Mahabharata

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Manuscriptillustratie van de strijd op Kurukshetra
Krishna, Arjuna op het veld van Kurukshetra, 18–19e eeuwse schildering.

De Mahabharata (Devanagari: महाभारत, fonetisch Mahābhārata ), soms gewoon Bharata genoemd, is een zeer omvangrijk religieus en filosofisch epos uit India. Samen met de Ramayana vormt het een belangrijke culturele hoeksteen van het hindoeïsme. De Mahabharata is het op twee na grootste literaire werk van de wereld na het epos van koning Gesar en Manas en bestaat uit 18 delen (zogeheten parva's), die elk weer onderverdeeld zijn in kleinere delen. De titel (met de klemtoon op bha) is afgeleid van Maha (Sanskriet: groot) en Bharata (Sanskriet: India/wereld/alles). Mahabharata betekent dus zoiets als "Groot India" of "Gehele Wereld". Het werk is onderdeel van de zogenaamde Hindoe itihasa (letterlijk: dat wat gebeurd is) en bevat in zijn meest uitgebreide versie meer dan 100.000 verzen, waardoor het ongeveer vier keer zo lang is als de christelijke Bijbel en zeven keer zo lang als de Ilias en de Odyssee.

Inhoud

Betekenis[bewerken]

Met zijn enorme filosofische diepgang en grote reikwijdte vormt de Mahabharata als het ware de belichaming van zowel Groot India (en de wereld) als van haar rijke spirituele traditie. In zijn reikwijdte is de Mahabharata meer dan slechts een verhaal over koningen en prinsen, heiligen en wijzen, demonen en goden. Vyasa zegt dat de Mahabharata zich onder andere richt op het verklaren van de vier levensdoelen: kama (begeerte), artha (rijkdom), dharma (spirituele doel), moksha (bevrijding). Het verhaal komt tot zijn hoogtepunt in moksha, wat door velen in India en daarbuiten wordt gezien als het ultieme menselijke levensdoel. Karma en dharma spelen een integrale rol in de Mahabharata.

Achtergrond en geschiedenis[bewerken]

Volgens de overlevering werd het epos gedicteerd door de wijze Vyasa, die de strijd zelf mee zou hebben gemaakt en die zichzelf een plaats geeft als een van de grote dynastische personages in het epos. In het eerste deel van de Mahabharata wordt duidelijk gemaakt dat het Ganesh (de hindoegodheid met het hoofd van een olifant) was, die in opdracht van Vyasa het epos op schrift stelde. In het eerste millennium voor onze jaartelling werd de Mahabharata mondeling overgeleverd door reizende barden en priesters. Dit maakte het mogelijk dat voortdurend nieuwe verhalen konden worden ingevoegd en dat regionale varianten konden ontstaan. Het centrale verhaal bleef echter ongeveer hetzelfde. Rond 350 n.Chr. werd het voor het eerst in zijn geheel opgetekend in het Sanskriet. Na het jaar 1000 verschenen ook versies in vele andere talen van het Indiase subcontinent.

De huidige Mahabharata zou zijn voorafgegaan door een veel korter werk, dat Jaya (Overwinning) heet. Het dateren van de gebeurtenissen in het verhaal is moeilijk. Weinig mensen kunnen de gebeurtenissen op een betrouwbare wijze plaatsen in het India van rond 1500 v.Chr.. Er staan wel bijzondere astronomische gebeurtenissen (zoals verduisteringen) in de Mahabharata, die volgens sommige onderzoekers zouden kunnen wijzen op een datering rond 1478 v.Chr. óf 3100 v.Chr.

De Mahabharata, het epische verhaal[bewerken]

Het kernverhaal van de Mahabharata is de dynastische strijd om de troon van Hastinapura, het koninkrijk van de Kuru clan. Hastinapura en de aangrenzende koninkrijken liggen in de Doab, de regio van de rivieren de Boven Ganga (Ganges) en de Yamuna, ten noorden van het huidige Delhi. De twee takken van de familie die de strijd aangaan, zijn neven van elkaar. Het zijn de Kaurava's, de oudste tak in de familie en de Pandava's, de jongere tak. De Pandava's zijn de vijf zonen van koning Pandu en de Kaurava's zijn de honderd zonen van de blinde koning Dhritarashtra en koningin Gandhari. De vijf Pandava's zijn geen biologische zonen van Pandu, want die is vervloekt en mag geen seksuele gemeenschap hebben, op straffe van dood. Kunti, de echtgenote van Pandu, had echter in haar jeugd een mantra gekregen waarmee ze naar believen een god kon oproepen om een kind bij haar te verwekken. Die mantra gebruikte zij op verzoek van Pandu, tevens werd die mantra ook door Madri, de tweede vrouw van Pandu, gebruikt.

