Mat '64

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Mat. 64 Plan T/V
Plan V10 als Stoptrein Tilburg – Boxtel – Eindhoven – Deurne
Plan V10 als Stoptrein Tilburg – Boxtel – Eindhoven – Deurne
Aantal Plan T: 31
Plan V: 246
Serie TT: 501,
T1: 502-511,
T2: 512-521,
T3: 522-531,
V1: 401-415,
V2: 416-430,
V3: 431-438,
V4: 441-461,
V5: 462-471,
V6: 472-483,
V7: 801-840,
V8: 841-870,
V9: 871-888,
V10: 889-920,
V11: 921-935,
V12: 936-950,
V13: 951-965
Fabrikant Werkspoor, Talbot, Düwag
Vervoerder NS, Arriva, Connexxion, Veolia
Bouwjaar T: 1961-1965
V: 1966-1976
Bak (trein) T: Bk + mBDK + mAB + Bk
V: ABk + Bk
Asindeling T: 2'2'+Bo'Bo'
+Bo'Bo'+2'2'
V: 2'Bo'+Bo'2'
Assen T: 16
V: 8
Spoorwijdte 1435 mm
Massa T: 163 ton
V: 86 ton
Lengte over buffers T: 101,9 m
V: 52,1 m
Maximumsnelheid 140 km/h
Aantal zitplaatsen T: 1e klasse: 41
2e klasse: 230
V: 1e klasse: 24
2e klasse: 104 / 118 / 120
Techniek
Stroomsysteem 1,5 kV gelijkspanning
Vermogen T: 1400 kW
V: 508 kW[1]
Koppeling Scharfenberg
Portaal  Portaalicoon   Openbaar vervoer
Verkeer & Vervoer

Materieel '64 (Mat '64), soms Standaard Stoptrein genoemd,[2] is de niet-officiële benaming van een type elektrisch treinstelmaterieel van de Nederlandse Spoorwegen. Het heeft - net als het sinds 1996 buiten dienst gestelde Materieel '54 (Hondekop) - een bolle neus ter bescherming van de machinist, maar deze steekt minder ver uit en is gelijk aan de neus van het buiten dienst gestelde materieel Plan U met dieselelektrische aandrijving. Het materieel bestaat uit zelfstandige vier- en tweedelige treinstellen, officieel aangeduid als respectievelijk Plan T en Plan V.

Plan T is, afgezien van het prototype 501, in drie deelseries geleverd in 1964-1965.

Plan V is in 13 deelseries geleverd in tien jaar tijd tussen 1966 en 1976 (zie infobox). De laatste 2 series V12 en V13 zijn daarmee even oud en zelfs nieuwer dan de oudste stellen SGM. Het stel 878 werd in 1976, na slechts 4 jaar dienst, als gevolg van brandschade afgevoerd, in 1978 gevolgd door de 420 na een zware aanrijding. Daarna volgde ook nog de 959. Inmiddels zijn alle stellen uit de series V1-V3, en V7-V10 buiten dienst gesteld en resteren alleen nog tweedelige stellen uit de deelseries V4-V6, V12 en V13.

Deze tweedelige stellen worden, in afnemende aantallen, nog steeds op een deel van de geëlektrificeerde baanvakken in Nederland ingezet en zijn volgens de officiële materieelverdeling alleen nog aan te treffen op een aantal spoorlijnen buiten de Randstad. Van de oorspronkelijke 246 treinstellen Plan V zijn er nog 50 stellen voor de dienst beschikbaar, het betreft de stellen 441, 443, 444, 446, 447, 449-458, 463-467, 469, 471, 474-476, 478-480, 482; 939-945, 947, 949-951, 954-958, 961-965. Er zijn volgens de NS-dienstregeling 2013 per 3 februari 2014 36 stellen ingedeeld, exclusief onderhoud en reserve. Hierdoor is de reserve 14 stellen. Deze kunnen eventueel nog worden ingezet als extra trein maar ook als vervangend materieel op andere spoorlijnen als stoptrein / sprinter, sneltrein of intercity.

