Magnetic resonance imaging

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Magnetic resonance imaging (MRI) of kernspintomografie[1] is een vorm van medische beeldvorming. In de Belgische geneeskunde wordt dikwijls gesproken van NMR,[2][3][4] een afkorting van nuclear magnetic resonance (kernspinresonantie), naar het natuurkundige verschijnsel dat aan deze vorm van beeldvorming ten grondslag ligt. Bij magnetic resonance imaging wordt gebruikgemaakt van een MRI-scanner. In het artikel MRI-scanner worden de fysische en technische achtergronden beschreven. In dit artikel wordt beschreven op welke wijze artsen de techniek gebruiken in bijvoorbeeld de neurologie, bij inwendige ziekten en de orthopedie.

MRI kan voor soortgelijke doelen worden gebruikt als beeldvorming met röntgenstraling (met name tomografie), maar heeft het voordeel dat de radiogolven die voor MRI worden gebruikt niet schadelijk zijn voor het menselijk lichaam. Daar staat tegenover dat voor MRI een zeer sterk magnetisch veld nodig is. Hoewel dat bij gebruik van supergeleiding niet veel energie hoeft te vragen, maakt het een MRI-apparaat wel duur.

Enkele voorbeelden van toepassingen van MRI:

Onderzoek binnen de neurowetenschappen: Functionele MRI[bewerken]

Met functionele MRI (fMRI) is het mogelijk geworden te zien welke hersengedeelten tijdens een bepaalde activiteit meer zuurstof gebruiken. Dit wordt zowel in het biologische (medische) als in het psychologische onderzoek toegepast, en bepaalt daardoor mede de ontwikkeling van de psychologie, die tegenwoordig niet alleen een van de sociale wetenschappen, maar ook een van de neurowetenschappen geworden is.[5]

Nuvola single chevron right.svg Zie ook: Functionele MRI

Gezondheidszorg: neurologie[bewerken]

Parasagittale MRI van de hersenen

MRI en hoofdletsel[bewerken]

Röntgenstraling wordt geabsorbeerd door materialen. Ze kan dus verschil maken tussen bijvoorbeeld bot (bevat calcium) en lucht in de longen. MRI kan verschil maken tussen weke delen en is daardoor effectiever bij de meeste aandoeningen, maar niet bij botafwijkingen; voor een schedelbasisfractuur zal men een CT-scan met röntgenstraling maken, voor een hersenkneuzing een MRI.

MRI en Multipele sclerose[bewerken]

Bij multipele sclerose zijn met MRI diffuse witte vlekken te zien in hersenen en ruggenmerg. Hoewel andere ziekten, zoals de ziekte van Lyme hierop gelijkende beelden kunnen veroorzaken, is het meestal mogelijk met een combinatie van MRI en laboratorium de diagnose te stellen.

MRI en beroerte[bewerken]

Bij een recente beroerte maakt men in principe een CT-scan. Deze is altijd aanwezig en het scannen duurt korter, zodat men eventueel bij een niet bloederig herseninfarct kan overgaan tot openen van het bloedvat. Bij twijfel kan een MRI gemaakt worden, deze toont het infarct eerder dan de CT-scan en toont meer details.[6] Diffusion weighted imaging is bijna 100% sensitief op dit gebied. In het verdere verloop is een MRI een prima manier om het verloop te vervolgen. Ook kan een MRI worden ingezet om bij andere aandoeningen zoals de (ziekte van Parkinson of dementie een beroerte uit te sluiten. Met MR-angiografie (met contrastvloeistof) kan men de plek in de bloedvaten opsporen, waar de bloedproppen die de beroerte of de TIA veroorzaakten vandaan kwamen.

