Mengistu Haile Mariam

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Mengistu Haile Mariam in 1986

Mengistu Haile Mariam (Amhaars: ሊየተና ኮሎኔል መንግስቱ ኃይለ ማርያም) (Wollamo of Walayitta, 21 mei 1937), is een Ethiopisch militair en voormalig president van Ethiopië. Het Amhaarse woord Mariam betekent "De kracht van Maria" en Mengistu betekent "macht". Hij zou het onwettig kind zijn van baron Kebele. Op diens kosten volgde hij een militaire opleiding.

Staatsgreep[bewerken]

Als jong officier speelde Mengistu een sleutelrol tijdens de staatsgreep van september 1974 die een einde maakte aan het bewind van keizer Haille Selassie I. Mengistu werd vervolgens lid van de Dergue. In 1975 werd de monarchie afgeschaft en in 1977 werd Ethiopië een volksrepubliek. Brigadegeneraal Tafari Benti (1921-1977), de voorzitter van de Dergue, werd in 1977 om het leven gebracht, waarna Mengistu het voorzitterschap van de Dergue op zich nam. In december 1979 werd hij tevens voorzitter van de Partij van de Arbeiders van Ethiopië (COPWE).

Terreur[bewerken]

In het begin deed Mengistu zich kennen als een vreselijke dictator die de Rode Terreur (Qey Shibir) uitoefende. Tegenstanders van links en rechts werden opgepakt, opgesloten of gedood. In 1975 kwamen zowel ex-keizer Haille Selassie als de patriarch van de Ethiopisch-orthodoxe Kerk om het leven onder verdachte omstandigheden. Linkse studenten die zich tegen Mengistu's bewind keerden werden opgepakt.

Mengistu's radicale politiek om Ethiopië om te vormen tot een socialistische volksrepubliek bezorgde hem veel vijanden in het binnen- en buitenland. Zijn plannen om landbouwcollectieven in te stellen stuitten op veel verzet en veroorzaakten nieuwe hongersnood.

Oorlogen[bewerken]

Van 1974 tot 1988 geraakten Ethiopië en Somalië omwille van het Ogaden-grensgebied in een oorlog verwikkeld. Het Ethiopische regime werd op grote schaal gesteund door de Sovjet-Unie, en haar satellieten Cuba en Oost-Europese landen, terwijl het Somalische regime van Siyad Barre op grote schaal steun ontving van de Verenigde Staten. Daarnaast leverde het Ethiopische leger ook nog strijd tegen de Eritrese afscheidingsbewegingen die naar een onafhankelijk Eritrea streefden.

Net als de vroegere keizers streefde ook Mengistu naar een groot Ethiopië.

In 1988 sloot hij vrede met Somalië, maar de strijd tegen de Eritrese afscheidingsbewegingen ging gewoon door. Daarnaast vocht ook het socialistische Ethiopisch Volksrevolutionair Democratisch Front (EPRDF) tegen Mengistu's bewind, evenals de aanhangers van het Volksbevrijdingsfront van Tigray (TPLF). Deze laatste beweging streefde naar onafhankelijkheid of in ieder geval verregaande autonomie van Tigray. In 1989 fuseerden alle verzetsbewegingen en gingen in EPRDF op.

Binnenlandse hervormingen[bewerken]

In 1984 werd Mengistu secretaris-generaal van de nieuw gevormde Ethiopische Arbeiderspartij (EWP, opvolger van de COPWE). In 1987 werd hij president en proclameerde de Democratische Volksrepubliek Ethiopië.

Om meer steun te vinden onder de bevolking, zocht Mengistu eind jaren-1980 steun bij de Ethiopisch-orthodoxe Kerk en beloofde hij de landhervormingen stil te leggen. In maart 1990 brak Mengistu met het marxisme-leninisme en werd Ethiopië een "gewone"republiek. De EWP verloor haar monopoliepositie en een meerpartijenstelsel werd ingevoerd.

Ballingschap[bewerken]

Dit alles mocht echter niet baten en in 1991 moest hij uitwijken naar Zimbabwe, waar hij nog steeds gast is van president Robert Mugabe. Tijdens een tribunaal in Ethiopië (1994-2006) werd hij schuldig bevonden en in januari 2007 werd hij bij verstek veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf. Het openbaar ministerie was hier echter niet tevreden mee en eiste de doodstraf. In mei 2008 werd Mengistu door het Ethiopische hooggerechtshof bij verstek ter dood veroordeeld.[1]

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties