Mohamed Ghannouchi

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Mohamed Ghannouchi
Mohamed Ghannouchi.jpg
Premier van Tunesië
Ambtstermijn 17 november 1999 - 27 februari 2011
Voorganger Hamed Karwi
Opvolger Beji Caid el Sebsi
Geboren 18 augustus 1941
Geboorteplaats Sousse
Politieke partij Rassemblement Constitutionel Démocratique
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Mohamed Ghannouchi (Arabisch: محمد الغنوشي, Mohammed al-Gannoesji) (Sousse, 18 augustus 1941) is een Tunesisch politicus. Van 17 november 1999 tot 27 februari 2011 was hij de 32ste premier van Tunesië. Hij trad af na protesten tegen hem.[1]

Ghannouchi is lid van het Tunesische parlement voor de constitutionele partijbijeenkomst (Rassemblement Constitutionel Démocratique).

Vanaf 1989 leidde Ghannouchi de onderhandelingen van Tunesië met het Internationaal Monetair Fonds en de Wereldbank. Tussen 1992 en 1999 was Ghannouchi minister van Internationale Samenwerking en Buitenlandse Investeringen, financiën en economische zaken. In november 1999, na de herverkiezing van president Zine El Abidine Ben Ali, benoemde deze Ghanouchi tot minister-president. Na de val van de president op 14 januari 2011 werd aanvankelijk aangekondigd dat Ghanouchi het presidentschap zou waarnemen. Ben Ali had vlak voor zijn vlucht het kabinet-Ghannouchi echter ontslagen, en volgens rechters van het Constitutioneel Hof bepaalt de grondwet dat de parlementsvoorzitter automatisch interim-president wordt als het presidentschap en het premierschap vacant zijn. Zo werd Fouad Mebazaa interim-president. Deze droeg direct Ghannouchi de vorming op van een regering van nationale eenheid.

Ghannouchi benoemde enkele vertegenwoordigers van de oppositie op ondergeschikte ministeries, maar handhaafde de ministers uit zijn oude kabinet op de sleutelposities. Enkele nieuwe ministers traden daarom meteen weer af, en de onrust in de straten van de steden bleef. Ghannouchi legde de nadruk op de voorbereiding van vrije verkiezingen die continuïteit in de regering noodzakelijk maakte. Hij trad uit de RCD, kondigde aan zelf geen kandidaat te zijn en zich na de verkiezingen uit de politiek te zullen terugtrekken. Op 27 januari vormde hij zijn tweede regering van nationale eenheid, waarin twaalf nieuwe ministers werden benoemd. Onder andere de ministeries van binnen- en buitenlandse zaken en defensie gingen naar onafhankelijken.

Bronnen, noten en/of referenties
Voorganger:
Hamed Karwi
Premier van Tunesië
1999-2011
Opvolger:
Beji Caid el Sebsi