Natteboltemperatuur
De natteboltemperatuur is de laagste temperatuur die lucht krijgt door er zo veel water in te laten verdampen dat de lucht verzadigd wordt. Dit moet adiabatisch plaatsvinden, dat wil zeggen zo snel dat er geen sprake is van warmte-uitwisseling met de omgeving. Door deze temperatuur te vergelijken met de gewone temperatuur kan de luchtvochtigheid worden bepaald.
Bij deze methode worden twee thermometers in een luchtstroom geplaatst (minimale snelheid 5 m/s). Bij een van de twee thermometers wordt om het kwikreservoir een katoenen kousje aangebracht dat via een katoenen draad is verbonden met een waterreservoir.
Voor het verdampen van het water uit het kousje is warmte nodig. Deze warmte wordt onttrokken aan het kwikreservoir, waardoor dit afkoelt. De thermometer met de natte bol zal dan een lagere temperatuur aangeven dan de thermometer met de droge bol. Doordat de temperatuur van het kousje lager is dan de omgevingstemperatuur zal er warmte stromen van de omgevingslucht naar het kousje. Na enige tijd neemt het kousje een temperatuur aan waarbij de warmtestroom van de lucht naar het kousje gelijk is aan de warmte die nodig is voor de verdamping van het vocht in het kousje. Deze evenwichtstemperatuur noemt men de natteboltemperatuur.
Is de lucht droog, dan zal er meer water verdampen en zal de natteboltemperatuur op een lagere waarde stabiliseren. Het verschil in aangegeven temperatuur is dus een maat voor de vochtigheid van de luchtstroom.