M8 Greyhound

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
M8 Greyhound
M8 zijaanzicht
M8 zijaanzicht
Soort
Bemanning 4
Lengte 5 m
Breedte 2,54 m
Hoogte 2,64 m
Gewicht 7,8 ton
Pantser en bewapening
Pantser tot 19 mm
Hoofdbewapening 37 mm kanon M6
Secundaire bewapening .30 and .50 machinegeweer
Motor Hercules JXD 6-cilinder benzinemotor
Snelheid (op wegen) 90 km/u
Rijbereik 640 km

De M8 Greyhound (Greyhound betekent windhond) was een 6x6 pantserwagen geproduceerd door Ford tijdens de Tweede Wereldoorlog.

M8[bewerken]

De M8 was een lichte pantserwagen uitgerust met een M6 37mm kanon en een of twee machinegeweren[1]. De bewapening was centraal opgesteld en de motor achterin geplaatst. Hij werd tot het einde van de oorlog door Amerikaanse en Britse troepen gebruikt in Europa en het Verre Oosten. Het voertuig werd veel geëxporteerd en is nog steeds in dienst in sommige Derde Wereldlanden. Het was ook de enige lichte pantserwagen die het Amerikaanse leger heeft ingezet in de Tweede Wereldoorlog.

De Greyhound kwam in serieproductie in maart 1943 en toen de productie in 1945 eindigde waren er 8.634 gebouwd. Hij werd voor het eerst gebruikt in Italië in 1943 en het Amerikaanse leger gebruikte hem zowel in Europa als het verre Oosten. Er werden er meer dan 1.000 aan Groot-Brittannië, Frankrijk en Brazilië gegeven via de Lend-Lease Act. Het voertuig werd snel, betrouwbaar genoeg en genoeg bewapend en bepantserd bevonden voor verkenningsmissies. In 1943 ging het Amerikaanse leger al op zoek naar opvolgers voor de Greyhound. Hiervan werden ook prototypes gebouwd die beter waren dan de M8 maar deze waren niet meer nodig. De Greyhound werd nog gebruikt in de Koreaanse Oorlog en daarna uit dienst genomen. Veel voertuigen werden echter naar NAVO bondgenoten en derdewereldlanden verscheept waar ze tot op de dag van vandaag nog in gebruik zijn.

M20[bewerken]

M20 gepantserd personeelsvoertuig

De M20 is een variant van de M8 en werd ontwikkeld als commandowagen en personeelsvoertuig. De eerste exemplaren werden vanaf medio 1943 afgeleverd. Aan het eind van de oorlog waren er 3.791 van gemaakt.
Het belangrijkste verschil met de M8 is het ontbreken van het kanon. De M20 had als hoofdbewapening een machinegeweer die op een ring bovenop het voertuig was geplaatst. Verder was er ruimte voor handgranaten, antitankmijnen en munitie. De motor was dezelfde als van de M8, een Hercules 6 cilinder benzinemotor met een cilinderinhoud van 5,25 liter. Het vermogen van 110 pk gaf het voertuig een topsnelheid van ongeveer 90 km/u en hellingen tot 30° waren geen probleem. Alle M20s waren uitgerust met een radio, maar de commandovoertuigen hadden een tweede radio met een groter bereik om communicatie met het verder naar achter gelegen hoofdkwartier mogelijk te maken. In het terrein was het voertuig minder mobiel ondanks de aandrijving op alle zes wielen en het ontbreken van een dak maakte de bemanning kwetsbaar voor vijandig vuur.

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. (en) The Complete Guide to Tanks, auteurs: George Forty en Jack Livesey, 2006, blz 343