Karakteristieken[bewerken]

Plan V-stel 419, teruggebracht in de oorspronkelijke kleurstelling

Het prototype van Mat '64, Plan TT Treinstel Toekomst (treinstel 501) werd gebouwd in 1961 door Werkspoor. Het is inmiddels gesloopt vanwege de hoge revisiekosten in combinatie met de afwijkende constructie en indeling. In de jaren 1964-1965 werd de vervolgserie Plan T gebouwd, vanaf 1966 werden de tweedelige treinstellen Plan V gebouwd. Mat '64 is afgeleid van de enkele jaren daarvoor gebouwde lichtgewicht dieseltreinstellen Plan U en is het eerste materieel met de nu alomtegenwoordige zwenkzwaaideuren. Door de Scharfenbergkoppelingen kunnen de stellen in treinschakeling rijden, maar niet met ander materieel. De treinstellen Plan T en de oudste 30 stellen Plan V waren oorspronkelijk groen, vanaf het in 1968 afgeleverde treinstel 431 werden zij afgeleverd in de nieuwe NS-huisstijl, geel met grijs en schuine blauwe reclamebanen. De groene stellen kregen in de jaren daarna ook deze kleurencombinatie. Een duidelijk verschil tussen Plan T en V is het verschil in aantal rijtuigbakken: respectievelijk vier (Plan T) en twee (Plan V). De letters zijn dus niet de beginletters van het aantal bakken. Verder zijn bij de kopbakken op de cabine tegenwoordig de uiterste raampjes (hoekruitjes) bij Plan T grijs geschilderd en bij Plan V geel.

Opmerkelijke vernieuwingen bij dit treinstel zijn:

  • centrale deursluiting (de conducteur hoeft niet meer langs de trein te lopen om de deuren te sluiten)
  • vergrendelde deuren (de passagiers kunnen de deuren tijdens de rit niet openen)
  • omroepinstallatie
  • elektronisch vertreksein (de machinist ziet een lampje op zijn instrumentenpaneel en wacht niet meer op het perron op de 'pannenkoek')

Oudere treinstellen en rijtuigen werden later van centrale deursluiting (maar niet van deurvergrendeling) en een omroepinstallatie voorzien.

Plan T[bewerken]

Plan T treinstel 522

In 1961 werd door Werkspoor "Treinstel Toekomst" Plan TT 501 afgeleverd. Bij het ontwerp werden diverse moderne comfortverbeteringen toegepast. De kop werd afgeleid van de Plan U-treinstellen. Het treinstel bestond uit twee vrijwel identieke kopbakken, een tweedeklasrijtuig en een eersteklasrijtuig met bagageafdeling en keuken. Na een succesvolle proefperiode bouwde Werkspoor in 1964 en 1965 de vervolgserie Plan T van 30 stellen (502-531). De indeling van deze treinstellen werd enigszins gewijzigd ten opzichte van de 501: De twee gelijke koprijtuigen bleven, maar daartussen kwam een tweedeklasrijtuig met keuken en grotere bagageruimte en een rijtuig met zowel zitplaatsen eerste klas als tweede klas. De koppeling werd hoger geplaatst, waardoor deze treinstellen niet koppelbaar waren met het oude stroomlijnmaterieel en de 501. Niet veel later werden ook de koppelingen van de 501 hoger geplaatst. Begin jaren 80 werd het materieel gerenoveerd en gemoderniseerd. Treinstel 501 werd hierbij grotendeels gelijk gemaakt aan de andere 30 treinstellen. De afwijkende rijtuigindeling bleef echter gehandhaafd.

In 1971 hield men bij de plannen voor de bestelling van de vervolgseries Plan V, in tegenstelling tot eerdere plannen, rekening met aanschaf van een aantal vierwagenstellen met name voor het te verwachten vervoer op de te elektrificeren spoorlijnen in Noord-Holland. Uiteindelijk besloot men toch geen vierwagenstellen meer aan te schaffen.[3]

Bij de laatste revisie die plaatsvond tussen 1999 en 2002 kregen de treinstellen een geheel nieuw interieur. Door het verwijderen van de keuken, dienstruimtes en bagageruimte en een andere opstelling van de stoelen werden per stel 34 extra zitplaatsen gecreëerd. Hiervoor werden dezelfde stoelen gebruikt als die in het Stoptreinmaterieel '90 (Railhopper) en Dieselmaterieel '90 (Buffel) aanwezig waren. De stoelen waren grotendeels in een coach-opstelling geplaatst met een vrij krappe steek. Ook stonden de stoelen hierdoor deels niet meer op een lijn met de kozijnen. De wanden en vloeren in de Plan T's werden zachtgeel, in plaats van het gebruikelijke wit/grijs. Rondom de frontruiten werd een donkergrijze band geschilderd. Het afwijkende treinstel 501 werd hierbij niet gereviseerd, maar buiten dienst gesteld en in 2003 gesloopt.

