Mary Mallon

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Krant uit 1909 met Typhoid Mary

Mary Mallon (23 september 186911 november 1938), ook wel bekend als Typhoid Mary (tyfus-Mary), was een Ierse immigrante die de eerste bekende asymptomatische drager was van de tyfus in de Verenigde Staten. Als drager had ze geen symptomen maar was ze toch besmettelijk. Ze infecteerde hierdoor 47 mensen, van wie er drie stierven. Haar bekendheid is deels te danken aan haar felle ontkenning van haar rol in de besmettingen en haar weigering om te stoppen met werken als kok. Dit leidde uiteindelijk tot haar gedwongen afzondering.

Jeugd en komst naar de Verenigde Staten[bewerken]

Mary Mallon werd geboren in County Tyrone, Ierland in 1869 en emigreerde in haar eentje naar de VS in 1883. Op een bepaald ogenblik liep ze tyfus op, maar ze had slechts een zeer milde vorm, waarbij ze de bacteriën wel bij zich droeg en deze verspreidde zonder echter zelf tekenen van ziekte te vertonen. Aangezien ze geen bepaalde vaardigheden bezat, ging ze bij privéhuishoudens in New York aan de slag, waarbij ze uiteindelijk de relatief goedbetaalde baan kreeg van kokkin.

De besmettingen[bewerken]

Tussen 1900 en 1907 werkte ze als kokkin in verschillende huishoudens. Iedere indienstneming van Mary Mallon leidde na enkele weken tot een tyfusepidemie binnen dat huishouden, soms met dodelijke afloop. De autoriteiten en de medische stand kregen belangstelling voor de herhaaldelijke tyfusuitbraken, en in 1907 probeerde de onderzoeker George Soper contact met haar te krijgen. Mary Mallon ontkende haar rol in de besmettingen, want ze was immers zelf niet ziek. Ze weigerde dan ook urine en faeces af te staan. Soper publiceerde toch een rapport in de Journal of the American Medical Association. Ook een tweede poging mislukte, Mary stuurde hem en de arts die hij had meegebracht weg. Een derde keer zocht Soper haar op toen ze een ziekenhuisbehandeling moest ondergaan, en vertelde haar dat hij hier een boek over kon schrijven dat haar rijk zou maken, omdat zij de royalty's zou krijgen. Mallon weigerde opnieuw en sloot zichzelf op in het toilet tot hij wegging.

Quarantaine[bewerken]

De New Yorkse medische autoriteiten stuurden nu Dr. Sara Josephine Baker om met Mary Mallon te praten, maar deze weigerde nu ieder contact omdat ze meende slachtoffer te zijn van een justitiële dwaling. De autoriteiten hadden er nu genoeg van en lieten haar arresteren. Nadat de gezondheidsinspecteur had vastgesteld dat ze inderdaad een draagster was, werd ze geïnterneerd in het Riverside Hospital op North Brother Island.

In 1910 gaven humanitaire overwegingen toch de doorslag en besloot men Mary Mallon weer vrij te laten. Aan deze vrijlating kleefden wel twee voorwaarden. Mary Mallone moest allereerst beloven nooit meer als kokkin te gaan werken. Bovendien moest ze een affidavit tekenen waarin ze beloofde dat ze altijd de nodige hygienische maatregelen zou betrachten om te voorkomen dat anderen besmet raakten.

Mary Mallons nieuwe baan als wasvrouw verdiende echter niet zo goed als haar eerdere baan als kokkin. Bovendien zag ze niet in waarom ze niet als kokkin mocht werken, aangezien ze weigerde te geloven dat ze draagster van de tyfus was. In 1915 ging ze daarom onder de valse naam Mary Brown opnieuw als kokkin werken, deze keer in het Sloane Hospital for Women. Het resultaat was een nieuwe tyfusepidemie met 25 besmettingen en 1 dode. Al snel linkten de autoriteiten de tyfusgevallen aan de nieuwe kokkin. Mary Mallon werd opnieuw opgespoord, gearresteerd en geïnterneerd in het Riverside Hospital op North Brother Island, deze keer voor de rest van haar leven.

In haar laatste jaren werd ze een kleine bekendheid, en journalisten kwamen haar wel eens interviewen. Zij moesten echter afstand nemen van haar, en mochten niets van haar aannemen. Ze bleef volhouden dat ze niet de besmettingsbron kon zijn omdat ze niet ziek was. Later mocht ze assistentiewerk verlenen in het laboratorium van het ziekenhuis. In 1932 raakte ze verlamd door een beroerte, en op 11 november 1938 overleed ze, nog steeds in quarantaine in het Riverside Hospital. Na haar dood wees een autopsie aan dat ze besmettelijk was tot op haar sterfdag: haar galblaas bevatte levende tyfusbacillen.

Debat[bewerken]

Mary Mallon is een symbool geworden voor het debat over de mensenrechtenkwesties inzake quarantaine. Ze werd tegen haar wil voor de rest van haar leven in afzondering gehouden. Van haar kant bleef ze ontkennen dat ze draagster was. De autoriteiten beriepen zich echter op het voorkomen van toekomstige tyfusuitbraken indien Mary Mallone naar de maatschappij zou terugkeren.

Er bestaan andere soortgelijke voorbeelden van asymptomatische tyfusdragers. In het Engels staat de term Mary Mallon voor iemand die, al dan niet onwetend, een ziekte of iets anders verspreidt.