Musculus plantaris

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Voetzoolspier
Musculus plantaris
Spier
Musculus plantaris
Musculus plantaris
Gegevens
Origo Linea hypercondylia lateralis (zijdelings deel onderaan de dij)
Insertie onderste delen van het hielbeen boven de achillespees
Slagader arteriae surales
Zenuw nervus tibialis
Actie endorotatie van de voetzool en flexie van de knie
Antagonist musculus tibialis anterior
Naslagwerken
Gray's Anatomy 129,483
Dorlands/Elsevier m_22/12550213
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De musculus plantaris,[1] voetzoolspier[2] of voetzoolspanner[3] is een rudimentaire structuur en één van de oppervlakkige spieren van het achterste gedeelte van het been. Ze wordt bezenuwd door de nervus tibialis (S1, S2).

Origo en insertie[bewerken]

De spier heeft haar origo aan het onderste deel van de linea hypercondylia lateralis, op een plek net boven de origo van het zijdelingse hoofd van de grote kuitspier.

De origo ligt soms ook aan het schuine knieholtegewricht.

Nadat ze op geruime afstand onderaan in het midden van de knieholte voorbijgekomen is, wordt de spier pezig. In die hoedanigheid is ze aangehecht aan de hielpees of (in sommige gevallen) aan het midden van het hielbeen.

Functies[bewerken]

Functioneel gezien is de voetzoolspier nagenoeg nutteloos. Zeker aanwezige functies zijn:

Aangezien de zenuw van de musculus plantaris zich in het midden van de achillespees bij het tuber calcanei aansluit, vermelden sommige bronnen ook een zwakke bijdrage aan:

  • de flexie van de voetzool en
  • de supinatie van de voet.

De voetzoolspier zou ook proprioceptieve terugkoppelingsinformatie over de plaatsing van de voet aan het centrale zenuwstelsel leveren. De ongewoon hoge dichtheid in proprioceptieve receptoren ondersteunt deze stelling.

Haar motorische functie is zo beperkt dat zijn lange pees zonder problemen kan worden weggenomen voor reconstructies elders in het lichaam, en dat zonder grote functionele gebreken tot gevolg te hebben. Een artikel in het Engelstalige Discover Magazine vertelt dat de spier - die onervaren geneeskundestudenten vaak voor een zenuw houden - bij andere primaten wel nuttig is om dingen met hun voet vast te nemen. Vooral bij soorten die in bomen leven is dit van belang. Bovendien hecht de voetzoolspier zich bij andere primaten op de tenen aan, en niet op de hak (zoals bij de mens).[4] Bij 9 procent van de bevolking is de spier verdwenen.[5]

Verdere afbeeldingen[bewerken]

Externe links[bewerken]

Literatuurverwijzingen[bewerken]

  1. His (1895). Die anatomische Nomenclatur. Nomina Anatomica. Der von der Anatomischen Gesellschaft auf ihrer IX. Versammlung in Basel angenommenen Namen. Leipzig: Verlag von Veit & Comp.
  2. Pinkhof, H. (1923). Vertalend en verklarend woordenboek van uitheemsche geneeskundige termen. Haarlem: De Erven F. Bohn.
  3. Everdingen, J.J.E. van, Eerenbeemt, A.M.M. van den (2012). Pinkhof Geneeskundig woordenboek (12de druk). Houten: Bohn Stafleu Van Loghum.
  4. Agricola, T. (maart 2006). Unintelligent design (8): Kuitspieren. Volkskrantblog . Geraadpleegd op 26-04-2008.
  5. Selim, J. (juni 2004). Useless Body Parts. Discover 25 (6) . Geraadpleegd op 20-09-2011.