Narduskruid

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Narduskruid
Nardostachys grandiflora.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Plantae (Planten)
Stam: Embryophyta (Landplanten)
Klasse: Spermatopsida (Zaadplanten)
Orde: Dipsacales
Familie: Caprifoliaceae (Kamperfoeliefamilie)
Geslacht: Nardostachys
soort
Nardostachys grandiflora
DC.
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Narduskruid (Nardostachys grandiflora of Nardostachys jatamansi) is een plant uit de kamperfoeliefamilie, die voorkomt in de Himalaya in China, Nepal, Afghanistan, en het noorden van India.

De plant wordt ongeveer 1 meter hoog en heeft roze, belvormige bloemen. De plant groeit op hoogtes variërend van 3000 tot 5000 meter boven zeeniveau.

Gebruik[bewerken]

De wortelstok van het narduskruid kan worden gedestileerd tot een aromatische, amberkleurige etherische olie. Deze olie wordt onder andere gebruikt als ingrediën in parfums, wierook, sedativum en in de kruidengeneeskunde. De olie zou onder andere helpen tegen slapeloosheid, moeilijkheden bij de geboorte, en andere kleine kwalen.[1] De olie van het narduskruid is al eeuwenlang bekend, en maakt deel uit van de Ayurvedische kruidenleer in India. In het Oude Egypte stond het bekend als een luxeproduct.

In de Middeleeuwen werd in Europa narduskruid gebruikt om gerechten te kruiden. Vandaag de dag wordt narduskruid nog steeds veel gebruikt in Tibetaanse geneeswijzen.

Verder lezen[bewerken]

  • Dalby, Andrew, "Spikenard" in Alan Davidson, The Oxford Companion to Food, 2nd ed. by Tom Jaine (Oxford: Oxford University Press, 2006. ISBN 0-19-280681-5).

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. [[Andrew Dalby|]], Dangerous Tastes: the story of spices, British Museum Press, 2000 ISBN 0714127205. (US ISBN 0-520-22789-1) pp. 83–88