Maarten Knottenbelt

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Geplaatst:
24-04-2015

Genomineerd: Verbetering nodig   Verbetering gevraagd!

Help mee dit artikel te verbeteren, zodat het voldoet aan de conventies van Wikipedia. Na een evaluatieperiode van twee weken wordt beslist of dit artikel behouden kan worden of wordt verwijderd. Je kunt hier de beoordelingslijst bekijken. De hiervoor opgegeven reden is: als ontvanger van de MWO wel E maar weer een hoop blabla niet-relevante informatie.

Verwijder dit sjabloon alleen wanneer dit artikel zodanig is verbeterd en aangepast dat het wel binnen Wikipedia past. Geef dit aan op de beoordelingslijst door het toevoegen van de reden. (/)

Maarten Knottenbelt

Maarten Jan Knottenbelt (Batavia, 3 december 1920Den Haag, 19 augustus 2004) was verzetsstrijder en militair tijdens de Tweede Wereldoorlog. Na de oorlog werd hij overtuigd pacifist.

Op het moment dat de Tweede Wereldoorlog uitbrak was Knottenbelt reserve eerste luitenant van het Wapen der Infanterie en studeerde hij aan de Universiteit van Oxford. Hij was volledig Engels opgevoed (kostschool Eton) en heeft zijn hele leven een licht Engels accent gehouden. In zijn omgangsvorm is hij steeds een erudiet en welbespraakt 'gentleman of leisure' gebleven. Hij heeft geen kinderen gehad. Hij was de oudste zoon van een gezin van vier. De familie was zeer gefortuneerd door de handel in suiker, waardoor hij zich over geldzaken weinig bekommernis hoefde te maken.

Militair[bewerken]

Commando[bewerken]

1942: Na de val van Frankrijk in juni 1940 besloot Winston Churchill tot oprichting van Commando’s. Op 22 maart 1942 vertrokken 8 officieren, 17 onderofficieren, 4 korporaals en 19 soldaten van de Prinses Irene Brigade naar Schotland om als vrijwilligers deel te nemen aan een commandotraining in het "Commando Basic Training Centre" in Achnacarry gelegen bij Spean Bridge in het westen van het Schotse Crampian gebergte. Het opleidingscentrum stond onder leiding van luitenant-kolonel Charles Edward Vaughan (1893-1968), OBE [1]. De opleiding werd door 25 man voltooid, die op 29 juni 1942 naar no.4 Commando in Troon werden overgeplaatst. Hier werd no.2 (Dutch) Troop gevormd. De eerste commandant werd 1e luitenant P.J. Mulders met als toegevoegde officieren de res. 2e luitenants J. Linzel, Maarten Knottenbelt en C.J.L. Ruysch van Dugteren.

Op 16 juli werden ze overgeplaatst naar Porthmadog in Noord-Wales waar zij bij no.10 (Inter Allied) Commando werden ingedeeld. Toen er enkele maanden later nog een groep opgeleide commando's bijkwam, waren ze klaar om uitgestuurd te worden. Op 6 december kwam Prins Bernhard naar Portmadog om hen een Nederlandse vlag te brengen.

1943: Op 31 mei 1943 verhuisden no.2 Dutch Troop en no.10 Commando naar Eastbourne, hun nieuwe thuisbasis. In oktober werden ze voor een training naar de bergen bij Braermar gestuurd, een dorp in Noord-Schotland. Op 11 december vertrok no.2 Dutch Troop, o.a. op verzoek van Prins Bernhard, met een Britse commandobrigade aan boord van de SS Streadhead uit Gourock. Ze kwamen 15 januari in Bombay aan. Bij Poona werd Dutch Troop in een tentenkamp ondergebracht.

Birma[bewerken]

Als eenheid werden ze niet ingezet, maar commando's werden apart ingezet bij Britse onderdelen. Zo werden vijf Nederlandse commando's geloot die naar Birma zouden gaan, Knottenbelt en Van der Veer van de 44ste en G. Ubels, Rudy Blatt en Koning van de 5de Marine Commando. Ubels kreeg onderweg malaria en werd in een hospitaal opgenomen, de ander vier commando's vervolgden hun weg. en vochten tegen de Jappen.

Londen[bewerken]

Linzel wilde met Dutch Troop terug naar Europa om tegen de Duitsers te vechten, en bepleitte dit o.a. bij Admiraal Mountbatten in Kandy op Ceylon. Op 18 juli 1944 werd Dutch Troop in Bombay ingescheept en naar Eastbourne teruggebracht. Dutch Troop werd ingezet voor Operatie Market Garden, en werd verspreid toegewezen aan de US Airborne Divisions en British Airborne Corps. Knottenbelt meldde zich ondertussen vrijwillig aan bij het Bureau Bijzondere Opdrachten. Een week voor Market Garden werd hij bij de Jedburghs gedetacheerd en toegevoegd aan Jedbugh-team Claude. Maarten Knottenbelt en Arnoldus Wolters, beiden verbonden aan de 1st Airborne Division, zochten vrijwilligers bij elkaar.

Droppings[bewerken]

17 september 1944[bewerken]

Knottenbelt werd op zondag 17 september, D-Day, in de buurt van Renkum gedropt in een zweefvliegtuig samen met Dutch Troop militairen M. van Barneveld, A.J.P. Beekmeier, korporaal A.H.T. 'Tom' Italiaander, sergeant W De Waard, en commando's Beekmeyer, Herman Gobetz, Gubbels, Helleman, Martien van Barneveld, J P H van der Meer, A. Wolters en August M. Bakhuis-Roozeboom, die gedood wordt. Bij de landing raakte Knottenbelt, die slechtziende is, zijn bril en reserve bril kwijt.

