Mumijo

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Esculaap Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.

Mumijo [mumio, mumie, mummiyo, mummiya etc. zijn verschillende spellingen van het Russische мумиё] is ook bekend als Shilajit / Shilajeet[1] in de Ayurvedische geneeskunde en onder een aantal andere namen waaronder Barahshin, Dorobi, Baraga Shun, Chao-tong, Wu Ling Zhi en Brag-Shun. Het heeft een lange gebruiksgeschiedenis als alternatief medicijn en staat in de Ayurvedische geneeskunde in hoog aanzien als een remedie tegen allerlei kwalen, zoals nieraandoeningen, chronische bronchitis, diabetes, anemie (bloedarmoede) en verstoorde bloedsuikerwaarden, astma, galstenen, geelzucht, dyspepsie, bloedende aambeien, epilepsie, een vergrote lever en milt, algemene spijsverteringsstoornissen, wormen, prostatitis, zenuwzwakte, impotentie en gebrek aan libido, botfracturen, algemene wondheling, verkoudheid], als vitaliteit verhogend en als anti-verouderingsmiddel [2]. Meer dan 3000 jaar oude Sanskriet geschriften maken al melding van deze 'vernietiger der zwakheid'. Aristoteles schreef in de 4e eeuw voor Christus al over de helende werking van Mumijo.

Uiterlijk[bewerken]

Het is een teerachtige substantie die wordt gevonden in Afghanistan, Nepal, Bhoetan, Pakistan, China, Tibet en Rusland; op de hoogvlaktes [1000-5000m boven zee-niveau] van de Himalaya, de Kaukasus en het Altai gebergte, alle in Centraal-Azie. Ook in streken van Antarctica is een soortgelijke substantie gevonden.[3] De kleur kan variëren van gelig bruin tot diepzwart, afhankelijk van de samenstelling. Voor medicinale toepassingen wordt aan de zwarte variant de voorkeur gegeven, deze is het meest krachtig. Mumijo /Shilajit is zeldzaam en daardoor duur. Veel van de commercieel te koop aangeboden supplementen zijn waarschijnlijk in feite Ozokerite, een soortgelijke substantie, die echter geen organische bestanddelen bevat, wordt gewonnen in open mijnen (dus niet uit de bergwand komt sijpelen) en een ingrediënt is van o.m. lipstick en andere cosmetica. Het heeft geen medicinale werking. Ozokerite is keihard, terwijl Mumijo een zachte pasta is. Echte Mumijo heeft een vaag olieachtige/asfaltachtige geur, en zal in de palm van de hand zacht worden als gevolg van lichaamswarmte.

Folklore[bewerken]

Volgens de Altai folklore viel het de lokale bevolking op dat dieren, als zij zich zwak voelden of gewond waren, aan de zwarte of geelbruine substantie die op de rotsen zat likten en daar blijkbaar baat bij hadden. De mensen gingen het zelf proberen en de resultaten maakten indruk. In de Himalaya circuleren soortgelijke verhalen. De lokale Tibetaanse bevolking ontdekte Brag-Shun [zoals Mumijo ter plaatse wordt genoemd] toen ze apen observeerden. Deze likten aan de pasteuze massa die uit de bergkloven kwam sijpelen onder invloed van de zonnewarmte. Aangezien het observeren en interpreteren van dieren en hun gedrag een belangrijk onderdeel van de heelkunde was in die tijd legden de dorpelingen algauw een verband tussen de kracht en vitaliteit van de apen en de Brag-Shun. Ze begonnen het zelf te gebruiken en maakten melding van een opvallende verbetering van hun gezondheid en uithoudingsvermogen, meer vitaliteit en een afname van problemen zoals spijsverteringsaandoeningen en impotentie.

Oorsprong en samenstelling[bewerken]

Onder invloed van zonnewarmte 'zweet' de rots en dit 'zweet' is de Mumijo / Shilajit [2]. De chemische samenstelling is inmiddels vastgesteld[4][5]. Het is een wisselende combinatie van gefossiliseerde / gefermenteerde vegetatie van planten zoals de Euphorbia royleana [een cactus die een latex-achtige substantie afscheidt en daarmee waarschijnlijk verantwoordelijk is voor de pasta-achtige textuur van Mumijo] en Trifolium repens [witte klaver], vermengd met mineralen die van oorsprong in het gesteente aanwezig zijn. Verder zijn er schimmels en sporenelementen in overvloed, zoals in alle humus-achtige substanties.[5] De samenstelling is afhankelijk van de vindplaats, uiteraard. Vanuit de optiek van de medische wetenschap zijn de belangrijkste actieve componenten benzoëzuur en verwante elementen [6] zoals humuszuur en fulvinezuur, die ontstaan door het vergaan van o.m. planten. Deze laatste worden in de tuinbouw maar ook in voedingssupplementen toegepast. De functie van deze zuren voor de mens is het bevorderen van de opname van voedingstoffen. De heilzame werking van bijvoorbeeld een modderbad berust o.m. op de aanwezigheid van deze zuren.

