Nachtvlinder (dier)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nachtvlinders
Een nachtvlinder uit de familie van de nachtpauwogen
Een nachtvlinder uit de familie van de nachtpauwogen
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Arthropoda (Geleedpotigen)
Onderstam: Hexapoda (Zespotigen)
Klasse: Insecta (Insecten)
Onderklasse: Pterygota (Gevleugelde insecten)
Superorde: Endopterygota
Orde: Lepidoptera (Vlinders)
Geen rang
Heterocera
Klerenmot
Klerenmot
Afbeeldingen Nachtvlinders op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Parende populierenpijlstaarten (Laothoe populi).

Nachtvlinders of motten (Heterocera) is een traditionele benaming voor een grote groep vlinders die overeenkomsten in gedrag vertonen maar geen samenhangende taxonomische groep vormen. De groep omvat alle vlinders, met uitzondering van de Papilionoidea, waarvoor ook wel de naam Rhopalocera of dagvlinders wordt gebruikt. De namen "Heterocera" en "Rhopalocera" verwijzen naar de vorm van de antennen: de Rhopalocera hebben antennen met een knop aan het eind, de Heterocera hebben divers gevormde antennen.

Er zijn vele pogingen gedaan om de vlinders in groepen te verdelen, zoals een indeling in Monotrysia en Ditrysia, Microlepidoptera en Macrolepidoptera of Frenatae en Jugatae. Geen van deze namen kan echter worden gehandhaafd in moderne classificaties, aangezien geen ervan een monofyletische groep vertegenwoordigt (dat wil zeggen dat alle soorten in de groep een gemeenschappelijke voorouder hebben en dat alle afstammelingen van die gemeenschappelijke voorouder in de groep zijn opgenomen).

Verschil tussen dagvlinders en nachtvlinders[bewerken]

Dagvlinders hebben dunne antennen met een verdikt uiteinde, vaak in de vorm van een knopje. Bij nachtvlinders komen andere antennevormen voor, met name dunne zonder verdikt uiteinde, en gekamde of geveerde antennen. Van de nachtvlinders hebben alleen bloeddrupjes een dunne spriet met verdikt uiteinde.

Dagvlinders gebruiken hun vleugels om in de zon op te warmen en zo warm genoeg te worden om te vliegen. Nachtvlinders trillen vaak met hun vleugels om voor het vliegen op te warmen.

Nachtvlindervrouwtjes maken gebruik van feromonen die op grote afstand mannetjes kunnen lokken, terwijl dagvlinders hun paringspartner zoeken op grond van visuele stimuli. Dit laatste is echter ook aangetoond bij de palmmot. Een palmmotvrouwtje heeft geen klieren die feromonen afscheiden en het reukapparaat van het mannetje is ongeschikt om de feromonen waar te nemen. Vermoed wordt dat de hele familie Castniidae op een "dagvlindermanier" paringspartners vindt.[1]

Niet alle nachtvlinders vliegen 's nachts. Er zijn veel nachtvlinders, zoals de kolibrievlinder en de Sint-jansvlinder, die voornamelijk overdag vliegen.

Enkele van de bekendere nachtvlindersoorten[bewerken]

Nachtvlinders van economisch belang:

Externe link[bewerken]

  • Sarto i Monteys V., Acín P., Rosell G., Quero C., Jiménez M.A., et al. (2012) "Moths Behaving like Butterflies. Evolutionary Loss of Long Range Attractant Pheromones in Castniid Moths: A Paysandisia archon Model". PLoS ONE 7(1): e29282. DOI:10.1371/journal.pone.0029282