Knottenbelt en commando Van Barneveld staken in die tijd regelmatig de Rijn over om contact te maken met de in Driel, in de Betuwe, gelande Poolse parachutisten. Die konden zich, door hevige Duitse tegenstand, niet over de weg verplaatsen om de Britten te versterken aan de noordelijke Rijnoever, wat de geplande luchtlandingslocatie van de Polen was.

Toen de Duitsers steeds verder oprukten nam Knottenbelt het bevel op zich over een detachement van ongeveer 25 Britse militairen van de 'West Yorks' waarmee hij een voor het gevecht belangrijke huizengroep in Oosterbeek verdedigde. De Duitse bevelhebber werd door hem in een hinderlaag gedood in zijn dienstwagen. Zelf raakte Knottenbelt op 22 september 1944 bij een actie gewond. Hij zwom de Rijn over (waarna men de epaulet van de Duitse bevelhebber in zijn zak terugvond) en ontsnapte naar Londen.

7 november 1944[bewerken]

Knottenbelt, hersteld van zijn verwondingen, en A. van Creveld, voorheen bodyguard van prins Bernhard, werden vanuit Londen gedropt boven bevrijd Nederland. Daar vonden zij ruim 107 vrijwilligers die no.2 Dutch Troop wilden versterken, en namen hen via Oostende met de MS Lady of Man mee naar Southampton. Na een eerste opleiding in Petworth werden ze naar Schotland gebracht om de zware commando opleiding te krijgen. Slecht 70 rondden de opleiding met goed gevolg af en werden toegevoegd aan Dutch Troop in Eastbourne.

3 april 1945[bewerken]

Knottenbelt en Ruysch van Dugteren worden in de nacht van 3 op 4 april 1945 bij Heerde gedropt in de buurt van het Apeldoorns Kanaal om aldaar het verzet te helpen bij het opblazen van bruggen. Hij zou worden opgevangen door de gebroeders Van Apeldoorn (De Klok Zeepfabriek) uit het verzet, maar deze worden door een Duitse patrouille ontdekt. De Duitse patrouille vindt Knottenbelt, die zich onder een bosje heeft verstopt, niet. Als repercussie worden enkele burgers en boeren uit de omliggende huizen en boerderijen tegen de muur gezet; een houten kruis herinnert nog hieraan. Knottenbelt weet naar Barneveld te ontkomen, waar hij wordt opgevangen door verzetsstrijdster Willemine J. Looijen-Van der Woerd (1922) [bron?], die met haar moeder aan de Stationsweg in Barneveld woonde en in 2007 Ridder in de Orde van Oranje-Nassau werd. Na de oorlog bleef Knottenbelt contact met haar houden, vooral in de tijd dat hij in Lunteren woonde.

Knottenbelt werd op 10 juli 1946 eervol ontheven uit zijn functie en vervolgens op 1 oktober 1960 eervol ontslagen uit de militaire dienst.

Onderscheidingen[bewerken]

MWO.4

Knottenbelt ontving de Militaire Willems-Orde wegens het zich in de strijd onderscheiden hebben door uitstekende daden van moed, beleid en trouw tijdens de strijd tegen de Japanners in Birma in maart 1944, tijdens Operatie Market Garden (de landing bij Arnhem van de Britse Airborne Division in september 1944) en na per valscherm ingezet te zijn op 3 april 1945 in de omgeving van Barneveld als commandant van een ongeoefende afdeling Binnenlandse Strijdkrachten.

De uitreiking vond plaats op 7 okt 1948 op de Sonsbeekseweide in Arnhem. Koningin Juliana beëdigde haar moeder Prinses Wilhelmina en daarna respectievelijk oud-stuurman der koopvaardij Bartele Broer Bakker, Ritmeester der Cavalerie Garrelt van Borssum Buisman, Kolonel der Cavalerie Willem van Lanschot, Kapitein der Artillerie Hendrik Geert de Jonge, Maarten Knottenbelt, Cornelis Pieter van den Hoek, line-crosser Jan de Landgraaf en Gerrit Menne Hendrik Veeneklaas. Knottenbelt kwam pas na het begin van de ceremonie op de locatie aan (op het moment van de decoratie van Prinses Wilhelmina ontbrak hij). Hij werd door prins Bernhard alsnog aan het einde van de rij opgestelde te decoreren militairen opgesteld. Koningin Juliana liet hem bij de decoratie weten, dat zij dit gedrag ongepast vond.

Knottenbelt was erelid van de Commandovereniging Gelderland [2]

Pacifist[bewerken]

Na de oorlog ging Knottenbelt in Lunteren wonen. Hij werd overtuigd pacifist en hield tot in de tachtiger jaren lezingen om zijn denkbeelden te verspreiden [3]. Hij hoopte dat veel landen het voorbeeld van Japan zouden volgen en Artikel 9 van de Japanse Grondwet in hun eigen grondwet zouden opnemen.
Zijn laatste levensjaren woonde hij in Den Haag.

  • Artikel 9 van de Japanse grondwet: Aspiring sincerely to an international peace based on justice and order, the Japanese people forever renounce war as a sovereign right of the nation and the threat or use of force as means of settling international disputes.

Publicaties[bewerken]

Onder meer:

  • Article-9 of the Showa Constitution : points for discussion, 1982
  • On A-9 : limpid lemma A9-s nr. 4, 1988
Bronnen, noten en/of referenties
  1. Ch E Vaughan [1]
  2. Erelid Commandovereniging Gelderland [2]
  3. Zijn publicaties zijn in de New York Public Library [3] en de bibliotheek van het Vredespaleis [4]