Moorden in Ciudad Juárez

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken

Sinds 1993 zijn er in Ciudad Juárez (Mexico) honderden vrouwen vermoord. Volgens Amnesty International zijn 370 gevallen bekend (februari 2005), en zijn er nog zo'n 400 vrouwen vermist. Wereldwijd wordt er kritiek geuit op de lokale en nationale autoriteiten, onder andere door mensenrechtenorganisaties, vrouwenrechtenorganisaties en de Verenigde Naties. Deze moordpartij wordt soms aangeduid als femicide. Het overgrote deel van de moorden is niet opgelost.

Inhoud

[bewerk] Patroon

Volgens de Inter-Amerikaanse Commissie voor de Mensenrechten kennen de moorden hetzelfde patroon: "De Slachtoffers van deze misdaden zijn overwegend jonge vrouwen, tussen de 15 en 25 jaar oud. Velen waren studenten, en de meesten waren arbeidsters in maquiladoras. Een aantal waren relatieve nieuwkomers in Ciudad Juárez die geëmigreerd waren uit andere delen van Mexico. De slachtoffers zijn over het algemeen als vermist opgegeven door hun families, en hun lichamen werden dagen of maanden later achtergelaten gevonden in braakliggende percelen of afgelegen gebieden. In de meeste gevallen waren er tekenen van seksueel geweld, misbruik, marteling en in sommige gevallen verminking."

Verder is opvallend dat veel slachtoffers hetzelfde type uiterlijk hebben. Ook de economische achtergrond vertoond een patroon, de meeste slachtoffers zijn van arme afkomst. In ongeveer 20% van de gevallen is duidelijk dat de slachtoffers zijn vermoord door een partner.

Naast de moorden op vrouwen is ook een (kleiner) aantal mannen slachtoffer geworden van moord. In hoeverre dit verband houdt met de moorden op vrouwen is volstrekt onduidelijk. In recente jaren zijn ook in Chihuahua en Guatemala-stad vergelijkbare moordpartijen begonnen.

[bewerk] Mogelijke verklaringen

Verschillende verklaringen voor het hoge aantal moorden zijn gegeven. Zo wordt soms als reden gegeven dat sinds het begin van de jaren '90 het vooral de vrouwen zijn die werk hebben gevonden in de maquiladora's. Hierdoor zijn ze financieel onafhankelijk geworden en gaan emanciperen, tot onvrede van een deel van de mannelijke bevolking. Volgens deze theorie zouden de moorden dan uit een soort wraak zijn gepleegd. Deze theorie is overigens zeer omstreden, maar het feit dat een deel van de moorden wordt gepleegd door partners is wel een duidelijke ondersteuning van deze theorie.

Nog meer omstreden is de bewering van een aantal lokale politici en politiefunctionarissen dat de slachtoffers de moorden over zichzelf afgeroepen hebben. De slachtoffers zouden zich te 'uitdagend' gekleed of gedragen hebben, of zelfs prostituee zijn. Uiteraard roept deze mening bijzonder veel weerstand op. De verdedigers van deze bewering gebruiken als argument dat bij een aantal van de vermoorde vrouwen inderdaad bewezen is dat het om prostituees ging. Dit is echter maar een zeer klein aantal, minder dan een procent, en kan daarom zeker niet als verklaring aangevoerd worden.

Er is een aantal daders veroordeeld, maar het is maar zeer de vraag of dat daadwerkelijk de daders waren. Er zijn verschillende gevallen bekend van vervalst bewijs, en de autoriteiten worden zelfs beschuldigd van het onder dwang laten afleggen van verklaringen en martelingen.

De eerste persoon die gearresteerd was in verband met de moorden was Abdul Latif Sharif, een in de Verenigde Staten woonachtige Egyptenaar. Sharif had al een bijzonder groot strafblad. Hij werd veroordeeld wegens de moord op een maquiladora-arbeidster in 1995. Na de gevangenneming van Sharif zijn de moorden echter onverminderd doorgegaan. Het is daarom mogelijk dat Sharif niet de dader was, en als hij de dader was was hij zeer zeker niet de enige.

