Maxime Weygand

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Maxime Weygand

Maxime Weygand (Brussel, 21 januari 1867Parijs, 28 januari 1965) was een Franse generaal tijdens de Eerste Wereldoorlog en Tweede Wereldoorlog. Weygand was een van de leidende Franse figuren tijdens de Slag om Frankrijk in 1940.

Mysterieuze geboorte[bewerken]

Weygand werd op 21 januari 1867 geboren in Brussel. Wie zijn ouders zijn, is niet duidelijk: dit waren ofwel prinses Charlotte en haar minnaar, generaal Alfred Van der Smissen; ofwel prinses Charlottes broer koning Leopold II en zijn Poolse minnares. Generaal Van der Smissen leek sterk op Weygand en hij gold daardoor lang als meest plausibele vader. De Franse journalist, Domenique Paoli, beweerde in 2003 na onderzoek te hebben gevonden dat hij wel degelijk de zoon was van generaal Alfred Van der Smissen, bovendien dat zijn moeder Mélanie Zuchy-Metternich was. Hij beweerde ook dat hij in 1865 was geboren in plaats van in 1867.

Weygand verklaarde zijn ouders niet te kennen. Als klein kind werd hij naar Marseille gestuurd waar hij werd opgevoed door weduwe Virginie Saget. Eerst dacht hij dat Virginie zijn moeder was. Op zesjarige leeftijd werd hij in het gezin van David Cohen de Léon ondergebracht, een goede vriend van Koning Leopold II. Toen hij bijna volwassen was, adopteerde Francois-Joseph Weygand hem, een bediende van David Cohen de Léon. Hierdoor kreeg hij de Franse nationaliteit.

Studie[bewerken]

Toen Weygand nog de Belgische nationaliteit had, trad hij als buitenlandse cadet toe tot de École Spéciale Militaire de Saint-Cyr onder de naam "Maxime de Nimal". In 1887 studeerde hij met succes af. Daarna werd hij bij een cavalerie-eenheid gevoegd.

Eerste Wereldoorlog[bewerken]

Tijdens de jaren 1914-1918 was Weygand stafofficier. In 1914 was hij gestationeerd bij de huzareneenheid en op 28 augustus 1914 werd hij luitenant-kolonel in de staf van generaal Ferdinand Foch. In 1916 werd hij gepromoveerd tot brigadegeneraal en in 1918 tot Général de Division. Sedert 1917 diende hij in de Opperste Oorlogsraad. Hij bleef bij de staf van Foch toen hij in de lente van 1918 benoemd werd tot opperbevelhebber van de geallieerden. In dezelfde lente van 1918 was hij tevens Fochs rechterhand bij de Tweede Slag bij de Marne (waarna Foch werd gepromoveerd tot maarschalk van Frankrijk).

In 1918 was Weygand betrokken bij de wapenstilstandsonderhandelingen. Hij las de voorwaarden aan de Duitsers voor in Compiègne.

Interbellum[bewerken]

Tijdens de Pools-Russische Oorlog werd Weygand in 1920 naar Polen gezonden als hoofd van de Franse militaire missie. In deze missie zaten ook de Franse diplomaat Jean Jules Jusserand en de Britse diplomaat Lord Edgar Vincent D'Abernon. Hij adviseerde daar Józef Piłsudski.

Weygand in Frankrijk en het Midden-Oosten[bewerken]

In 1923 werd Weygand opperbevelhebber van de Franse troepen in Libanon en Syrië. Een jaar later, in 1924, werd hij benoemd tot hoge commissaris van Syrië. Dit was hij slechts één jaar, tot 1925.

Hij keerde terug naar Frankrijk en werd de directeur van het Centrum voor Hogere Militaire Studies, een positie die hij vijf jaar lang vervulde. In 1931 werd hij benoemd tot chef-staf van het Franse Leger, vicepresident van de Opperste Oorlogsraad en inspecteur van het leger. Hij behield deze posities, behalve die van inspecteur van het leger, tot hij in 1935 op 68-jarige leeftijd met pensioen ging.

In 1931 werd Weygand gekozen als lid van de Académie française (zetel 35). In augustus 1939 riep premier Édouard Daladier hem weer op voor actieve dienst en benoemde hem tot opperbevelhebber voor het gebied van de Oriënt.

Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Eind mei 1940 was de militaire ramp na de Duitse inval voor Frankrijk zo groot dat opperbevelhebber Maurice Gamelin werd ontslagen. Weygand werd uit Syrië teruggeroepen om hem te vervangen.

Terwijl de gevechten bij Duinkerke nog aan de gang waren, gaf Weygand bevel een verdedigingslinie te vormen ten zuiden van de rivieren de Somme en Aisne, van Abbeville naar Montmédy. Bovendien eiste hij voorbereidingen om de Duitse aanval het hoofd te bieden. Zevenendertig divisies werden naar de inderhaast gemaakte Weygandlinie gezonden, ook al was het toen al te laat. Weygand verloor vlug de controle over het Franse leger. De Duitse tanks waren dwars door zijn eerste verdedigingslinie gereden. Hij raakte er meer en meer van overtuigd dat een wapenstilstand met Duitsland de enige oplossing kon zijn.

Vichyregime[bewerken]

Op 22 juni 1940 sloot maarschalk Philippe Pétain een wapenstilstand met Duitsland, waardoor in het zuidoostelijke deel van Frankrijk het Vichyregime ontstond. Pétain benoemde Weygand tot minister van Nationale Defensie van dit regime (juni 1940 - september 1940). Pierre Laval zond Weygand naar Noord-Afrika als afgevaardigde generaal en hij werd er ook nog gouverneur-generaal van Algerije. Zijn beleid in Noord-Afrika zag er als volgt uit:

  • Hij overtuigde jonge officieren om de verleiding van het verzet te weerstaan en rechtvaardigde de wapenstilstand door hen te laten hopen op een latere hervatting van de strijd.
  • Hij deporteerde tegenstanders naar concentratiekampen in Zuid-Algerije en Marokko. Daar sloot hij met de medeplichtigheid van admiraal Jean-Marie Charles Abrial tegenstanders van het Vichyregime (gaullisten, vrijmetselaars, communisten etc.), de buitenlandse vrijwilligers van het Frans Vreemdelingenlegioen, buitenlandse vluchtelingen zonder werk (maar legaal in Frankrijk) etc. op.
  • Hij paste Vichy's racistische wetten tegen de Joden toe.

Weygand verwierf een reputatie als een tegenstander van de collaboratie toen hij in Vichy protesteerde tegen de Protocollen van Parijs die op 28 mei 1941 door François Darlan werden ondertekend. Dat waren overeenkomsten die de bases voor de asmogendheden garandeerden in Aleppo (Syrië), Bizerte en Dakar en instonden voor de beoogde uitgebreide militaire samenwerking met de As in geval van een geallieerde aanval. Simon Kitson schreef in zijn boek 'The Hunt for Nazi Spies' dat Weygand duidelijk bleef in zijn kritiek op Duitsland.

Weygand stond aanvankelijk zeer gunstig tegenover een samenwerking met Duitsland, maar opperde hiervoor discretie. Bovendien was hij tegen Duitse bases in Afrika. Hij was ook niet neutraal of voorstander van de geallieerden. Weygand zocht enkel een oplossing om te voorkomen dat Frankrijk bij de inheemse inwoners zijn prestige verloor en wilde het koloniaal bezit bijeenhouden. Hitler eiste echter volledige samenwerking en zette in november 1941 het Vichyregime onder druk om Weygand te ontslaan en terug te roepen. In november 1942, na Operatie Toorts, werd Weygand gearresteerd. Hij ging in gevangenschap in Duitsland en werd later naar Schloss Itter in Noord-Tirol gebracht. Daar zat Weygand tot mei 1945 samen met generaal Gamelin en een paar andere Franse vooraanstaande personen van de Derde Republiek gevangen tot ze door Amerikanen werden bevrijd.

Laatste jaren[bewerken]

Na zijn terugkeer in Frankrijk werd Weygand als collaborateur in Val-de-Grâce vastgehouden. Hij werd in mei 1946 vrijgelaten en in 1948 gerehabiliteerd. Hij stierf in Parijs op 98-jarige leeftijd.

Bronnen[bewerken]