De strijd culmineert in de slag bij Kurukshetra en de Pandava's zijn de uiteindelijke overwinnaars. De Mahabharata eindigt met de opstijging van Krishna naar zijn eeuwige verblijfplaats en het daaropvolgende einde van de dynastie en het eenworden met God (moksha) van de Pandava broers. Sommige van de meest nobele en geachte personages vechten mee aan de kant van de Kaurava's vanwege de vóór het conflict aangegane allianties.

De Pandava's en de Kaurava's, die in historische tijden een strijd op leven en dood zouden hebben gevoerd met bijna volledige vernietiging, staan symbool voor de strijd tussen licht en duister, tussen Goden en Demonen en alle wezens die daarbij gedacht kunnen worden. Volgens esoterische opvattingen heeft de strijd alleen plaats binnen in de mens die tot inzicht en wijsheid komt en zich tracht los te maken van zijn egocentrische beperkingen.

Personages[bewerken]

Een lijst met beknopte beschrijvingen van de personages:

Aan de zijde van de Pandava's:

  • Yudhishtira, halfgod, de oudste Pandava, staat erom bekend dat hij niet kon liegen. Toch eenmaal in zijn leven vertelde hij aan Drona dat Ashwattaman (de Olifant) gedood was, waarbij hij het woord "de Olifant" fluisterde. Drona verstond dat niet en dacht dat zijn zoon Ashwattaman gedood was. Zijn strijdwagen, die tot dan te een handbreedte boven de grond had gezweefd, kwam daarop met een klap op de aarde terecht. Vanwege dat hij bewust zijn naam als altijd zijnde oprecht had misbruikt verloor hij zijn goddelijke status. Hij staat ook bekend als Dharmaputra, omdat hij een zoon was van sterfelijke Kunti door de genade van Dharma, de God van de Rechtvaardigheid, maar tevens als Dharmaraja of koning van de Rechtvaardigheid. Yudisthira staat ook bekend als de volmaaktheid van integriteit die ten val kwam vanwege een enkele terugval en als een denker of beschouwer.
  • Bhima, zoon van god Vayu (de Wind) en de sterfelijke Kunti; een van de Pandava broers wiens enorme kracht, grootte en gezagsgetrouwheid legendarisch zijn. Hij staat symbool voor energie: doorzettingsvermogen.
  • Arjuna, halfgod, zoon van Indra (Koning van de Goden) en de sterfelijke Kunti: een meesterlijke boogschutter. Hij staat symbool voor concentratie en het denken.
  • Nakula en Sahadeva halfgoden: tweelingzonen van de Ashwins (tweelinggoden) en de sterfelijke Madri. Ze staan symbool voor de eenheid in dualiteit en broederschap. Ze zijn als geduld en zwijgzaamheid.
  • Krishna goddelijk, incarnatie van Vishnu. Als Doryodhana en Arjuna beiden komen vragen om zijn steun in de oorlog, stelt Krishna hen voor een keuze: aan de ene kant zijn leger, met alle wapens, olifanten en strijdwagens, aan de andere kant zichzelf, alleen en ongewapend. Beiden kiezen naar eigen aard, Doryodhana het leger en de wapens, Arjuna kiest voor Krishna als zijn wagenmenner. Symbool dat het denken zich laat leiden door wijsheid.

Aan de zijde van de Kaurava's:

  • Bhisma, de grandioze held die zijn koninkrijk had opgegeven en het celibaat had omarmd omdat zijn vader verliefd was geworden op een vissersdochter, en die van de goden de zegening had ontvangen zijn eigen tijdstip van overlijden te mogen kiezen. Hij stierf uiteindelijk op een bed van pijlen neergelegd door zijn grootste vriend Arjuna, de Pandava broer wiens leger tegen de zijde van Bhisma had gevochten.
  • Duryodhana, de zoon van Dhritarastra de blinde koning, aanvoerder van de Kaurava's. Hij is de drijvende kracht achter de ontwikkelingen van de Mahabharata door zijn afgunst jegens de Pandava's.
  • Drona, de goeroe (leraar) van de zowel de Pandava's als de Kaurava's is geen Kshatriya maar een Brahmaan. Hoewel hij strijdt aan de kant van de Kaurava's ligt zijn sympathie (net als die van Bhishma) bij de Pandava's. Zijn liefde voor zijn zoon Ashwattaman doet hem uiteindelijk de das om.
  • Karna, de nobele strijder en stralende zoon van Surya, wiens enorme krachten hem tijdens de slag tekort schoten vanwege de twee vloeken die door zijn goeroe en een Heilige over hem waren afgeroepen. Hij werd door zijn moeder Kunti uit schaamte (want hij werd door Surya verwekt toen Kunti nog bij haar ouders woonde en ongetrouwd was) in een rieten mandje gelegd en aan de rivier overgelaten. Hij werd toen als vondeling opgevoed, kende zijn afkomst niet en sloot zich aan bij de Kaurava's. Karna is een halfbroer van de Pandava's.

