M3 Half-Track

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
M3 Half-Track Car
M3 Halftrack.jpg
Soort
Bemanning 3+10 passagiers
Lengte 6,18 m
Breedte 2,22 m
Hoogte 2,26 m
Gewicht 9,3 ton
Pantser en bewapening
Pantser 6-12 mm
Hoofdbewapening 1x .50cal Browning M2
Secundaire bewapening 2x .30cal M1919A4 machingeweer
Motor 110 kW (147 PK)
Snelheid (op wegen) 64 km/u
Rijbereik 320 km

De M3 Half-Track Car was een pantserwagen (half-track, voor normale wielen, achter rupsbanden) die gebruikt werd door de Verenigde Staten tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Geschiedenis[bewerken]

M3 Half-Track

In de jaren dertig had het Amerikaanse leger enkele half-tracks van Citroën-Kégresse getest. De resultaten waren positief. De White Motor Company produceerde een prototype op basis van het chassis en de bepantsering van de M3 Scout Car. In 1938 was het eerste prototype voltooid en in 1940 definitief goedgekeurd door het leger. Onder de naam M2 Half-Track Car werd het voertuig in gebruik genomen.

De M3 was een modernere versie van de M2 Half-Track Car. De M3 was ongeveer 25 centimeter langer, had een capaciteit van 13 passagiers, inclusief de bestuurder, en een achterdeur. Er was plaats voor drie personen in het bestuurdersgedeelte en tien in het laadruim. De cabine was open, rondom voorzien van een 6 mm dik pantser, en ook de voorruit en de radiateur konden met speciale platen worden afgeschermd. Aan de voorzijde was het voertuig uitgerust met een roller of een lier.

Alle voertuigen zijn voorzien van een White 160AX motor. Deze 6-cilinder benzinemotor leverde een vermogen van 147 pk bij 3.000 toeren per minuut. De brandstoftanks hadden een capaciteit van bijna 230 liter hetgeen het voertuig een bereik gaf van circa 320 kilometer[1].

In totaal zijn er tijdens de Tweede Wereldoorlog ruim 40.000 exemplaren, in diverse varianten, geproduceerd. Autocar en Diamond T zijn ook bij de productie van deze voertuigen ingeschakeld.

International Harvester produceerde ook voertuigen (M5 en M5A1) die uiterlijk identiek waren aan de M3 en de M3A1, maar uitgerust met een andere motor, de IHC RED-450-B benzinemotor met een vermogen van 143 pk, aandrijflijn en elektrisch systeem. De M5 had ook een dikker pantser van 7,9mm. De M5 werd vooral aan de geallieerde partners geleverd onder de Amerikaanse Leen- en pachtwet[2]. International Harvester fabriceerde in totaal circa 7.500 voertuigen.

Varianten[bewerken]

Allen waren variaties op het basisontwerp, maar op details aangepast voor de speficieke militaire functie.

Gepantserd infanterietransportvoertuig[bewerken]

M3A1 was gelijk aan de M3, maar had een extra Browning M2 met kaliber .50 (12,7mm) machinegeweer gemonteerd boven de zitplaats van de bijrijder.

Gemechaniseerde artillerie[bewerken]

81-mm Mortar Carrier M4/M4A1 was uitgerust met een 81-mm mortier M1. De bemanning bestond uit acht personenen, waarvan drie in het bestuurdersgedeelte konden plaatsnemen. Elk voertuig was voorzien van een Browning M2 met kaliber .50 machinegeweer. Voor de bediening van het mortier was er een extra achterdeur en twee zijdeuren geïnstalleerd. De benzinetanks waren aan de achterzijde van het voertuig geplaatst. Het mortier kon - indien noodzakelijk - vanuit het voertuig worden afgevuurd. De vuursnelheid lag op maximaal 30-35 granaten per minuut, maar 18 granaten per minuut was de normale snelheid. Het maximale bereik van de granaten lag op circa 3.000 meter.

M3 Gun Motor Carriage (GMC)

75-mm Gun Motor Carriage M3/M3A1 was voorzien van een 75-mm kanon. Het kanon en bemanning werden beschermd door pantserplaten die met het kanon meebewogen. De bemanning bestond uit vijf personen; voor twee personen was plaats in het bestuurdersgedeelte. De benzinetanks waren aan de achterzijde van het voertuig geplaatst. Het 75-mm kanon M1897A4 kon normaal 3 schoten per minuut afvuren, maar in geval van nood kon dit voor korte tijd worden verdubbeld. Het kanon was naar voren gericht, maar kon 21 graden naar links en rechts worden gedraaid.