De treinstellen Plan T werden vanaf 2008 stuk voor stuk bij het bereiken of naderen van de uiterste revisietermijn buiten dienst gesteld. In het voorjaar van 2010 reed treinstel 520 als "vrijheidstrein" in een rood-wit-blauwe kleurstelling. Deze reed doordeweeks tussen de reguliere dienstregeling van de NS door het hele land en werd in het weekend ingezet voor debatten door het hele land. Na Bevrijdingsdag, 5 mei, ging het het treinstel naar het Spoorwegmuseum waarna het na twee weken officieel terzijde gesteld werd op het opstelterrein van de Cartesiusweg te Utrecht. Het stel heeft een tijdje op de Dijksgracht gestaan en is uiteindelijk met de eerste afvoer in 2011 gesloopt.

In juli 2010 werd het laatste treinstel terzijde gesteld. In de loop van 2011 waren alle treinstellen voor sloop afgevoerd op een na. Treinstel 526 verbleef vanaf september 2011 in Swifterbant om op de inmiddels aanlegde Hanzelijn als oefenstel te dienen. Sindsdien staat de 526 in Amersfoort te wachten op een verdere onbekende toekomst.

Treinstel 522 is voor de helft gebruikt voor het testen van treinen in Duitsland. Hiervoor is het complete interieur uit twee bakken gehaald en zijn aanpassingen gemaakt om alle apparatuur te plaatsen. Zo heeft een stel deuren ronde gaten en is er een groot rooster op de plaats waar ooit een raam zat. Het halve stel van wat ooit de 522 was, staat sinds 2012 bij de werkplaats van Nedtrain te Haarlem.

Plan V[bewerken]

Plan V treinstel 454 ziet er na een schilderbeurt weer als nieuw uit

Plan V was jarenlang de grootste materieelserie tot de komst van de V-IRM. In navolging van de 31 vierdelige Plan T-treinstellen werd in 1966 gestart met de bouw van 246 tweedelige treinstellen. De stellen werden in 13 deelseries gebouwd en kregen de nummers 401-438, 441-483 en 801-965. Het Plan V-materieel werd gebouwd tussen 1966 en 1976 door Werkspoor (401-438, 441-461, 472-483 en ook 801-840), Talbot (462-471 en 871-965) en Düwag (841-870). De deelseries hebben een aantal onderlinge verschillen.

De Plan V-stellen uit de deelseries Plan V1-V3, de nummers 401-438, beschikten oorspronkelijk over een grote bagageruimte in de ABDk-bak. Eind jaren 90 werd de bagageruimte omgebouwd tot "sta-ruimte" en werd hierbij voorzien van extra klapzittingen. Treinstel 431 was het eerste NS-treinstel dat in de nieuwe huisstijlkleur geel werd afgeleverd. De eerste 30 treinstellen werden, net als de Plan T-treinstellen, groen afgeleverd maar werden begin jaren 70 ook geel geschilderd. In 1995 kregen de oudste stellen 401-408 en 410-412 een koffieautomaat aan boord. Om dit aan de buitenzijde kenbaar te maken werden de stellen voorzien van enorme rode stickers van de koffieleverancier. Deze stellen werden voornamelijk ingezet in de stoptreindienst tussen Nijmegen en 's-Hertogenbosch. Een paar jaar later verdwenen de automaten en stickers weer. In 2004 werden de treinstellen 401-438 buiten dienst gesteld en niet veel later gesloopt. De Bk-bak van de 424 werd niet gesloopt maar werd gebruikt om Plan T treinstel 528 te completeren. Treinstel 419 werd ook niet gesloopt maar werd in 2004 door de NVBS in de originele groene kleurstelling geschilderd. Aansluitend werd het treinstel door NS Reizigers gebruikt voor wegleerritten. Later is het stel bewaard door de nieuw opgerichte Stichting Mat '64. Bij een aanrijding op 10 januari 2009 bij NedTrain Leidschendam raakte de ABDk van dit stel echter ernstig beschadigd.[4] De HIJSM heeft bruikbare onderdelen van de 419 verwijderd waarna deze werd gesloopt. De Stichting Mat '64 heeft in 2011 als vervanger de 904 in bezit gekregen.

