Nederlandse volksdans

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Volksdans, gemeenschapshuis Schalkhaar

Nederlandse volksdansen zijn de in meer of mindere mate traditionele dansen zoals die vroeger (voor de tijd van de radio) door het volk uitgevoerd werden. Tegenwoordig worden er nog steeds volksdansen bijgemaakt. Het betreft dan nieuwe dansen (patronen) die gebruikmaken van de stijl van de authentieke dansen, op oude of nieuw gecomponeerde volksmuziek.

Nederlandse volksdans wordt door velen geassocieerd met klompendansen. Wie wel eens op klompen heeft proberen te dansen weet dat dat in de praktijk bijzonder veel beperkingen voor soepel bewegen met zich meebrengt. Men danste soms wel op klompen, maar meestal danste men op schoenen.

In de oostelijke provincies werden de oude dansen, zoals ze wel genoemd werden, nog tot ver in de twintigste eeuw gedanst. Bekende dansen waren de Driekusman, de Hoksebarger of wat modernere dansen als de Veleta, de Kruispolka en de Spaanse Wals. Die dansen werden begeleid door een speelman die dansen meenam uit het aangrenzende Duitsland (Westfalen, Nedersaksen). Speellieden speelden meestal viool, maar na 1900 meestal trekzak of weer later accordeon.

In de vissershavens langs de Noordzeekust en de voormalige Zuiderzee, bijvoorbeeld in Friesland, danste men dansen als de Skotse Trije, Skotse Fjouwer, Horlepiep, Hakke Toone, of Gort met Stroop, dansen die sterk beïnvloed waren door dansen uit Schotland en Engeland.

Nederlandse volksdansgroepen zijn ruwweg in drie categorieën onder te brengen:

  • De folkloristen verenigd in Federatie van Folkloristische Groepen in Nederland, houden strikt vast aan de dansen, muziek en kleding van voor ca. 1910, waarbij zo goed mogelijk alle details van de folklore zoals die rond 1910 gehandhaafd blijven. Zij beperken zich tevens tot streekgebonden dansen en kostuums.
  • Een tiental groepen probeert enerzijds zo authentiek mogelijk alleen dansen uit geheel Nederland te brengen, anderzijds ook de kostuums van geheel Nederland te presenteren. De belangen van deze groepen worden behartigd door de Stichting Platform Nederlandse Folklore.
  • De overige groepen dansen naast min of meer traditionele Nederlandse volksdansen vooral internationale dansen. Sommige groepen zijn gespecialiseerd en dansen alleen dansen uit bijvoorbeeld Zuid-Amerika of Engeland. Weer andere groepen hebben een meer internationaal (waaronder ook Nederlands) repertoire waarbij vooral de Balkanlanden (in ruime zin) in trek zijn (Bulgarije, Armenië, voormalig Joegoslavië). De internationale dansgroepen, of groepen voor werelddans, waren in de zeventiger jaren zeer populair bij jongeren.

Een nieuwe ontwikkeling in de 21e eeuw is de uit Vlaanderen overgewaaide balfolk; hier gaat het niet zozeer om dansgroepen, als wel om open dansavonden met eenvoudig aan te leren dansen uit Noordwest-Europa. Vooralsnog worden hier vrijwel geen specifiek Nederlandse volksdansen gedanst.

Voorbeelden[bewerken]

Riepe garste[bewerken]

Riepe garste (rijpe gerst) is een oogstdans uit Oost-Nederland. De dans is op zichzelf vrij simpel. Eerst is er een klapfiguur, daarna dansen de paren.

Het bijbehorende liedje is als volgt:

Riepe, riepe garste, zult wiele goan meien,
kotte kotte stöppelkes, zult wiej loaten stoan,
Jonge, jonge maekes, zult wiele goan vriejen,
Olde, olde knorrepötte, zult wiej loaten stoan.