MRI en hersentumor[bewerken]

Vooral wanneer er tevens een contrastmiddel wordt toegediend is een tumor goed zichtbaar te maken met MRI. Andere MRI-technieken kunnen gebruikt worden om het gezwel nader te onderzoeken; MRI-spectroscopie bijvoorbeeld maakt de chemische samenstelling van het weefsel bekend.[7]

MRI en dementie[bewerken]

Nog niet zo lang geleden moest men gelaten afwachten, wat er stond te gebeuren als de eerste verschijnselen van dementie opgemerkt werden. Met behulp van onder andere MRI zijn de verschillende dementiesyndromen nu vroegtijdig te diagnosticeren, waardoor men er beter op in kan spelen. [8]

Inwendige organen[bewerken]

Hart en bloedvaten[bewerken]

Met behulp van MRI is de precieze grootte en plaats van een hartinfarct en zijn gevolgen goed af te beelden. De hartkleppen kunnen goed bestudeerd worden. Afwijkingen aan de grotere bloedvaten worden goed zichtbaar.

Maag, darm, lever[bewerken]

De dunne darm is niet te bereiken met endoscopie en maar moeizaam met röntgenonderzoek. Maar met behulp van MRI kan men de dunne darm goed onderzoeken om bijvoorbeeld de ziekte van Crohn op te sporen. Ook wordt MRI gebruikt om afbeeldingen te maken van lever of alvleesklier.

Nieren[bewerken]

Met behulp van MRI kan de ontwikkeling van cystenieren goed gevolgd worden. [9]

Orthopedie[bewerken]

MRI van een knie

Met een MRI kan een hernia zo goed zichtbaar gemaakt worden, dat gebleken is dat heel veel mensen er klachtenvrij mee rondlopen. Het is dan ook zaak niet te snel over te gaan tot onderzoek en behandeling. Met MRI zijn de weke delen (alles behalve bot) van gewrichten goed af te beelden, zoals

  • Schouder: de slijmbeurs en de spieren (biceps, supraspinatus en de andere cuffspieren) die in de knel kunnen komen.
  • Knie: meniscus, kruisbanden enzovoorts
  • Heup
  • Enkel

Total body scan[bewerken]

Commerciële bedrijven verkopen MRI-scans van het hele lichaam, zonder verwijzing door een arts.[10] Deze ontwikkeling staat haaks op de ontwikkelingen in de medische wereld, waar men steeds meer onderzoeken en behandelingen volgens richtlijnen handelt. De reden daarvoor is niet in de eerste plaats economisch. Bij elk onderzoek van gezonde mensen is de kans groot dat er iets onschuldigs gevonden wordt, terwijl de kans aanzienlijk is dat men, door dit te evalueren, schade toebrengt aan de patiënt.[bron?]

Achtergrond van de term[bewerken]

Natuurkundig berust magnetic resonance imaging op kernspinresonantie (nuclear magnetic resonance). Om publicitaire redenen worden termen waarin het woord "kern" (of "nuclear") voorkomt vermeden, omdat het publiek die al gauw met radioactiviteit associeert, een woord dat op zijn beurt met gevaarlijke straling en verwerpelijke oorlogsvoering in verband kan worden gebracht. Kernspinresonantie heeft echter niets met radioactiviteit te maken, en berust slechts op het feit dat alle atomen een kern hebben, en dat die kern een bepaalde "spin" heeft die als het ware kan omklappen in een magnetisch veld.

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Friedbichler, M., Friedbichler, I. & Eerenbeemt, A.M.M. van den (2009). Pinkhof Medisch Engels. Houten: Bohn Stafleu van Loghum.
  2. NMR-onderzoek - AZ Sint-Lucas
  3. NMR onderzoek - AZ Sint-Elisabeth Zottegem
  4. Informatiebrochure NMR - AZ Mol
  5. http://www.maastrichtuniversity.nl/web/Faculteiten/PsychologieEnNeurowetenschappen.htm
  6. [1]
  7. [2]
  8. Alzheimercentrum VU
  9. [3]
  10. "Check up: Total Body Scan of gewoon naar de huisarts?" NIVEL, 27 januari 2009