Mark 77

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Mark 77 die aan boord van een FA-18 jachtbommenwerper wordt geladen

De Mark 77 (ook wel Mk-77) is een 340 kilogram zware brandbom die 415 liter brandstofmengsel bevat en als de directe opvolger van napalm wordt gezien. Deze bommen worden vanuit een vliegtuig afgeworpen.

Ongeveer 500 van deze Mk-77s werden door het Amerikaanse leger gebruikt tijdens de Eerste Golfoorlog naar beweerd wordt voornamelijk op Iraakse met olie gevulde loopgraven. Dertig Mk-77s werden gebruikt tijdens de invasie in Irak in 2003.

Het gebruik van brandbommen tegen burgerdoelen is verboden volgens de VN Conventie betreffende bepaalde conventionele wapens. De VS hebben deze conventie niet getekend maar hebben wel het gebruik van napalm gestopt ten gunste van het gebruik van Mk-77. Alleen de legermachten van Rusland en de Verenigde Staten hebben brandbommen zoals de Mk-77 in hun arsenaal.

Het Pentagon claimt dat Mk-77 minder impact heeft op het milieu. Het werkzame bestanddeel verschilt van het napalm zoals gebruikt in de Vietnamoorlog in die zin dat het is gebaseerd op kerosine en een polystyreen-achtige gel die een oxiderende stof zou bevatten. Dit maakt het nog moeilijker om de stof te blussen na ontbranding. De officiële naam van de napalm bommen gebruikt tijdens de Vietnamoorlog was Mark 47. De huidige Mk-77s worden in Amerikaanse militair jargon napalm genoemd.

Het Amerikaanse Ministerie van Defensie informeerde de Britse Minister van Defensie incorrect over het gebruik van Mk-77 in Irak. Deze informeerde daarop in januari 2005 het Brits parlement verkeerd waarvoor hij later excuses moest aanbieden.

Referenties[bewerken]

Gebruik in Irak[bewerken]

Zie ook[bewerken]