Nederengels
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Nederengels is het overvloedig gebruik van Engelse woorden in de Nederlandse taal.
Of dergelijk taalgebruik moet worden beschouwd als een natuurlijke aanvulling op het Nederlands of als incorrect anglicisme blijft onderwerp van discussie.
Andere vormen van wisselwerking tussen het Nederlands en het Engels zijn:
- Steenkolenengels - Een primitief Engels doorspekt met typisch Nederlandse taalfouten. De Engelse term hiervoor is Dunglish (van Dutch English).
- Double Dutch - Incorrect of zelfs onbegrijpelijk Engels, ontstaan door specifiek Nederlandse uitdrukkingen woord voor woord naar het Engels te vertalen. Als komische schrijfstijl zo benoemd door John O'Mill. In het Engels betekent Double Dutch "koeterwaals".
[bewerken] Invloeden
Het toegenomen gebruik van Engelse woorden in het Nederlands hangt ongetwijfeld samen met de stijgende invloed van de Angelsaksische, en dan met name de Amerikaanse, cultuur op de rest van de wereld.
[bewerken] Voorbeelden
Nederengels komt men vooral tegen op gebieden waar die cultuur zich het sterkst laat gelden. Voorbeelden:
- een oudere invloed: sport (en dan met name voetbal): passen betekent in het Nederlands uitsluitend: een bal afgeven, terwijl "to pass" een half dozijn betekenissen heeft; voor corner, keeper, penalty, (links- en rechts)back, service, golf, lob, volley(ballen), basket(ballen), pitchen, catchen, snowboarden, snookeren, racen, squashen, joggen, trimmen, fitness(en) bestaan in sommige gevallen equivalenten in het Nederlands, maar die worden dan meestal minder frequent gebruikt.
- het bedrijfsleven - de globalisering van het bedrijfsleven brengt internationale invloeden met zich mee. De vorm van Nederengels die hiermee samenhangt wordt ook wel managerstaal genoemd. Zo heet het uitbesteden van de personeelswerving in die taal het outsourcen van de human resource recruitment; de hoofdactiviteiten van een bedrijf vormen de core business en de doelen die men zich stelt zijn targets.
- de amusementsindustrie - In navolging van Hollywood heten de prijzen die men binnen de amusementswereld aan elkaar toekent awards; een reclamefilmpje voor een bioscoopfilm is een trailer en een blijspel heet een comedy.
- de reclamewereld - Slagzinnen (Nederengels:slogans) zijn ook in het Nederlands taalgebied vaak in het Engels gesteld. Zie Lijst van Engelstalige reclameslogans.
- jongerencultuur - Vanaf de jaren '60 worden veel elementen van de jongerencultuur overgenomen uit de VS, inclusief het vocabulaire van smaakbepalers uit dat land. Bijvoorbeeld: chill, relaxed, phat (= "vet")
- De ICT, met de Computer (inloggen, aanloggen, uitloggen, afloggen, rebooten, user, password, backup), Internet (surfen, hacken, browsen, bloggen) GSM, SMS, E-mail (mailen, deleten, printen, forwarden, editen)
- Het hoger onderwijs dat steeds meer afdelingen, faculteiten, vakgroepen en vakgebieden uitsluitend een Engelse naam geeft, waardoor zinnen ontstaan als: Het Excellence in Supply Chain Management programma. Veelbelovende studenten worden high potentials genoemd.
- In de marketing praat men bijvoorbeeld over airlines, first class, payment service provider, card, etc.
- In het toerisme, met kreten als: I Amsterdam, Amsterdam Airport, The Anne Frank House, orkesten als The Amsterdam Baroque Orchestra & Choir, de Kalver Street, een Holland Experience, het Red Light District enz.
Nederengelse woorden hebben niet altijd dezelfde betekenis als die in het "echte" Engels. Zo betekent "to chat" in het Engels niets anders dan "babbelen, kletsen" in het algemeen. In het Nederengels staat "chatten" echter voor "rechtstreeks online communiceren via het internet". Een "sweater" kan in het Engels elk soort trui zijn, in het Nederengels is dit beperkt tot "sportieve trui van katoen of velours". "Rollerskate" is in het Engels elk soort rolschaats, in het Nederengels alleen "rolschaats met vaste schoen". Het oorspronkelijk Franse, en op zijn Frans uitgesproken, leenwoord "occasion" dat "gelegenheidskoopje" betekent, krijgt tegenwoordig meestal de Engelse uitspraak - maar heeft zijn oorspronkelijke betekenis behouden, die in het Engels niet bestaat. In sommige gevallen is het zelfs onjuist om het Engelse woord dat in het Nederlands gebruikt wordt in die context in het Engels te gebruiken. Een voorbeeld hiervan is een beamer voor het projecteren van een presentatie. Zo'n ding wordt in het Engels een projector genoemt. Wat toevalligerwijs ook beter Nederlands is.

