Moord op de familie Robison

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De moord op de familie Robison (ook wel bekend als de Good Hart-moorden) verwijst naar de moord op Richard Robison, zijn vrouw Shirley Robison en hun vier kinderen Ritchie, Gary, Randy en Susan in de zomer van 1968. De leden van deze rijke familie uit Detroit werden vermoord terwijl ze de vakantie doorbrachten in hun zomerhuisje in Good Hart (Michigan). De zaak is tot op heden nog niet opgelost.

Richard en Shirley Robison en hun drie zoons werden doodgeschoten. Hun dochter Susan werd doodgeslagen met een klauwhamer. Shirley Robison was naakt vanaf haar middel toen de lichamen werden ontdekt. De politie verdacht Richard Robisons zakenpartner, Joseph Scolaro III, van de misdaden, maar aanklager Donald Noggle uit Emmet County (Michigan) weigerde om een aanklacht in te dienen.

Scolaro pleegde zelfmoord in 1973, met achterlating van een briefje waarin hij het plegen van de moorden ontkende. Seriemoordenaar John Norman Collins werd ook onderzocht met betrekking tot de moorden. Collins had samen met Richard colleges gevolgd op de Eastern Michigan University en was actief in die periode.

Bronnen, noten en/of referenties