Mitralisklep

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Aanzicht van enkele hartkleppen.
De animatie toont het beeld van bewegingen van de hartkleppen. Het betreft een 4D-echo-opname via de apex. Een deel van de klep in de rechterkamer is virtueel verwijderd.

De mitralisklep, valvula mitralis[1] of tweeslippige klep[2] is de hartklep tussen linkerboezem en linkerkamer. Ze is dus één van de twee atrio-ventriculaire kleppen. De klep sluit tijdens de systole om te voorkomen dat het bloed weer teruggepompt wordt, de longaders in.

Bouw[bewerken]

De klep bestaat uit twee klepbladen of slippen, het voorste en het achterste, die samen 4 tot 6 cm² beslaan. Aan de randen van de slippen zitten pezen die chordae tendineae worden genoemd. Deze hechten aan aan de zogenaamde papillairspieren die onderdeel uitmaken van het spierweefsel van de linkerventrikel. Daardoor kan een intacte mitralisklep tijdens de systole niet doorslaan, waardoor mitralisinsufficiëntie zou ontstaan.

Functie[bewerken]

Na de systole daalt de druk in de linkerkamer snel doordat het spierweefsel verslapt. Daardoor gaat de mitralisklep open en stroomt er bloed van het linkeratrium (de linkerboezem) de linkerventrikel (de linkerkamer) in. Ongeveer 70 tot 80% van het bloed dat de kamer binnenkomt doet dat tijdens deze eerste fase. Hierna vult de kamer zich langzamer, uiteindelijk zorgt de activiteit van het atrium (de boezem) vlak voor de systole nog voor extra vulling.

Harttonen[bewerken]

Het sluiten van de mitralisklep is met de stethoscoop te horen als de eerste harttoon. In een gezond hart zijn het openen van de kleppen of het stromen van het bloed niet hoorbaar.

Bronnen
  1. Meckel, J.F. (1817). Tabulae anatomico-pathologicae modos omnes, quibus partium corporis humani omnium forma externa atque interna a norma recedit, exhibentes. Fasciculus primus. London: Treutel & Würz.
  2. Kloosterhuis, G. (1965). Praktisch verklarend zakwoordenboek der geneeskunde (9de druk). Den Haag: Van Goor Zonen.