Structuur[bewerken]

De Mahabharata is geschreven in achttien parva's (hoofdstukken of boeken):

  1. Adiparva - Inleiding, geboorte en opvoeding van de prinsen. (Adi = eerste).
  2. Sabhaparva - Leven aan het hof, het dobbelspel en de verbanning van de Pandava's. Maya Danava bouwt het paleis en het hof (sabha) in Indraprastha.
  3. Aranyakaparva (ook wel Vanaparva, Aranyaparva) - De twaalf jaar verbanning in het woud (aranya).
  4. Virataparva - Het jaar van verbanning doorgebracht aan het hof van Virata.
  5. Udyogaparva - Voorbereidingen voor de oorlog.
  6. Bhishmaparva - Het eerste deel van de grote slag, met Bhishma als aanvoerder van de Kaurava's. Onderdeel is de zogenaamde Bhagavad gita waarin verteld wordt wat Krishna, de mentor en wagenmenner van Arjuna, vóór de grote strijd tot Arjuna zegt.
  7. Dronaparva - De strijd gaat door, met Drona als aanvoerder.
  8. Karnaparva - Nogmaals de strijd, met Karna als aanvoerder.
  9. Shalyaparva - Laatste deel van de slag, met Shalya als aanvoerder.
  10. Sauptikaparva - Hoe Ashvattama en de overgebleven Kaurava's het leger van de Pandava's doden in hun slaap (Sauptika).
  11. Striparva - Gandhari en de andere vrouwen bewenen de doden (stri = vrouw).
  12. Shantiparva - De kroning van Yudhisthira, en zijn instructies van Bhishma (shanti = vrede).
  13. Anushasanaparva - De laatste instructies van Bhishma (anushasana = instructie).
  14. Ashvamedhikaparva - De koninklijke ceremonie van ashvameda geleid door Yudhisthira.
  15. Ashramavasikaparva - Dhritarashtra, Gandhari en Kunti vertrekken naar een ashram, en hun uiteindelijke dood in het woud.
  16. Mausalaparva - De onderlinge strijd tussen de Yadava's met staffen (mausala).
  17. Mahaprasthanikaparva - Eerste deel van de weg naar dood van Yudhisthira en zijn broers (mahaprasthana, de grote reis = de dood).
  18. Svargarohanaparva - De Pandava's keren terug naar de spirituele wereld (svarga = hemel).

Er bestaat ook nog een supplement van 16.375 verzen, de Harivamsaparva, dat speciaal gericht is op het leven van Krishna.

Verhalen[bewerken]

De belangrijkste werken en verhalen in de Mahabharata zijn de volgende. Ze worden apart gepresenteerd als zelfstandige werken.

  1. Bhagavad gita (Krishna geeft onderwijs en instructies aan Arjuna; Bhishmaparva)
  2. Nala (of Nala en Damayanti, een liefdesverhaal; Aranyakaparva)
  3. Krishnavatara (het verhaal van Krishna, de Krishna Leela, dat door veel van de hoofdstukken heen geweven is)
  4. Rama (een verkorte versie van de Ramayana; Aranyakaparva)
  5. Rishyasringa (ook geschreven als Rshyashrnga, de gehoornde jongen en rishi; Aranyakaparva)
  6. Vishnu sahasranama (de beroemdste hymne aan Vishnoe, die Zijn 1000 namen beschrijft; Anushasanaparva)

Gedurende de 20e eeuw hebben onderzoekers de vroegst bewaard gebleven exemplaren van de regionale varianten van het werk, gebruikt om een samengesteld referentiewerk te ontwikkelingen, dat bekendstaat als de Kritische Editie van de Mahabharata. Dit project werd voltooid in 1966 aan het Bhandarkar Oriental Research Institute in Poona (India).

Moderne Mahabharata[bewerken]

Van de Mahabharata wordt wel gezegd dat het de essentie vormt en de som vormt van de Veda's en andere Indiase geschriften. Ze bevat grote hoeveelheden ingevoegde mythologie, kosmologische verhalen van de goden en godinnen en filosofische parabels gericht aan studenten in de filosofie. De verhalen worden gewoonlijk aan kinderen verteld bij religieuze gelegenheden, maar ook gewoon thuis.

Eind jaren '80 werd de Mahabharata uitgezonden op de Indiase staatstelevisie. De uitzendingen waren zo populair dat de straten tijdens de uitzendingen uitgestorven waren en zelfs vergaderingen van het kabinet werden verplaatst om de ministers de kans te geven te kijken. Tegenwoordig zijn er talloze miniseries en stripboeken met het verhaal. Het epos werd ook diverse malen verfilmd. Voor westerlingen het meest toegankelijk is de vijf uur durende filmversie van Peter Brook uit 1989 (The Mahabharata).

Externe link[bewerken]

Wikisource Meer bronnen die bij dit onderwerp horen, kan men vinden op de pagina The Mahabharata, Book 1: Adi Parva op de Engelstalige versie van Wikisource