Maximilien de Hénin-Liétard
| Maximilien de Hénin-Liétard | ||
| 1542 – 1578 | ||
| Markies van Veere | ||
| Periode | 1558-1558 | |
| Voorganger | Maximiliaan II van Bourgondië | |
| Opvolger | Filips II van Spanje (verkocht) | |
| Stadhouder van Holland, Zeeland en Utrecht | ||
| Periode | 1567 - 1573 | |
| Voorganger | Willem van Oranje | |
| Opvolger | Filips van Noircarmes (Filips II) Willem van Oranje (Staten-Generaal) |
|
| Admiraal van de Nederlanden | ||
| Periode | 1567-1573 | |
| Voorganger | Filips van Montmorency | |
| Opvolger | - | |
| Vader | Jean de Hénin | |
| Moeder | Anna van Bourgondië | |
Maximilien de Hénin-Liétard (ook wel geschreven als Hénnin-Liétard) (1542 – Antwerpen, 21 december 1578), graaf van Boussu (ook wel gespeld als Bossu) en heer van Beuvry en Rimogne, was een Zuid-Nederlands militair en politicus. Van 1567 tot 1573 was hij stadhouder van Holland, Zeeland en Utrecht.
Inhoud |
Biografie [bewerken]
Maximiliaan de Hénin-Liétard was afkomstig uit een Henegouws adellijk geslacht. Hij werd in 1542 geboren als zoon van Jean de Hénin, graaf van Boussu en heer van Beuvry, en Anna van Bourgondië. In 1558 stierf zijn oom, Maximiliaan van Bourgondië, en erfde hij het markizaat van Veere en Vlissingen van hem. Maar omdat zijn oom een uitbundige levensstijl er op na had gehouden liet deze ook grote schulden achter, waarop Maximiliaans vader besloot het markizaat te verkopen.
Stadhouder [bewerken]
Na het vertrek van Willem van Oranje als stadhouder werd hij door landvoogdes Margaretha van Parma op 17 juni 1567 benoemd tot voorlopig stadhouder van Holland, Zeeland en Utrecht. Op 31 augustus van dat jaar kreeg hij zijn definitieve aanstelling van koning Filips II van Spanje. Margareta was intussen opgevolgd door Fernando Álvarez de Toledo, de hertog van Alva.
Den Briel en Rotterdam [bewerken]
Op 1 april 1572 veroverden de watergeuzen Den Briel. Maximiliaan stuurde daarover verontrustende berichten naar de landvoogd, Alva, maar die nam de verovering van Den Briel nauwelijks serieus, hij zei daarover “No es nada” (het is niets).
Boussu trachtte Den Briel te heroveren, dat mislukte doordat de watergeuzen het land rondom de stad onder water hadden gezet. De watergeuzen plunderden daarop Delfshaven. Hierop wilde Boussu met zijn troepen door Rotterdam trekken om Delfshaven te ontzetten, echter: de burgers van de stad weigerden Maximiliaans Spaanse troepen de doortocht. Na onderhandelingen mochten Maximiliaans troepen op 9 april in kleine groepjes door de stad trekken, maar eenmaal in de stad overvielen zijn troepen de wacht en trokken plunderend en moordend door de stad. Nadien wisten Maximiliaans troepen wel de geuzen uit Delfshaven te verdrijven.
Slag op de Zuiderzee [bewerken]
In 1573 was Maximiliaan van Boussu als admiraal-generaal bevelhebber van de Spaanse vloot die bij de Slag op de Zuiderzee een nederlaag leed tegen de watergeuzen. Hij werd gevangengenomen en opgesloten in het weeshuis van Hoorn. In de kringen van de geuzen werden daar verschillende spotliederen over gezongen.
In Staatse dienst [bewerken]
In 1576 werd Boussu vrijgelaten, in feite werd hij geruild tegen Filips van Marnix van Sint-Aldegonde, een medestander van Willem van Oranje die door de Spanjaarden gevangen werd gehouden. Hierna koos hij de kant van Willem van Oranje. Hij speelde een rol bij de totstandkoming van de Unie van Brussel in 1577, waar onder andere de Pacificatie van Gent geratificeerd werd. Boussu slaagde er op 11 februari 1577 na onderhandelingen in om de Spaanse troepen in de belegerde Vredenburg te doen vertrekken en zo de stad Utrecht (net als later o.a. Schoonhoven, Muiden en Weesp[1]) aan de zijde van de Staten-Generaal te brengen. Na de Slag bij Gembloers verdedigde hij Brussel door zich te verschansen met een huurlingenleger van Engelsen en Schotten bij Rijmenam, nabij Mechelen en daar wist hij een Spaanse aanval af te slaan in de Slag bij Rijmenam. Daarna trok Boussu zich terug naar Antwerpen, waar stierf op 21 december 1578.
Externe links [bewerken]
- “Een claech-Liedeken van den Grave van Bossu” uit het “Geuzenliedboek”.
Bronnen, noten en/of referenties
|