Moderne, milieuvriendelijke lucifers bevatten geen zwavel meer, maar een ijzer-fosforverbinding die ontleedt tot ijzeroxide en fosfaat.
Vroeger werd de steel van lucifers gemaakt van dennenhout, tegenwoordig van populierenhout. Andere materialen, zoals karton en opgerolde wasplaatjes, komen ook voor.
[bewerk] Verpakking
In Europa worden lucifers meestal geleverd als houten stokjes in een doosje. Aan weerszijden van het doosje bevindt zich een strijkvlak. In Amerika is deze uitvoering onbekend: men ziet er kartonnen lucifers die uit een boekje moeten worden gescheurd. Zo'n boekje is vaak voorzien van reclame - er staat zelfs reclame op de lucifers zelf, zolang ze niet zijn uitgescheurd.
[bewerk] Etymologie
In Groot-Brittannië werden lucifers in het begin van de 19e eeuw op de markt gebracht onder de naam lucifer matches. De Nederlandse benaming is hiervan afgeleid. Oude Nederlandse woorden voor lucifer zijn vuurstokje en zwavelstokje.