Bij het ontwerp van de deelseries Plan V4 en V5 werd besloten om de stellen zonder bagageruimte te bouwen. Om onderscheid te kunnen maken tussen stellen met en zonder bagageruimte dacht men er aanvankelijk aan de stellen de nummers 311-331 te geven achter de oude serie 301-310. Omdat de bestelling van de 31 stellen werd uitgebreid met nog 12 stellen (V6) besloot men uiteindelijk de 43 stellen de nummers 441-483 te geven. Om toch het onderscheid te kunnen maken tussen stellen met en zonder bagageruimte werden de nummers 439 en 440 open gelaten.[5]

De laatste deelseries Plan V7-V13, met de nummers 801-965, beschikken in tegenstelling tot de vorige drie deelseries wel weer over een kleine afdeling voor post- en bagagevervoer. Deze bagageruimte is bij een aantal treinstellen aan het begin van deze eeuw verbouwd tot een kleine reizigerscoupé. De schuifdeuren zijn hierbij vervangen door ramen. De treinstellen zijn hierdoor van buiten vrijwel gelijk aan de stellen 441-483. Bij de andere treinstellen zijn alleen extra klapzittingen geplaatst en zijn de deuren slechts vergrendeld. Treinstellen 801-840 zijn de laatste stellen die in Nederland zijn gebouwd. De overige stellen werden door Talbot en Düwag in Duitsland gebouwd.

In 2000 overwoog men de stellen 941-965 bij hun revisie om te bouwen en te voorzien van een luxer interieur voor dienst op een aantal niet-stoptreinen. Ze zouden daarbij worden vernummerd in 2941-2965 omdat ze in een aparte omloop zouden dienst doen. De revisie ging wel door maar de geplande verbouwing echter niet zodat de stellen niet werden vernummerd en in de gewone omloop bleven.[6]

De treinstellen 901-915 werden aangepast voor eenmansbediening op de Merwede-Lingelijn (Dordrecht – Geldermalsen). Op deze stellen waren, nabij de baknummers, de letters Ddr-Gdm (de verkortingen voor beide eindpunten) aangebracht. De exploitatie met eenmanbediening is op deze lijn echter pas ingevoerd met de komst van het nieuwe materieel. Deze treinstellen waren daarna weer in de gewone omloop opgenomen. Van de treinstellen 951-965 werd vanaf eind 2005 de elektrische installatie aangepast zodat deze sneller konden optrekken. Daardoor konden zij de dienstregeling ZwolleEmmen beter op tijd rijden. Deze zogenaamde super-V's vervingen hier de in december 2005 buiten dienst gestelde Railhoppers.

In tegenstelling tot Plan T behield Plan V bij revisies de oorspronkelijke tegenover elkaar geplaatste banken. Wel is bij diverse revisies de bekleding vervangen: in plaats van de oorspronkelijke donkergroene of rode bekleding, heeft Plan V donkerblauwe bekleding gekregen in de eerste klas, en blauwe (441-920) of paarse (401-438 en 921-965) bekleding in de tweede klas. Bij een aantal stellen werd de TL verlichting ingebouwd in een kast aan het plafond.

Afbeeldingen Plan V[bewerken]

Inzet[bewerken]

Inzet bij NS door de jaren heen[bewerken]

Het totale bestand materieel '64 bestond uit een zeer groot aantal treinstellen en werd lange tijd op bijna elke geëlektrificeerde spoorlijn in Nederland ingezet. Het is daarom onmogelijk om een totaalbeeld van de inzet te krijgen. Er zijn echter wel een aantal hoofdlijnen te noemen:

Het Treinstel Toekomst, de 501, werd uitgebreid beproefd op het Nederlandse spoorwegnet. Het treinstel werd hierna ingezet in de stoptreindienst tussen Utrecht en Zwolle. De vervolgseries Plan T komen vooral te rijden op de lijn Amsterdam – Den Helder, de Oude Lijn en tussen Amsterdam en Rotterdam. Bij spoorslag '70 kwamen ze ook op intercitylijn A tussen Amsterdam en Den Helder te rijden. In de loop der jaren kwamen de treinstellen ook op andere verbindingen te rijden. Zo vervingen ze in 1974 na de elektrificatie van de spoorlijnen Zaandam – Enkhuizen en Heerhugowaard – Hoorn het dieselmaterieel op deze lijnen. Halverwege de jaren 80 kwamen de stellen ook te rijden op de Flevolijn (Weesp – Lelystad) en op de Schiphollijn (Station Schiphol – Leiden Centraal). Ook reden ze tussen begin jaren 90 en de zomer van 2008 regelmatig een wisselend aantal diensten tussen Zwolle en Roosendaal. Met de invoering van de IC'90-treinen kwamen de treinstellen voor het eerst planmatig in Leeuwarden. In die periode werden de treinstellen grotendeels door het nieuwe dubbeldeksmaterieel van hun oude stamlijnen verdreven.

Naarmate in 2008 en 2009 steeds meer treinstellen buiten dienst werden gesteld, werd het resterende Plan T-materieel voornamelijk ingezet in de stoptreindiensten rondom Utrecht en op de Oude Lijn. Met het ingaan van de nieuwe dienstregeling 2010 kwamen de resterende treinstellen in onderhoud bij NedTrain in Maastricht en werden ze planmatig alleen nog ten zuiden van de grote rivieren ingezet.

De eerste Plan V-treinstellen kwamen op de Hofpleinlijn te rijden. Later reed het materieel ook tussen Amsterdam en IJmuiden en tussen Dordrecht en Roosendaal. Ook versterkten ze de Plan T-treinstellen op hun stamlijnen. De eerste gele gehuisstijlde plan V's werden in 1968 ingezet tussen Utrecht en Leiden. Later volgden onder andere de Hoekse lijn en de treindienst tussen Utrecht en Baarn. Naarmate er meer treinstellen in dienst kwamen, volgden ook de meeste andere stoptreindiensten rond Utrecht. Ook hebben ze als vervangend materieel zo nu en dan naar het Duitse Bad Bentheim en Emmerich dienst gedaan bij een calamiteit, verstoring of uitgevallen internationale trein. Ook werden ze op rustige tijden (vroege en late ritten) ingezet in de intercitydiensten tussen Amsterdam en Maastricht en Vlissingen.

De stellen 841-844 werden in 1978 speciaal aangepast voor inzet op de destijds nog geïsoleerd liggende Schiphollijn.

Begin jaren 80 vervingen de Plan V-treinstellen het materieel '46 in de Zuid-Limburgse stoptreindiensten. Dit werd mogelijk doordat in de Randstad het nieuwe Stadsgewestelijk Materieel ging rijden. Tien jaar later werd het materieel '54 vervangen in de stoptreindiensten rond Eindhoven en tussen Utrecht en Tiel. Deze verschuiving werd mogelijk doordat het dubbeldeksmaterieel in de drukste verbindingen in de Randstad kwam te rijden. Behalve in de genoemde stoptreindiensten kwam een groot aantal Plan V treinstellen, net als de Plan T treinstellen, vanaf medio jaren 90 ook te rijden tussen Zwolle en Roosendaal. Ook reden de stellen in deze periode enkele jaren de stoptreinen tussen Zwolle en Groningen.

Sinds 2005 werden ze volledig ingezet op de Emmerlijn en later ook op de stoptreindienst in Zeeland. Ook verschenen ze voor bepaalde tijd tussen Apeldoorn (tot december 2006 Deventer) en Enschede. Met de dienstregeling van 2013 verdwenen ze in Zeeland en van de spoorlijn Zwolle-Emmen die toen van de NS naar Arriva ging. De speciaal voor de Emmerlijn aangepaste turbo stellen (951, 952, 954-958 en 961-965) keerde terug naar andere spoorlijnen en reden tot september 2013 in combinatie met de overige stellen onder meer, na enkele jaren afwezigheid, op de Stichtselijn in de provincie Utrecht met de bestickering van de Provincie Overijssel en Drenthe nog aan de zijkant. Tot 1 april 2013 reden ze ook op de tijdelijke intercity spitstreindienst Enschede – Deventer – Zwolle (ochtendspits) en Zwolle – Deventer – Hengelo (middagspits).

Inzet bij regionale vervoerders[bewerken]

Eind 2006 gingen voor het eerst enkele geëlektrificeerde regionale lijnen na aanbesteding over naar andere vervoerders. Deze vervoerders hadden op de aanvangsdatum van de dienstregeling 2007 geen beschikking over eigen elektrisch materieel en huurden daarom in eerste instantie enkele Plan V treinstellen van de NS.

