Meerkatten

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Meerkatten
Witkeelmeerkat (Cercopithecus albogularis)
Witkeelmeerkat (Cercopithecus albogularis)
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Mammalia (Zoogdieren)
Orde: Primates (Primaten)
Familie: Cercopithecidae (Apen van de Oude Wereld)
Onderfamilie: Cercopithecinae (Meerkatachtigen)
Geslachtengroep
Cercopithecini
Gray, 1821
Meerkatten op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Zoogdieren

De meerkatten (Cercopithecini) vormen een geslachtengroep van de familie apen van de Oude Wereld (Cercopithecidae), die voorkomt in Afrika. Er zijn 36 verschillende soorten die worden verdeeld in vijf geslachten: de moerasmeerkat (Allenopithecus), de echte meerkatten (Cercopithecus), de groene meerkatten (Chlorocebus), de huzaarapen (Erythrocebus) en de dwergmeerkatten (Miopithecus). Ze verschillen onderling sterk in kleur, maar komen overeen in lichaamsbouw. Meerkatten zijn tussen de 70 en 175 cm lang en hebben een staart die een derde tot de helft van hun totale lichaamslengte inneemt. Ze hebben een korte snuit, en zeer handige grijphanden en -voeten. De grote kleurverscheidenheid dient waarschijnlijk om de apen in staat te stellen hun soortgenoten snel te herkennen.

De naam 'meerkat' wordt in het Afrikaans gebruikt voor het stokstaartje. Stokstaartjes zijn daarentegen roofdieren die tot de familie der mangoesten behoren. Ook in het Engels worden stokstaartjes 'meerkat' genoemd, wat soms onvertaald wordt overgenomen zoals in de Disneyfilm De Leeuwenkoning.

Voedsel[bewerken]

Meerkatten eten met name bladeren, vruchten en bloemen. Drinken doen ze weinig: hun vocht verkrijgen ze grotendeels van de bladeren waarop regenwater is gevallen. Sommige meerkatten eten ook insecten en de eieren en jongen van vogels, maar dat is een zeldzaamheid. Op zoek naar voedsel ruïneren meerkatten soms tuinen en akkers, en dan worden ze beschouwd als een plaag. Er worden daarom regelmatig drijfjachten op ze gehouden.

Voortplanting[bewerken]

Meerkatten planten zich gedurende het hele jaar voort. De draagtijd is rond de zeven maanden. Het paringsritueel is van alle franje ontdaan: het mannetje bestijgt het vrouwtje plompverloren van achteren en klemt zich met de voeten aan haar benen vast. De jonge dieren zijn geheel anders van kleur dan de volwassenen, maar de vacht verandert al snel van kleur zodat de iets ouderen al de volwassen kleurschakering hebben. Meerkatjongen worden door de volwassenen goed beschermd. Als een jong een noodkreet slaakt, komen de volwassen dieren van alle kanten toesnellen. De duidelijk te herkennen vacht van het jong draagt daartoe bij.

Leefgebied[bewerken]

Meerkatten leven in verschillende biotopen. De groene meerkat leeft op savannen, andere leven in de wouden. Daarbij hebben sommige soorten een voorkeur voor primair bos, andere voor secundair bos en sommigen kiezen voor moerasbos of voor bergbos. Bovendien leven binnen één type bos verschillende soorten op verschillende hoogten.

Vijanden[bewerken]

De kroonarend is voor meerkatten die in bossen leven een belangrijke vijand. Deze arend glijdt stil tussen de toppen van de bomen door, om de nietsvermoedende meerkatten bij de kop te grijpen. Op de savannen zijn er meer vijanden, zoals verschillende soorten roofvogels en de luipaard. Meerkatten hebben alarmroepen voor vijanden, maar verdedigen zich zelden. Wel nemen ze dreighoudingen aan. De mannetjes dreigen door op en neer te springen op takken of in boomkruinen. Op de savannen laten ze zich ook wel op de grond vallen in de hoop gezien te worden. Zo lokken ze de aandacht van de vijand weg van de vrouwtjes en de jongen. Om zich te ontdoen van spanning geeuwen meerkatten vaak. Dit geeuwen is dus geen teken van vermoeidheid.

Taxonomie[bewerken]

Deze geslachtengroep bestaat uit vijf geslachten.

Icoontje WikiWoordenboek Zoek meerkat op in het WikiWoordenboek.