Ma Mère l'Oye

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ma Mère L'Oye
Componist Maurice Ravel
Soort compositie piano/balletmuziek
Gecomponeerd voor piano quatre-mains/piano solo/orkest
Andere aanduiding Suite de Ballet
Compositiedatum 1911
Première 1911
Duur ca 30 minuten
Oeuvre Oeuvre van Maurice Ravel
Portaal  Portaalicoon   Klassieke muziek

Ma Mère l'Oye is een reeks van vijf stukken voor piano-vierhandig, gecomponeerd tussen 1908 en 1910 door de Franse componist Maurice Ravel.

Ravel schreef zijn 'suite', die voor een groot deel gebaseerd is op de Sprookjes van Moeder de Gans, voor de kinderen Jean en Mimie van zijn vrienden Ida en Cipa Godebski. In dit stuk laat Ravel duidelijk zien, zich volledig in de kinderziel te kunnen verplaatsen. Een prestatie voor iemand die altijd vrijgezel is gebleven en geen kinderen heeft gehad. Later zou hij dat nog eens doen toen hij L'Enfant et les sortilèges componeerde: naar eigen zeggen is dit zijn beste compositie.

In hetzelfde jaar (1910) zette Ravel de vierhandige stukken om voor solopiano ten behoeve van zijn vriend Jacques Charlot. Beide pianoversies dragen de subtitel "cinq pièces enfantines", met de volgende vijf delen:

  • Pavane de la Belle au bois dormant (Pavane van Doornroosje)
  • Petit Poucet (Klein Duimpje)
  • Laideronnette, Impératrice des pagodes (Laideronnette -lelijke heks-, Keizerin van de pagoden)
  • Les entretiens de la Belle et de la Bête (Gesprek tussen de Schone en het Beest)
  • Le jardin féerique (De toverachtige tuin)

Orkestbewerking[bewerken]

In 1911 orkestreerde Ravel het werk tot 'Suite de Concert'. Een jaar later zette hij dit om in een ballet - 'Suite de Ballet' waarbij hij het uitbreidde met twee delen en met verbindende 'interludes' tussen alle onderdelen. Als balletmuziek beleefde Ma Mère l'Oye zijn première op 29 januari 1912 in Parijs.
De orkestrale balletversie van Ma Mère l'Oye bestaat uit:

  • Prélude (voorspel)
  • Danse du Rouet et scène (Dans van het spinnewiel en scène)
  • Pavane de la Belle au bois dormant (Pavane van Doornroosje)
  • Les entretiens de la Belle et de la Bête (Gesprek tussen de Schone en het Beest)
  • Petit Poucet (Klein Duimpje)
  • Laideronnette, Impératrice des Pagodes (Laideronnette -lelijke heks-, Keizerin van de pagoden)
  • Le jardin féerique (De toverachtige tuin)

Sommige orkesten spelen alleen de orkestratie van de oorspronkelijke versie voor piano-vier handig. In andere uitvoeringen wordt soms de volgorde van de delen veranderd.

In totaal bestaan er dus drie door de componist zelf vervaardigde versies van Ma Mère l'Oye: een van vijf stukken voor piano-vierhandig, een orkestratie van deze stukken ('Suite de Concert') en een ('Suite de Ballet') van zeven stukken waarvan vijf reeds georkestreerde met twee geheel nieuwe zijn uitgebreid en met verbindende tussendelen ('interludes'). Er bestaat tevens een versie voor piano-solo (vijf stukken) die met toestemming van de componist werden bewerkt door een goede vriend en vervolgens door hem geautoriseerd zijn.

Externe link[bewerken]