Connexxion[bewerken]

Van 10 december 2006 tot eind 2007 werden de vijf stellen 836-840 door Connexxion op de Valleilijn tussen Amersfoort en Ede-Wageningen ingezet. Hierna werden deze stellen vervangen door de eigen Protos-treinstellen. Vanwege testen aan een Protos-treinstel werd treinstel 840 van februari tot april 2008 tijdelijk opnieuw verhuurd aan Connexxion. Vanaf eind 2008 werd ook stel 844 enige tijd aan Connexxion verhuurd omdat een van de Protos-treinstellen met schade langdurig terzijde stond. Sinds eind oktober 2008 huurt Connexxion treinstel 867 om de dienst tussen Amersfoort en Barneveld Noord door te kunnen trekken naar Barneveld Centrum. In verband met het verstrijken van de revisietermijn is stel 867 in december 2011 terzijde gegaan. Het stel gaat terug naar NSR, wordt ontdaan van alle bruikbare onderdelen en zal worden gesloopt. Ter vervanging van stel 867 reed Connexxion vanaf 16 december 2011 met het stel 919 op de Valleilijn in nog gedeeltelijke NS uitmonstering. Sinds de komst van het extra nieuwe eigen treinstel werd de 919 alleen ingezet als er niet voldoende eigen stellen beschikbaar waren maar is inmiddels buiten dienst gesteld.

Arriva[bewerken]

Ook vanaf 10 december 2006 werden de acht stellen 863-870 door Arriva ingezet op de Merwede-Lingelijn (Dordrecht – Geldermalsen). Op 14 september 2008 werd Plan V hier vervangen door het nieuwe Spurt-materieel.

Veolia[bewerken]

Eveneens vanaf 10 december 2006 werden de acht stellen 841-845 en 847-849 door Veolia Transport ingezet op de Heuvellandlijn (Maastricht Randwyck – Kerkrade Centrum). Op 28 november 2008 reed Veolia voor het laatst met een trein bestaande uit een Plan V-treinstel. Vanaf dat moment rijdt Veolia alleen nog met het nieuwe Velios-materieel.

Dienstregeling 2014[bewerken]

In de NS-dienstregeling 2014, die is ingegaan op 15 december 2013, worden de volgende treinseries volgens de officiële materieelomloop geheel of gedeeltelijk gereden met Mat '64. In de praktijk rijdt serie 7500 meestal met een SGM2

Serie Treinsoort Route Bijzonderheden
4400 Sprinter 's-HertogenboschNijmegen Gekoppeld aan treinserie 9600 's-Hertogenbosch - Deurne. Traject wordt bereden in combinatie met SGMm en NID
6800 Sprinter Maastricht RandwyckMaastrichtSittardRoermond
6900 Sprinter HeerlenSittard
7000 Sprinter ApeldoornDeventerAlmeloHengeloEnschede Rijdt 's avonds en op zondag niet tussen Almelo en Enschede.
7500 Sprinter Ede-WageningenArnhem
9600 Sprinter 's-HertogenboschBoxtelEindhovenHelmondDeurne Gekoppeld aan treinserie 4400 Nijmegen - 's-Hertogenbosch. Traject wordt bereden in combinatie met SGMm en NID.
20800 Intercity HeerlenSittard Rijdt alleen na 19:00 uur, vormt geen halfuursdienst met de serie 23500. Traject wordt bereden in combinatie met VIRM
21400 Intercity EindhovenUtrecht Centraal; Rotterdam CentraalEindhoven Nachtnet. Rijdt alleen in de nachten volgend op vrijdag en zaterdag. Traject wordt bereden in combinatie met VIRM, ICMm, NID.
23500 Intercity HeerlenSittard Rijdt alleen na 19:00 uur, vormt geen halfuursdienst met de serie 20800. Traject wordt bereden in combinatie met VIRM.
28300 Sprinter Utrecht CentraalUtrecht Maliebaan Trein naar het Spoorwegmuseum, alleen als dit open is (niet op maandag, behalve tijdens de schoolvakanties) Traject wordt bereden in combinatie met SGMm

Toekomst[bewerken]

Plan V naast de directe vervanger van dit materieel, de Sprinter Lighttrain, te Utrecht Centraal
Plan T opgelegd te Zwolle in 2011.

