Mohammed Omar
| Amir-ul-Momineen | ||||
| Afbeelding gewenst | ||||
| Algemene informatie | ||||
| Volledige naam | Mullah Mohammad Omar | |||
| Geboren | Singesar, Kandahar, |
|||
| Nationaliteit | ||||
| Beroep | Leider en Strijder | |||
| Bekend van | Commandant ten tijde van Soviet bezetting van Afghanistan en nu leider van de Taliban groepering. | |||
| Overige informatie | ||||
| Religie | Soeni, Moslim | |||
| Politiek | Taliban | |||
| Zie ook | Taliban | |||
|
||||
Mohammed Omar (Afghaans: ملا محمد عمر ) (ook wel bekend als "Amir-ul Momineen" (wat "Commandant der Gelovigen" betekent)) (Singesar, Afghanistan, 1959) is de leider van de Taliban in Afghanistan en was de facto staatshoofd van het Islamitisch Emiraat Afghanistan, zoals het land heette in de Taliban-periode, van 1996 tot 2001. Hij was vooral onder de naam Moellah Omar bekend. Hij is op de vlucht sinds de Oorlog in Afghanistan van 2001 en wordt gezocht door de Verenigde Staten voor het onderdak verlenen aan Osama bin Laden en zijn Al Qaida organisatie.
Omar is een etnische Pashtun en wordt beschreven als erg lang (sommigen zeggen 1,98 m). Hij nam deel aan de oorlog tegen de Russische bezetting in de jaren 1980, en raakte vier keer gewond. Hij verloor in de oorlog zijn rechteroog.
Moellah Omar wordt beschouwd als hoogste leider van het Taliban-bewind dat Afghanistan regeerde van 1996 tot 2001. Hij trad evenwel niet als staatshoofd naar buiten en gaf nooit interviews aan westerse journalisten. Omar moest in december 2001 vluchten nadat het laatste bolwerk van de Taliban, de zuidelijke stad Kandahar viel.
De Verenigde Staten hebben een beloning van 10 miljoen dollar uitgeloofd voor zijn gevangenneming.[1]
In januari 2007 en december 2008 liet hij van zich horen middels e-mailberichten, waarin hij aankondigde de buitenlandse troepen uit Afghanistan te zullen verdrijven. Hij beweerde niet te weten, waar Osama bin Laden zich bevindt. Hij ontkende dat "het Islamitisch Emiraat Afghanistan" (= de Taliban) in Saoedi-Arabië, de Verenigde Arabische Emiraten of waar dan ook zou hebben onderhandeld met de regering van president Karzai. Deze mededelingen waren door hem ondertekend en per email gezonden naar het persbureau AFP.
Bronnen, noten en/of referenties
|
| Voorganger: Burhanuddin Rabbani |
Commandant van de Gelovigen (de facto leider van Afghanistan) 1996-2001 |
Opvolger: Burhanuddin Rabbani |