Museo de la Revolución

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Gevel van het Museo de la Revolución
Centrale koepel van het gebouw
Salon de los Espejos, de spiegelzaal
Sau100-tank van Fidel Castro (op de achtergrond)
Veelzeggende tekst in de tentoonstelling: Historia me absolvera

In het vroegere presidentiële paleis van Havana, Cuba is nu veelbeduidend het Museo de la Revolución gehuisvest.

Het paleis werd gebouwd tussen 1913 en 1920 en het werd ingericht door Tiffany’s uit New York. Vooral het Salon de los Espejos, de spiegelzaal, is indrukwekkend en doet onverbloemd aan een verkleinde uitgave van de gelijknamige zaal in het paleis van Versailles denken.

Hier had op 13 maart 1957 een mislukte aanslag plaats op dictator Fulgencio Batista, die net op tijd via een geheime deur in zijn bureel wist te ontkomen. In de trappenzaal in de imposante inkom zijn de kogelinslagen in het marmer nog steeds te tellen. 32 van de 35 studenten die de aanslag pleegden, werden ter plekke afgemaakt.

Dit museum is het “heilige der heiligen” van de Cubaanse Revolutie. De tentoonstelling doorheen de verschillende zalen van het gebouw geeft een compleet relaas van de revolutie, beginnend met de Spaans-Amerikaanse oorlog eind negentiende eeuw en eindigend met de val van het regime van Batista. Diverse artifacts van de revolutie werden hier bijeen gebracht. Een heel bijzonder voorwerp is wel de typemachine waarop Fidel, gevangen in de Presidio Modelo op de Isla de Piños (vandaag de Isla de la Juventud), de verdediging uittikte voor zichzelf en de overlevenden na de mislukte aanval op de Moncada kazerne in Santiago de Cuba op 26 juli 1956: zijn beroemde rede "Historia me absolvera", "De geschiedenis zal me vergeven". Een speciale zaal is gewijd van Che Guevara.

Voor het gebouw staat een SAU-tank van Russische makelij die door Fidel Castro werd gebruikt tijdens de gevechten volgend op de invasie in de Varkensbaai in april 1961.

Achter het gebouw staat het schrijn van de Granma, het 18 meter lange jacht dat Fidel en zijn 81 kompanen in december 1956 van Tuxpan in Mexico naar de Oriente bracht in Cuba. Met deze landing gaven ze de aanzet tot de revolutie en verzekerden ze zich een plaats in de geschiedenisboeken.