Menno Simons

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Menno Simons

Menno Simons (Witmarsum, ca. 1496Bad Oldesloe (Sleeswijk-Holstein), 31 januari 1561) {Fries: Minne Simens} was een Nederlands, voormalig rooms-katholiek priester en leidinggevende anabaptistische reformator (kerkhervormer).

Levensloop[bewerken]

Hij werd in Utrecht tot priester gewijd, en werd in 1524 aangesteld als kapelaan in Pingjum. Hij sympathiseerde eerst met Luther in de jaren 20 van de 16e eeuw, daarna voelde hij zich meer aangetrokken door Huldrych Zwingli. Rond 1531 raakte hij onder de indruk van de uit Zwitserland stammende anabaptisten, ook wel dopers of wederdopers genoemd, maar in 1532 werd hij pastoor te Witmarsum. Hij preekte in de jaren 34-36 vurig tegen de militante praktijken van Jan van Leiden en Jan van Batenburg. In 1535 liet hij zich echter opnieuw dopen (wederdopen; hij was reeds als kind gedoopt in de katholieke Kerk), en daarmee kwam het tot een openlijke breuk met de Rooms-katholieke Kerk. Op 30 januari 1536 verliet hij Witmarsum. In verband met de vervolgingen vertrok hij naar Groningen en Oost-Friesland. Bij de vergaderingen van Bocholt 1536 en Oldenburg 1538 was zijn aanhang nog een minderheid ten opzichte van die van David Joris, maar later zouden de mennonieten, vooral in Noord-Amerika, de hoofdstroming van de doopsgezinden worden.

Simons organiseerde door heel het Duits-Nederlandse taalgebied de gemeenten, wees leidslieden aan, en steunde zijn geloofsgenoten schriftelijk. In 1539 verscheen zijn 'Fundamentenboek', dat in zijn geloofsgroep zeer geliefd was. Simons was streng op de levenshouding: de gemeente moest 'zonder vlek of rimpel' (Ef. 5:27) zijn. Hij legde daarbij de nadruk op de noodzaak van geestelijke wedergeboorte, het zuivere apostelschap van de christelijke gemeente en verwierp de kinderdoop als bijbels niet-gefundeerd. Hij bleef verdacht vanwege zijn leer over Christus, welke hij aan Hoffman had ontleend: het eeuwige Woord van God zou niet de menselijke natuur verkregen hebben uit Maria, maar het Woord was vlees geworden door een scheppende daad van God.

Menno Simons (1854)

Menno Simons overleed op 65-jarige leeftijd te Bad Oldesloe in Sleeswijk-Holstein en ligt daar begraven onder een linde die, naar wordt aangenomen, door hem zelf is geplant. Op 11 september 1878 werd bij zijn geboortedorp een monument onthuld ter nagedachtenis aan Simons. Op de plaats van het monument heeft vroeger een huisje gestaan, waarin de Doopsgezinden vroeger bijeen kwamen. Simons zou zijn geloofsgenoten hier hebben toegesproken.

Mennonieten[bewerken]

Doopsgezinden worden ook wel mennonieten of mennisten genoemd. In de Verenigde Staten zijn er diverse groepen gelovingen die zich "Mennonite Church" noemen. Er zijn doopsgezinden in alle werelddelen te vinden.

Grote groepen mennonieten zijn in en na de Tweede Wereldoorlog uit Rusland verdreven, vanwege vermeende contacten met de Duitse bezetters. Een deel van deze mennonieten is in Canada terechtgekomen. Momenteel zijn er meer dan 1,3 miljoen doopsgezinden wereldwijd.

Meniste leugen[bewerken]

De volgende anekdote betreft de Meniste leugen.

Menno Simons werd halverwege de 16e eeuw gezocht door de Spanjaarden. Een koets waarin hij zat werd aangehouden, zo wil het verhaal, en Spaanse soldaten vroegen of Simons aan boord was. 'Nee, nee!' riepen de angstige passagiers. De doopsgezinde leraar Hans Busschaert, wiens geloofsovertuiging hem verbood onwaarheid te spreken, boog zich vervolgens naar buiten en zei: 'Men zegt dat Menno Simons zich niet in deze koets bevindt', waarop de tocht ongehinderd kon worden voortgezet.

Een andere versie is deze: Simons stond op en vroeg "Zit Menno Simons in deze wagen?" De inzittenden riepen allen "nee".

Documentatie over Menno Simons[bewerken]

Een belangrijke (internationale) verzameling boeken, prenten, tijdschriften en andere documenten bevindt zich in de Bibliotheek van de Verenigde Doopsgezinde Gemeente Amsterdam (V.D.G.A.), die is ondergebracht bij de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam. Zo is hier onder meer de Troostbrief der weduwen van 18 mei ca. 1550. Het is het enige bewaard gebleven handschrift van Simons, geschreven in het Overlandse dialect van Noord-Oost Nederland en Noord-Duitsland. Deze brief telt 43 regels.

Literatuur[bewerken]

Sporen van Menno: het veranderende beeld van Menno Simons en de Nederlandse mennisten / Piet Visser; met medew. van Mary Sprunger & Adriaan Plak. Krommenie [etc.]: Knijnenberg [etc.], 1996. Uitgave in samenw. met de Universiteitsbibliotheek van Amsterdam en de Eastern Mennonite University, Harrisonburg. - Uitg. ter gelegenheid van de viering in 1996 van de 500e geboortedag van Menno Simons.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]