Nationaal Instituut voor de Radio-omroep
Het Nationaal Instituut voor de Radio-Omroep (NIR) was een Belgische omroeporganisatie naar BBC-model, die bestond van 1930 tot 1960.
Het NIR werd opgericht bij de wet van 18 juni 1930. De Belgische staat had in datzelfde jaar het monopolie op de radiocommunicatie gekregen, nadat eerder particulieren al waren begonnen met uitzenden. Het NIR zou voortaan via nationale golflengtes de zendtijd onder de bestaande radioverenigingen verdelen. Het NIR beschikte in 1930 over drie golflengtes die België een jaar eerder waren toegewezen tijdens een internationale conferentie in Praag.
In 1937 werd het NIR opgesplitst in een Franstalige en een Nederlandstalige afdeling. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden de golflengtes ingepalmd door de Duitse bezetter. Een deel van het personeel dat naar Londen gevlucht was, kreeg daar zendtijd van de BBC.
Na de oorlog werd de structuur gewijzigd. Zo werd de zendtijd niet meer verdeeld onder enkele privé-omroepen, maar ontstonden er gewestelijke omroepen in Kortrijk, Antwerpen, Hasselt en Gent.
In 1948 begonnen de voorbereidingen voor de komst van de televisie. Het duurde tot 31 oktober 1953 vooraleer de eerste uitzendingen in Vlaanderen plaatsvonden.
In 1960 werd het NIR opgeheven en ontstonden de Belgische Radio en Televisie (BRT) voor de Nederlandstalige uitzendingen en de Radio Television Belge voor de Franstalige uitzendingen (RTB).
[bewerken] Leiding
Marcel Van Soust de Borckenfeldt, eerder directeur van Radio Belgique, werd bij de oprichting van het NIR, de eerste directeur-generaal. Er kwam ook nog één directeur per taalgroep: voor Vlaanderen was dit Gust De Muynck, voor de Franstalige taalgroep werd het Théo Fleischman.
Vanaf 1937 kreeg iedere taalgroep een directeur-generaal. Voor het Nederlandstalige gedeelte werd dit Theo De Ronde. Hij overleed in 1939 en werd opgevolgd door Jan Boon.