Montmorilloniet

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Montmorilloniet
Mineraly.sk - montmor.jpg
Mineraal
Chemische formule (Na,Ca)0,3(Al,Mg)2Si4O10(OH)2·n(H2O)
Kleur Wit, grijswit, geel, bruingeel, groengeel
Streepkleur Wit
Hardheid 1,5 - 2
Gemiddelde dichtheid 2,35 kg/dm3
Glans Dof
Opaciteit Doorschijnend tot opaal
Splijting [001] Perfect
Kristaloptiek
Kristalstelsel Monoklien
Lijst van mineralen
Portaal  Portaalicoon   Aardwetenschappen

Het mineraal montmorilloniet is een gehydrateerd natrium-calcium-aluminium-magnesium-silicaat met de chemische formule (Na,Ca)0,3(Al,Mg)2Si4O10(OH)2·n(H2O). Het fylosilicaat behoort binnen de kleimineralen tot de smectietgroep.

Eigenschappen[bewerken]

Het (grijs)witte of (bruin- of groen)gele montmorilloniet heeft een doffe glans, een witte streepkleur en de splijting is perfect volgens kristalvlak [001]. De gemiddelde dichtheid is 2,35 en de hardheid is 1,5 tot 2. Het kristalstelsel is monoklien en het mineraal is niet radioactief.

Net als andere kleimineralen uit de smectietgroep kan montmorilloniet een variërend aantal watermoleculen opnemen, waarbij het uitzet. Smectietmineralen zwellen daardoor op wanneer ze in aanraking komen met water. Vanwege deze eigenschap hebben ze diverse toepassingen, zoals in de bouwindustrie of bij de opslag van radioactief afval.

Naam[bewerken]

Het mineraal montmorilloniet is genoemd naar de Franse gemeente Montmorillon, waar het mineraal voor het eerst beschreven werd.

Voorkomen[bewerken]

Montmorilloniet is een van de meest voorkomende kleimineralen en komt voor in schalies en andere klei-houdende sedimentaire gesteenten. De typelocatie is Montmorillon, Vienne, Frankrijk.

Een gesteente dat grotendeels uit montmorilloniet bestaat is bentoniet.

Bodems met grote hoeveelheden montmorilloniet worden vertisolen genoemd. Deze bodems hebben zeer specifieke zwel- en krimpeigenschappen, zoals in droge perioden zichtbaar is aan de brede en diepe scheuren.

Externe link[bewerken]

Zie ook[bewerken]