Margaretha II van Vlaanderen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Margaretha II van Vlaanderen
1202-1280
Margretha II van Vlaanderen op paard, fantasie afbeelding van Felix de Vigne uit 1849
Margretha II van Vlaanderen op paard, fantasie afbeelding van Felix de Vigne uit 1849
Gravin van Vlaanderen
Graaf van Zeeland
Periode 1244 - 1278
Voorganger Johanna van Constantinopel
Opvolger Gwijde van Dampierre
Gravin van Henegouwen
Periode 1244 - 1280
Voorganger Johanna van Constantinopel
Opvolger Jan I
Vader Boudewijn van Constantinopel
Moeder Maria van Champagne
Blason comte-des-Flandres.svg
Wapen van Margaretha.
Zegel van Margretha

Margaretha II van Vlaanderen, ook wel Margaretha van Constantinopel (ca. 2 juni 1202 - Gent, 10 februari 1280), was gravin van Vlaanderen van 1244 tot 1278 en als Margaretha I gravin van Henegouwen van 1244 tot 1280. Zij was de tweede dochter van graaf Boudewijn IX van het graafschap Vlaanderen en Henegouwen (VI), en Maria van Champagne. Haar vader werd in mei 1204 ook keizer van Constantinopel.

Na het overlijden van haar moeder (1204) en het verdwijnen van haar vader (april 1205) liet de Franse koning Filips Augustus haar met haar zuster Johanna in 1208 naar het hof in Parijs overbrengen om haar te onttrekken aan anti-Franse invloeden in Vlaanderen. Gedurende haar tijd in Parijs werd ze samen met haar zuster bekendgemaakt met de Cisterien orde, mogelijk mede door de invloed van Blanca van Castilië, de toekomstige Koningin-partner van Frankrijk[1]. Bij haar terugkeer in 1212 werd Margaretha toevertrouwd aan de Henegouwse ridder Burchard van Avesnes, met wie zij in hetzelfde jaar op tienjarige leeftijd trouwde. Na een klacht van gravin Johanna veroordeelde paus Innocentius III het huwelijk (Vierde Lateraans Concilie, 1215), en dit op grond van het feit dat Burchard subdiaken was gewijd en dus tot de geestelijke stand behoorde. Maar de echtelieden scheidden voorlopig nog niet. Margaretha en Burchard kregen de volgende kinderen:

  • Boudewijn (ovl. 1219)
  • Jan van Avesnes
  • Boudewijn (1219-1295), gehuwd met Felicitas van Coucy, dochter van Thomas van Coucy-Vervins.

Pas in 1222 verliet Margareta haar echtgenoot en trouwde in het najaar van 1223 met Willem van Dampierre, een ridder uit de Champagnestreek en een zoon van Gwijde II van Dampierre en Mathilde I van Bourbon, bij wie zij volgende kinderen had:

Vlaams-Henegouwse Successieoorlog[bewerken]

Toen Margareta haar kinderloze zuster Johanna in 1244 opvolgde als gravin van Vlaanderen en Henegouwen, benoemde zij haar zoon Willem tot enige erfgenaam (1246). Daarop begon een strijd tussen de kinderen uit Margaretha's beide huwelijken, de Avesnes en de Dampierres: de Vlaams-Henegouwse Successieoorlog. De Franse koning, in 1246 met de arbitrage belast, wees Vlaanderen toe aan haar zoon Gwijde van Dampierre en Henegouwen aan haar zoon Jan van Avesnes, feitelijk later haar kleinzoon Jan I van Avesnes. Niettemin bleef de vete tussen de beide huizen voortwoeden, zelfs tot in de volgende eeuw. Margaretha zelf stond heel de tijd aan de zijde van de "Vlaamse" Dampierres. De "Henegouwse" Avesnes verbonden zich door het huwelijk van Jan van Avesnes met Aleid van Holland met de Hollandse graven, die ongedaan wilden maken dat zij voor Zeeland leenhulde verschuldigd waren aan Vlaanderen. Zij betwistten ook het bezit door de Dampierres van Rijks-Vlaanderen.

De Franse koning maakte van deze scheidsrechterlijke uitspraak gebruik om zijn positie te versterken:

- hij brak de macht van Vlaanderen-Henegouwen
- hij bezorgde Vlaanderen een vijand in de flank, aangezien de Avesnes zich niet bij de uitspraak neerlegden, dit op grond van het feit dat koning Lodewijk IX van Frankrijk (de Heilige) beslist had over gebieden waarover hij geen leenheer was (Rijks-Vlaanderen in tegenstelling tot Kroon-Vlaanderen).

Het conflict laaide weer op toen Willem II van Holland koning van Duitsland werd. De graaf van Holland (Willem) hield Zeeland in leen van Vlaanderen (Margaretha), terwijl de graaf van Vlaanderen Zeeland weer in leen had van de Duitse koning (Willem dus). Willem weigerde daarom leenhulde aan Margaretha te bewijzen. In 1152 verklaarde Willem dat Margaretha al haar lenen had verloren en gaf ze aan Jan. Margaretha verzamelde een groot leger, waar ook huurlingen uit heel Noord Frankrijk deel van uitmaakten. Terwijl Willem en Margaretha in Antwerpen onderhandelden, viel haar leger op 4 juli 1253 Walcheren aan. De plannen waren echter uitgelekt en de Hollanders vielen het Vlaamse leger al aan terwijl het zich op het strand ontscheepte, en brachten het een zware nederlaag toe (Slag bij Westkapelle).

In een laatste poging om de Avesnes te verslaan, gaf Margaretha het graafschap Henegouwen aan de Franse prins Karel van Anjou. Die werd in 1254 echter verslagen bij Valenciennes.

De oorlogen hadden Vlaanderen veel geld gekost. Margaretha was genoodzaakt veel macht aan de steden te geven, in ruil voor geld. Ze was wel in staat om Béthune (1263), Dendermonde (1263) en Namen (stad) (1264) te verwerven. Maar in 1275 moest ze een ongunstige vrede met Engeland sluiten in een oorlog over de handel in wol.

Op 29 december 1278 deed Margaretha in Vlaanderen troonsafstand ten gunste van haar zoon Gwijde van Dampierre. In Henegouwen bleef zij zelf aan de macht tot aan haar dood: ze werd aldaar opgevolgd door haar kleinzoon Jan II van Avesnes. Door het huwelijk van haar zoon Jan van Avesnes met Aleid van Holland werden Henegouwen, Holland en Zeeland in 1299 (in personele unie) verenigd.

Margaretha II van Vlaanderen overleed te Gent in 1280. Geheel volgens haar laatste wilsbeschikkingen werd haar lichaam bijgezet in de door haar gestichte Abdij van Flines.

Zie ook[bewerken]

Referenties[bewerken]

  • Shahar, S. (1997). Growing Old in the Middle Ages: 'Winter Clothes us in Shadow and Pain'. Routledge.
  • Wheeler, B. and Parsons, J. (2002). Eleanor of Aquitaine: Lord and Lady. Palgrave Macmillan.
Bronnen, noten en/of referenties
  1. Wheeler, B. and Parsons, J. (2002). pagina 193