Wetenschap en medicinaal gebruik[bewerken]

In de Sovjet-Unie was de eerste die Mumijo wetenschappelijk onderzocht Prof. A.M. Shakirov, directeur van het Oezbeeks Wetenschappelijk onderzoeksinstituut van Traumatologie en Orthopedie (УзНИИТО). Hij kwam met de aanbeveling dat Mumijo zou moeten worden toegepast als hulpmiddel bij het herstellen van botbreuken. Sinds 1961 is het een officieel toegelaten en erkend medicijn.

Uit zijn onderzoek bleek dat de heling van botbreuken wordt aanzienlijk versneld door Mumijo oraal te gebruiken. In 1965 werd een eerste Mumijo symposium georganiseerd in Doeshanbe (Tadzjikistan), waar onderzoeksresultaten werden vergeleken en geëvalueerd. De uitkomst was dat meer klinische studies gerechtvaardigd waren. Een tweede symposium werd in 1972 gehouden op initiatief van het Pyatigorsk Institute of Balneology (=onderzoek van helende minerale baden) and Fysiotherapie (in Essentuki, een stadje aan de voet van het Kaukasus gebergte). Een derde vond plaats op initiatief van het Soviet Ministerie van Gezondheid in Tasjkent. Het is duidelijk dat de positieve resultaten van onderzoek en klinisch gebruik de aandacht trokken.

In het territorium van de voormalige Sovjet-Unie worden geneesmiddelen en supplementen op basis van Mumijo nog steeds in iedere apotheek te koop aangeboden [7][8] en verder ontwikkeld [9] resultaten van onderzoek geven daar aanleiding toe. Het gaat dan vooral om tabletten en capsules. Het is daar erkend als geneesmiddel en er is de afgelopen decennia veel wetenschappelijk onderzoek naar verricht, dat echter voor de rest van de wereld grotendeels onbekend is vanwege de taalbarrière en de tot 1989 gesloten grenzen van de Sovjet-Unie.

Momenteel wordt vooral in India wetenschappelijk onderzoek verricht naar de basis van de werking van traditionele Ayurvedische medicatie, waaronder dus ook Mumijo/Shilajit. Het wordt daar regionaal en tegenwoordig ook via internet in grote mate aangeboden, met vaak de wildste claims voor wat betreft de werking.

Bevestigde claims (alle op basis van dierproeven)
  • Pijnverdrijvend [10]
  • Anti-Alzheimer (veelbelovend, meer onderzoek nodig. Er is een effect op de cholinergische activiteit waargenomen in de hersenen. Medicatie die een toename van die activiteit bewerkstelligd is belangrijk binnen het onderzoek naar anti-alzheimer medicatie.[11][12]
  • Ontstekingsremmend (artritis, reumatische klachten)[10]
  • Maagzweer-remmend, m.n. door de aanwezigheid van fulvinezuur en 4'-methoxy en 6-carbomethoxy bi phenyl (beide laatste zijn verwant aan amphetamine en hebben een stimulerend effect [13][14]
  • Anxiolyse (angstremmend en anti-stress, vergelijk de effecten van valium)[14][15]
  • Noötropisch effect : verbetering van cognitieve functies, gaat vergeetachtigheid tegen, (denk ook aan anti-alzheimer) en algehele verbetering van de bloedtoevoer naar de hersenen.[12][15]
  • Optimaliseert de opname van voedingsbestanddelen in het lichaam, wat kan leiden tot gewichtstoename [16]
Onbevestigde claims
  • Voorkomt hartaanvallen[10]
  • Effect op de bloeddruk [10]
  • Effect op het zenuwstelsel (In een dosis van 50–200 mg/kg lichaamsgewicht kon geen effect worden waargenomen)[10]
  • Astma[10]

Deze claims worden wel in de traditionele Ayurvedische geneeskunde (Indian System of Medicine) genoemd. Overige claims zijn voor zover kon worden nagegaan nog niet onderzocht.

Referenties[bewerken]