75-mm Howitser Motor Carriage T30 was vergelijkbaar met het hierboven beschreven voertuig, maar nu voorzien van een houwitser. De vuursnelheid lag op zes schoten per minuut. Het belangrijkste verschil met het 75-mm kanon is de veel lagere aanvangssnelheid van het projectiel.

105-mm Howitser Motor Carriage T19 was bijna identiek aan de T30, met als belangrijkste verschil het zwaardere kaliber van de houwitser M2A1. De bemanning bestond uit zes personen. Per minuut konden vier schoten worden afgevuurd. Het gewicht van het projectiel was ruim tweemaal zo zwaar in vergelijking tot die van de 75-mm houwitser.

Gemechaniseerd Luchtafweergeschut[bewerken]

MGMC M16

Multiple Gun Motor Carriage M13 was uitgerust met een elektrisch aangedreven geschutskoepel. In het voertuig was een extra 1 cilinder benzinemotor geplaatst voor een generator die de stroom leverde. De bewapening bestaat uit twee Browning M2 met kaliber .50 machinegeweren tegen lucht- en landdoelen. Per minuut konden 400 tot 500 schoten worden gelost; het bereik lag op ongeveer 6.500 meter. De koepel kon een volledige cirkel draaien in ongeveer zes seconden. Het voertuig had neerklapbare panelen aan beide zijkanten en de achterkant. De benzinetanks waren tegen de achterzijde van het bestuurdersgedeelte geplaatst. De bemanning bestond uit vijf personen.

Multiple Gun Motor Carriage M15 had een handmatig aangedreven geschutskoepel die een volledige cirkel kon maken. De bewapening bestond uit een 37-mm automatisch kanon M1A2 en twee Browning M2 machinegeweren. Het kanon had een capaciteit van 120 schoten per minuut. Het voertuig bood plaats voor 240 37-mm granaten en 3.400 .50 patronen, genoeg voor zes minuten continue vuur tegen land- of luchtdoelen[3]. Tijdens het rijden lag de loop van het kanon op een steun die direct achter het bestuurdersgedeelte was geplaatst, bovenop de benzinetanks. De bemanning bestond uit zeven personen. De eerste 600 exemplaren werden in mei 1942 geleverd, gevolgd door een tweede order van 1.652 stuks geproduceerd tussen oktober 1943 en februari 1944[3]. De voertuigen van de tweede order kregen de typeaanduiding M15A1. Het enige verschil tussen beide versies was de opstelling van de wapens; bij de M15 liggen de twee machinegeweren boven het kanon en bij de M15A1 eronder.

Multiple Gun Motor Carriage M16 was identiek aan de M13, maar nu bewapend met vier machinegeweren. De bemanning bestond uit vijf personen. White Motor Company startte de productie in mei 1943 en tot maart 1944 werden 2.877 voertuigen geproduceerd. White heeft ook nog eens 677 M13 voertuigen verbouwd tot de M16 en een andere fabrikant, Diebold, ook nog eens 60. De totale productie van de M16 kwam daarmee uit op 3.614 eenheden[4]. Het voertuig is op alle strijdtonelen ingezet en zijn tot ver na de Tweede Wereldoorlog in dienst gebleven bij het Amerikaanse leger. Pas in 1958 werden de voertuigen van de sterkte afgevoerd[4].

Andere gebruikers[bewerken]

In en na de Tweede Wereldoorlog zijn deze voertuigen ook gebruikt door België, Nederland, Frankrijk, Duitsland, Engeland, Rusland en Israel. In Nederland werd de M3 gebruikt bij de cavalerie als personeelsvoertuig, als mortierdrager en als gereedschapswagen voor de eskadronsonderhoudgroep. Tot ongeveer 1965 zijn de voertuigen bij de cavalerie in gebruik geweest.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Naslagwerk[bewerken]

  • (en) Half-Track - A history of American semi-tracked vehicles, 2001, Auteur: R.P. Hunnicutt, Uitgeverij: Ballantine Books, ISBN 978-0-307-75506-3.
Bronnen, noten en/of referenties
  1. (en) , Technisch handboek TM 9-710, United States Department of War, February 1944 Geraadpleegd op 2010-10-15.
  2. (en) Standard Catalog of U.S. Military Vehicles, auteur: Thomas Brendt, uitgever Krause Publications, 1993, blz 147
  3. a b (en) The Complete Guide to Tanks, auteurs: George Forty en Jack Livesey, 2006, blz 346
  4. a b (en) The Complete Guide to Tanks, auteurs: George Forty en Jack Livesey, 2006, blz 347