Begin jaren negentig kwamen negen treinstellen van het type Stoptreinmaterieel '90 ('SM'90' of 'Railhopper') in dienst. De treinstellen waren een proefserie met het oog op een grote serie nieuw stoptreinmaterieel dat het materieel '64 geleidelijk moest gaan aflossen. Door opeenvolgende problemen met dit treintype en de keuze om meer dubbeldeksmaterieel aan te schaffen werden nooit vervolgorders voor de Railhopper geplaatst. De kleine serie van negen treinstellen werd in 2005 buiten dienst gesteld en vervolgens gesloopt.

In 2005 bestelde NS bij Bombardier en Siemens 35 nieuwe Sprinter Lighttrains (SLT), met een optie voor nog eens vijf bestellingen van telkens 32 treinstellen. In 2007 werden de eerste twee treinstellen afgeleverd. De rest van de serie werd tussen september 2008 en 2010 afgeleverd.

In een onderzoeksrapport van de Inspectie Verkeer en Waterstaat uit 2008 bleek dat Mat '64 een verhoogde kans heeft om te ontsporen bij een aanrijding.[7] IVW wilde daarom duidelijkheid van de NS over de termijn waarop al het Mat '64 buiten dienst zal worden gesteld. Alle treinstellen Plan T zijn sinds juli 2010 buiten dienst gesteld. De treinstellen Plan V worden al vanaf 2003 in wisselend tempo terzijde gesteld en gesloopt. Inmiddels hebben de eerste in 1969 geleverde stellen 441...455 een leeftijd bereikt van 45 jaar, maar omdat ze in 2007 nog een extra revisie hebben ondergaan (behalve de 473, 477 en 483) rijdt het grootste deel van deze oudste stellen nog steeds in de dienst of staan op reserve terwijl de nieuwere stellen uit het gedeelte 801-938 terzijde zijn gesteld en zijn of worden gesloopt. Het is nog onduidelijk wanneer de laatste treinstellen buiten dienst gesteld zullen omdat nog geen vervolgbestelling is geplaatst voor het eventueel volledig vervangen van het resterende Mat '64. Op dit moment vervangen ze nog af en toe ander materieel buiten hun planmatige inzet in Overijssel, Gelderland, Noord-Brabant en Limburg.

Vanaf september 2010[8] wordt het merendeel gesloopt door van Simmeren in Groningen. In een tijdsbestek van drie jaar worden ruim 200 treinstellen door hen uiteen genomen zodat grondstoffen kunnen worden gerecycled. Op diverse plaatsen in het land zijn de terzijde gestelde treinstellen, al dan niet onttakeld, opgesteld meestal volledig onder de graffiti. De afvoer vanuit onder meer Amsterdam Watergraafsmeer vindt plaats over de weg. Hierbij wordt steeds een bak per trailer naar de sloper vervoerd. Het vervoer van een treinbak dwars door de stad levert het wat merkwaardige beeld op van een treinbak in een straat.

Museummaterieel[bewerken]

Als museummaterieel zijn de treinstellen 876 (bij het Spoorwegmuseum) en 904 (bij Stichting Mat '64) bewaard gebleven. Dit laatste treinstel vervangt sinds 2011 de aanvankelijk bewaarde 419 die bij een aanrijding in 2009 zwaar beschadigd werd.

Bronnen, noten en/of referenties
  • C. van Gestel, B. van Reems, L. Tempelman, Elektrische treinen in Nederland deel 3, Alkmaar 1997
  • treinwiki.nl
  1. Dit betreft het continue vermogen van Plan V1. Het uurvermogen van deze stellen is 145 kW per motor, totaal 580 kW. Uit: NS Beschrijvingen treinstellen deel XIII.
  2. Naar analogie van de populaire benaming "hondekop" van Mat '54 is de bijnaam "apekop" geïntroduceerd voor Mat '64. Zie Spreekbeurtpakket NS Reizigers met vernoeming van de naam Apekop in een van de deelonderwerpen
  3. Meerjarenplan reizigersmaterieel december 1971 HOV januari 1972
  4. Website www.mat64.nl: Plan V 419 beschadigd
  5. Maandblad HOV juni 1968
  6. HOV-RN februari 2000
  7. nu.nl bericht van het onderzoek
  8. NVBS: Op de Rails. Nieuws. 10-2010. (ISSN 0030-3321)