Nessun dorma
Nessun dorma! is de laatste door Puccini gecomponeerde aria uit zijn laatste opera Turandot. Zij wordt daarom wel beschouwd als de laatste grote aria uit de klassieke fase van de westerse opera.
Inhoud |
Achtergronden [bewerken]
Puccini was na zijn drie korte opera’s, die samen Il Trittico vormen, toe aan iets nieuws. Hij was vastbesloten om tentar vie non battute, zoals hij dat noemde, oftewel: ongebaande paden te betreden. Puccini zocht een verhaal met een sprookjesachtige sfeer, maar met personages van vlees en bloed. En hij vond dat bij Carlo Gozzi en diens fabel Turandotte. Puccini had het gevoel dat hij zich met Turandot op een hoger niveau bewoog en dat “er een origineel en misschien wel uniek werk in de maak was”, waarbij al zijn andere muziek zou verbleken. Maar het werken aan Turandot kostte hem ook zeer veel en geen opera deed hem zo twijfelen aan zijn eigen creatieve vermogens.
In een brief aan zijn librettisten beschreef hij zijn situatie als volgt: “…denk maar aan een man die vaste grond onder zijn voeten heeft, maar die ieder uur en iedere dag voelt hoe die grond langzaam maar zeker onder zijn voeten verdwijnt alsof hij door een diepe afgrond verzwolgen zal worden”. In de herfst van 1924 werd er kanker bij de componist geconstateerd. Met zijn zoon ging hij naar Brussel om daar een behandeling met bestraling te ondergaan.De behandeling leek succes te hebben, maar Puccini’s hart kon het niet aan en op 29 november 1924 overleed hij, nog vóór dat hij Turandot kon voltooien.
Turandot werd afgemaakt aan de hand van Puccini’s nagelaten schetsen door Franco Alfano. Maar op 25 april 1926, toen Turandot in La Scala van Milaan onder leiding van Toscanini in première ging, stopte Toscanini die avond op het punt waar Puccini gebleven was toen hij overleed.
Tegenwoordig [bewerken]
De tenor Luciano Pavarotti heeft met deze aria groot succes gehad. In 1990 werd het lied gebruikt als herkenningsmelodie van het WK voetbal. Daarop werd het in Engeland het eerste klassieke lied dat de nummer 1-positie in de hitparade bereikte. Pavarotti bracht het daarna zo regelmatig ten gehore dat het als zijn "lijflied" beschouwd mag worden. In 2006 zong hij het nogmaals met veel succes tijdens de Openingsceremonie van de Olympische Winterspelen in Turijn. Fait divers: de Japanse kunstschaatsster Shizuka Arakawa won in Turijn goud met een vrije kuur op dezelfde muziek (niet van Pavarotti, maar in een vioolfantasie van Vanessa Mae).
Hoewel de aria is geschreven voor tenor, is het ook opgenomen door vrouwelijke vocalisten (buiten de opera-wereld weliswaar) met krachtige stemmen: Aretha Franklin in 1998 en de Italiaanse superster Mina in 2009.
Tekst en vertaling [bewerken]
|
Italiaans
|
Nederlands
|
|---|---|
|
|
Trivia [bewerken]
In 2007 zong de mobieletelefoonverkoper Paul Potts deze aria tijdens Britain's Got Talent.
In 2010 zong Martin Hurkens het lied tijdens zijn auditie voor Holland's Got Talent. Mede vanwege zijn voorkomen en zijn voormalige beroep (bakker) hadden de juryleden niet verwacht dat hij zo'n mooie stem zou hebben. Het gehele publiek was ontroerd en kort daarna werden op allerlei weblogs de beelden van dit zangtalent gezet.[bron?] Uiteindelijk zong hij het liedje ook in de finale en won mede hierdoor de talentenjacht.