  1. David Winston & Steven Maimes. Adaptogens: Herbs for Strength, Stamina, and Stress Relief, Healing Arts Press, 2007. ISBN 9781594771583
  2. a b Tirtha, Swami Sada Shiva. The Ayurvedic Encyclopedia. "The Ayurvedic Encyclopedia"
  3. Mumijo Traditional Medicine: Fossil Deposits from Antarctica Anna Aiello, Ernesto Fattorusso, Marialuisa Menna, Rocco Vitalone, Heinz C. Schröder and Werner E. G. Müller [1]
  4. Safe Use of Salajeet During The Pregnancy Of Female Mice
  5. a b Shibnath Ghosal -Chemistry of Shilajit, an immunomodulatory Ayurvedic rasayan [2]
  6. Chopra, R N, Chopra I C, Handa K L & Kapur L D. - Chopra’’s Indigenous Drugs of India. [3]
  7. Igor Schepetkin, Andrei Khlebnikov,Byoung Se Kwon, Medical drugs from humus matter: Focus on mumijo [4]
  8. The antioxidant - genoprotective mechanism of the preparation Mumijo-Vitas [5]
  9. Yarovaya, Sofiya Alekseevna - Medical preparations based on Mumijo [6]>
  10. a b c d e f Acharya SB, Frotan MH, Goel RK, Tripathi SK, Das PK Pharmacological actions of Shilajit. [7]
  11. Schliebs R, Liebmann A, Bhattacharya SK, Kumar A, Ghosal S, Bigl V. Systemic administration of defined extracts from Withania somnifera (Indian Ginseng) and Shilajit differentially affects cholinergic but not glutamatergic and GABAergic markers in rat brain.[8]
  12. a b Mukherjee, Biswapati. Traditional Medicine, Proceedings of an International Seminar. Nov. 7-9 1992, pg 308- 319. Hotel Taj Bengal, Calcutta India. Oxford & IBH Publishing, New Delhi, 1992. ISBN 8120408179
  13. Goel RK, Banerjee RS, Acharya SB. Anti ulcerogenic and antiinflammatory studies with shilajit. [9]
  14. a b Ghosal S, Singh SK, Kumar Y, Srivatsava R. Antiulcerogenic activity of fulvic acids and 4-metoxy-6- carbomethyl biphenyl isolated from shilajit. [10]
  15. a b Jaiswal AK, Bhattacharya SK. Effects of Shilajit on memory, anxiety and brain monoamines in rats. Indian Journal of Pharmacology [11]
  16. Gupta SS, Seth CB, Mathur VS. Effect of Gurmar and shilajit on body weight of young rats. [12]

Zie ook[bewerken]

  • Robert Talbert - SHILAJIT - a materia medica monograph - California College of Ayurveda [13], 2004
  • Luke R Bucci -Selected herbals and human exercise performance - The American Journal of Clinical Nutrition [14], 2000
  • , Cave minerals of the world, 2nd, National Speleological Society, 1997, p. 223 ISBN 9781879961074.
  • (1996). Chemical composition of mumijo and methods for determining its authenticity and quality (a review). Pharmaceutical Chemistry Journal 30 (8): 543–547 . DOI:10.1007/BF02334644.
  • (1996). HPLC study of fatty-acid components of dry mumijo extract. Pharmaceutical Chemistry Journal 30 (6): 421–423 . DOI:10.1007/BF02219332.
  • (1998). Antitoxic properties of standard dry mumijo extract. Pharmaceutical Chemistry Journal 32 (4): 197–199 . DOI:10.1007/BF02464208.
  • (1998). Study of the amino acid fraction of dry mumijo extract. Pharmaceutical Chemistry Journal 32 (2): 103–108 . DOI:10.1007/BF02464176.
  • (1996). Effect of mumijo on the morphology and directional migration of fibroblastoid and epithelial cellsin vitro. Pharmaceutical Chemistry Journal 30 (5): 337–338 . DOI:10.1007/BF02333977.
  • Joshi, G. C., K. C. Tiwari, N. K. Pande and G. Pande. 1994. Bryophytes, the source of the origin of Shilajit - a new hypothesis. B.M.E.B.R. 15(1-4): 106-111.
  • Ghosal, S., B. Mukherjee and S. K. Bhattacharya. 1995. Ind. Journal of Indg. Med. 17(1): 1-11.
  • Ghosal, S., J. P. Reddy and V. K. Lal. 1976. Shilajit I.: chemical constituents. Journ. Pharm. Sci. (USA) 65(5): 772-73.
  • Shakirov, ASh: Treatment of Infected Wounds by mumiyah. In the Experiment (Russian).In Materials of the Scientific Practical Conference of the Tashkent Advanced Training Institute for Physicians, pp. 58–59, Tashkent (1966)
  • Shakirov, ASh: Antimicrobial Action of mumiyah-asil in Connection wih some Pus Causing Microorganism (Russian In: Materials of the Secound Scientific Conference of the Young Scholar-Physicians of Oezbekistan, pp. 127–128, Tashkent (1966)
  • Phillips, Paul. On Shilajit on the Internet.
  • Puri, H. S. (2006) Ayurvedic Minerals, Gems and Animal Products for Longevity and Rejuvenation. India Book House, Delhi (India)
  • Carman, G.J., (unpublished, )Salajit: Animal Vegetable or Mineral, Illustrated talk presented to the Asian Study Group, Islamabad, March 2004
  • Faruqi, S.H. 1997, Nature and Origin of Salajit, Hamdard Medicus, Vol XL, April-June, pages 21–30
  • Zahler, P and KArin, A, 1998, Origin of the floristic compnents of Salajit, Hamdard Medicus, Vol XLI, No 2, pages 6–8

Externe links[bewerken]