Anderen die zijn opgepakt zijn Víctor García Uribe, die in 2004 is veroordeeld voor acht moorden, en Gustavo González Meza, die echter onder verdachte omstandigheden overleed voor hij veroordeeld kon worden. Verder zijn tien gangleden van de Toltecas en de Rebeldas veroordeeld voor in totaal twaalf moorden. In 2006 is Edgar Álvarez Cruz gearresteerd vanwege een van de moorden, en wordt ervan verdacht nog zeker 13 andere moorden te hebben gepleegd.

Het is nog steeds niet zeker of het om één moordenaar gaat, om een samenwerkende groep of dat de moorden niets met elkaar te maken hebben, alhoewel dat laatste onwaarschijnlijk is. Er zijn verschillende argumenten die doen vermoeden dat het om één moordenaar gaat. Veel moorden vertonen hetzelfde patroon, en de vrouwen die vermoord zijn lijken sterk op elkaar. Het zou dan om een psychopaat of lustmoordenaar gaan met specifieke voorkeuren. Verder is het, aangezien de moorden al meer dan tien jaar doorgaan, onwaarschijnlijk dat er een groep achter zit. Het is immers moeilijker een persoon op te sporen dan een groep. Hetzelfde kan echter ook wijzen op meerdere daders, omdat het bijzonder moeilijk is voor één dader om zo'n groot aantal moorden te plegen zonder dat het ontdekt wordt. Aangezien er al verschillende personen gearresteerd en veroordeeld zijn is het waarschijnlijker dat er niet één dader achter alle moorden zit.

Waar ook rekening mee gehouden kan worden is dat er aanvankelijk één moordenaar was, wiens gedrag later is nagedaan door anderen.

[bewerk] Kritiek

Uit binnen- en buitenland hebben de federale en lokale regering zeer veel kritiek gekregen over de manier waarop zij de moorden behandelen. Volgens critici doen de autoriteiten nauwelijks, of in ieder geval te weinig inspanning om de moorden op te lossen. De moorden zijn al twaalf jaar aan de gang en nog steeds niet voldoende opgehelderd. Jarenlang heeft de regering min of meer geprobeerd de moorden in de doofpot te stoppen, alhoewel daar sinds de verkiezing van Vicente Fox enigszins verandering in is gekomen. Toch verklaarde het bestuur van Ciudad Juárez recentelijk nog dat de media-aandacht rond de moorden overdreven is, en dat het alleen maar het imago van de stad schade toebrengt. Ook leden van de nationale regering verklaren nog regelmatig dat de moorden wel meevallen, dat de media-aandacht overdreven wordt of dat de meeste moorden al voldoende opgelost zijn.

Sommige bestuurders uit de staat Chihuahua menen dat het Amerikaanse Federal Bureau of Investigation (FBI) niet meewerkt aan het oplossen van de moorden. Ciudad Juárez ligt aan de Amerikaanse grens en veel slachtoffers zijn werkzaam bij Amerikaanse bedrijven. De FBI vindt deze beschuldiging onterecht, omdat de regering van Chihuahua elk resultaat van de FBI verwerpt.

Verder menen critici dat de politie een serieuze oplossing van het probleem tegenwerkt. Er zijn meerdere gevallen bekend van het vervalsen van bewijs en het onder dwang of marteling verkrijgen van getuigenissen. Op deze manier kunnen de echte daders (of kan de echte dader) nooit opgepakt worden. Sommigen beschuldigen de politie van het zich laten omkopen door de dader(s). Anderen gaan zelfs zo ver dat ze de politie zélf beschuldigen van (een deel van) de moorden.

Intussen zijn de moorden ook onder de aandacht gekomen van de populaire media en zetten filmsterren en zangers zich in om een oplossing te vinden. Sinds 1998 zijn de moorden ook in Nederland onder de aandacht gebracht, toen Hester van Nierop slachtoffer werd van een moord. Zij werd op 21 september 1998 verkracht en gewurgd aangetroffen in een hotelkamer in Ciudad Juárez. Van Nierop was daarmee het eerste buitenlandse slachtoffer. Internationaal begint er ook meer aandacht voor de kwestie te komen. Zo heeft Hollywoodster Jennifer Lopez samen met Antonio Banderas onlangs in de independentbudgetfilm Bordertown gespeeld. Deze film gaat over de moorden, en kreeg veel aandacht op het Gouden Beerfilmfestival in Duitsland.

[bewerk] Externe links

 
Persoonlijke instellingen