Naaldkreeftjes
| Naaldkreeftjes | |||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Tanaissus liljeborgi |
|||||||||||
| Taxonomische indeling | |||||||||||
|
|||||||||||
| Orde | |||||||||||
| Tanaidacea Dana, 1849 |
|||||||||||
|
|||||||||||
Naaldkreeftjes (Tanaidacea) is een orde van de Peracarida, die op zijn beurt één van de zes superordes is, waarin de klasse Malacostraca wordt onderverdeeld. Er zijn ongeveer 940 soorten naaldkreeftjes beschreven.
[bewerken] Anatomie
Naaldkreeftjes zijn meestal klein (2 tot 5 mm lang), maar volwassen dieren kunnen variëren van 0,5 tot 120 mm. De twee eerste thorax somieten zijn vergroeid en vormen het carapax. Het eerste paar pereopoden is chelaat. Ze bezitten verder zes vrije thoracale somieten (pereon), vijf abdominale somieten (pleon) voorzien van pleopoden en een pleotelson met één paar terminale of subterminale uropoden.
[bewerken] Ecologie
Tanaidacea zijn hoofdzakelijk marien, maar enkele soorten worden ook in estuaria of zoetwater kusthabitats gevonden. Verschillende soorten naaldkreeftjes leven in extreem diep water (sommige soorten zelfs meer dan 9000 m diep). Op deze grote diepte waar een enorme druk is vertegenwoordigen ze dan vaak de meest algemene en diverse fauna.
[bewerken] In België
Drie soorten naaldkreeftjes komen voor in het Belgische deel van de Noordzee: Pseudoparatanais batei, Tanais dulongii en Tanaissus lilljeborgi[1].
Bronnen, noten en/of referenties
|