Moerasparelmoervlinder

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Moerasparelmoervlinder
Euphydryas aurinia.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Arthropoda (Geleedpotigen)
Klasse: Insecta (Insecten)
Orde: Lepidoptera (Vlinders)
Familie: Nymphalidae (Vossen, parelmoervlinders en weerschijnvlinders)
Onderfamilie: Nymphalinae
Geslacht: Euphydryas
Soort
Euphydryas aurinia
(Rottemburg, 1775)
Rups
Rups
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Insecten

De moerasparelmoervlinder (Euphydryas aurinia) is een vlinder uit de familie Nymphalidae, de vossen, parelmoervlinders en weerschijnvlinders.

Verspreiding[bewerken]

De soort komt voor van Schotland, midden-Zweden en Zuidoost-Finland tot Noord-Afrika en van Ierland en Portugal tot Oost-Azië. De soort komt 'tamelijk verspreid' voor in Groot-Brittannië en 'weinig verspreid' in Ierland.

In Nederland werd de moerasparelmoervlinder vroeger tamelijk verspreid en tamelijk talrijk waargenomen. Ze kwam tot zeker 1942 voor in Friesland, met 2 vindplaatsen in het zuiden bij Wolvega en Nijetrijne. Sinds 1970 kwam de soort nog maar op één vindplaats voor, langs de Meije in het Utrechts veenweidegebied. Sinds 1982 wordt de soort ook hier niet meer gevonden en geldt ze als uitgestorven in Nederland. De moerasparelmoervlinder staat als verdwenen op de Nederlandse rode lijst.

Levenswijze[bewerken]

De moerasparelmoervlinder legt alle eieren in één keer, in hoopjes van 250-600. Slechts een enkele keer verdeelt het vrouwtje de eieren over 2 legsels. Als waardplanten worden genoemd blauwe knoop (Succisa pratensis) en duifkruid (Scabiosa columbaria). De rupsen overwinteren als halfvolgroeide rups en verpoppen in de lente. De vlinder vliegt van begin mei tot half juni.

Biotoop[bewerken]

De vlinder wordt aangetroffen in drie habitats:

  • moerassen met vrij lage begroeiing,
  • schrale kalkgraslanden die licht beweid worden,
  • blauwgraslanden die laat in het seizoen gehooid worden.
Bronnen, noten en/of referenties
  • Bink, F.A. (1992) Ecologische Atlas van de Dagvlinders van Noordwest-Europa, Haarlem: Schuyt.
  • K. Veling et al. (2001) Dagvlinders in Fryslân, Utrecht en Leeuwarden: KNNV Uitgeverij/Friese Pers Boekerij, pp. 169