Milieubeleid

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Milieubeleid is overheidsbeleid gericht op het tegengaan en voorkomen van aantasting van het leefmilieu. In de jaren 60 van de 20e eeuw nam de belangstelling voor milieuverontreiniging toe met een sterker milieubewustzijn bij burgers en overheden als gevolg. Omstreeks 1970 werd voor het eerst een omvattend milieubeleid geformuleerd door de rijksoverheid.

De milieuproblematiek[bewerken]

Men kan de milieuproblematiek indelen naar:

Het milieuprobleem is complex en diffuus, zowel qua oorzaak als qua gevolgen. Milieuproblemen spelen zich veelal af op grote schaal en hangen op vele wijzen onderling samen. Daardoor zijn de milieuproblemen moeilijk te doorgronden en is men het vaak niet eens over de aard en de ernst van de problematiek. In de loop van de tijd hebben zich dan ook diverse wisselingen inzake de probleemdefinitie voorgedaan.

Doelstellingen van milieubeleid[bewerken]

De hoofddoelstellingen van milieubeleid zijn:

  • Het opruimen van vervuiling en het tegengaan van verdere vervuiling.
  • Het voorkomen van een overmatig gebruik van natuurlijke hulpbronnen.
  • Het voorkomen van een sterke aantasting van natuur en landschap.

Sinds het einde van de jaren ’80 wordt de tweede doelstelling veelal vertaald in het streven naar duurzame ontwikkeling, dat wil zeggen het streven om niet meer hulpbronnen te verbruiken dan er door natuurlijke aanwas bijkomen. Hierdoor zijn ook latere generaties verzekerd van hulpbronnen. Het begrip duurzaamheid behoeft nadere concretisering in maximaal aanvaardbare maten van verontreiniging, aantasting en uitputting, en daarvandaan weer in concrete milieukwaliteitseisen, grenswaarden, streefwaarden, enzovoorts. Hoewel het streven naar duurzaamheid vrij duidelijk bepaalt wat de doelen van milieubeleid zouden behoren te zijn, wordt er in de praktijk onderhandeld tussen partijen en landen over milieudoelen, omdat vele maatschappelijke partijen (actoren) het met elkaar eens moeten worden voordat het milieubeleid kan worden uitgevoerd.

Vereisten voor de oplossing van de problematiek[bewerken]

Aan het bereiken van deze doelen kan door technische maatregelen een bijdrage worden geleverd, maar dit is maar een deel van de oplossing. Daarnaast zijn ook verdergaande maatregelen nodig. Te nemen maatregelen kunnen als volgt worden ingedeeld:

  • Emissiegerichte maatregelen. Gericht op de beperking van de uitstoot van vervuilende stoffen.
  • Volumegerichte maatregelen. Waarbij de hoeveelheid producten of het gebruik ervan worden gereguleerd.
  • Structuurgerichte maatregelen. Waarbij de aard van productie- en consumptieprocessen wordt gewijzigd.

Alle belangrijke groepen actoren, zoals burgers, bedrijfsleven en overheid, hebben een belangrijke rol in de milieuproblematiek. Elk van deze groepen zal dan ook een bijdrage moeten leveren aan de oplossing. In de praktijk is het moeilijk om het handelen van de verschillende groepen op elkaar af te stemmen, omdat er botsende belangen in het spel zijn. Omdat de milieuproblematiek internationaal van aard is, zullen verschillende landen het met elkaar eens moeten worden. Ook dit is niet eenvoudig door uiteenlopende belangen.

Strategie en instrumenten[bewerken]

Binnen het milieubeleid worden de volgende instrumenten gehanteerd:

  • Directe regulering, gebaseerd op dwang.
  • Indirecte, marktconforme regulering, gebaseerd op het ruilprincipe.
  • Communicatieve instrumenten, gebaseerd op overreding.

In de loop der tijd zijn er verschuivingen opgetreden in het instrumentarium van het milieubeleid. Waar de nadruk oorspronkelijk lag op regulering door middel van wetten en milieuvergunningen, wordt er momenteel meer gebruikgemaakt van marktconforme en communicatieve instrumenten. Marktconforme instrumenten zijn bijvoorbeeld milieuheffingen, subsidie en verhandelbare emissierechten (emissiehandel). Dit maakt het mogelijk om de vervuiler te laten betalen. In dit verband spreekt men ook wel van een 'vergroening van het belastingstelsel'. Door het gebruik van communicatieve instrumenten hoopt de overheid het maatschappelijk draagvlak voor milieumaatregelen te vergroten, en te komen tot een verinnerlijking bij de burger van milieuvriendelijke waarden en normen.

Het milieubeleid maakt ook gebruik van planning. Het Nationale Milieubeleidsplan (NMP) vormt daarbij het kader. Ook provincies en gemeenten stellen eigen Milieubeleidsplannen op.

Internationaal milieubeleid[bewerken]

Omdat milieuproblemen veelal internationaal van aard zijn, vereist de oplossing ook een internationale aanpak. Dit is de reden dat ook de Europese Unie een milieubeleid heeft ontwikkeld. De EU werkt hierbij met milieurichtlijnen en -verordeningen. Recentelijk heeft zij ook vormen van emissiehandel geïntroduceerd.

Uitvoering en handhaving[bewerken]

Het milieubeleid is een schoolvoorbeeld van een beleidsterrein dat met uitvoeringsproblemen te kampen heeft. Beoogde doelstellingen worden veelal niet behaald. Enkele van de oorzaken hiervoor:

  • Weerstand bij degenen tot wie het beleid zich richt.
  • Gebrekkige handhavings- en sanctioneringmechanismen.

Het resultaat van milieubeleid[bewerken]

Het milieubeleid was tot nu toe minder doeltreffend en doelmatig dan was gehoopt. De zichtbare milieuverontreiniging is in Nederland wel verminderd, maar de druk op het milieu (milieudruk) is nog steeds veel te hoog. Er is slechts een eerste stap op weg naar duurzaamheid gezet.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]