Netzedistrict

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Netzedistrikt
Obwód Nadnotecki
Onderdeel van Pruisen
 Woiwodschap Poznań
 Woiwodschap Gniezno
 Woiwodschap Inowrocław
1772–1807 Hertogdom Warschau 
West-Pruisen 
Kaart
1786
1786
Algemene gegevens
Hoofdstad Bydgoszcz
Talen Duits, Pools

Het Netzedistrict (Duits: Netzedistrikt) was een door de rivier de Netze (Noteć) doorstroomd gebied dat Pruisen in de eerste Poolse deling (1772) van Polen-Litouwen verwierf.

Geografie[bewerken]

Het Netzedistrict had een oppervlakte van 9.350 km² met 180.000 inwoners (1772). De belangrijkste steden waren Bromberg (Bydgoszcz) en Inowraclaw (Inowrocław). Het was verdeeld in vier districten:

District Steden
Bromberg Bromberg, Fordon, Schulitz, Polnisch Krone, Nakel, Exin, Mrotschen, Barczyn, Labyczyn, Rinarzewo, Schubin
Inowraclaw Inowraclaw, Kruschwitz, Gniewkowo, Żnin, Mogilno, Willatowo, Strzelno, Kwieciszewo, Gonsawa, Gembice, Pakosch
Cammin Cammin, Wissek, Wirsitz, Flatow, Zempelburg, Vandsburg, Lobsens, Krojanke, Miastetzko, Margonin, Samoszin, Gollanz
Deutsch Krone Deutsch Krone, Schneidemühl, Jastrow, Usch, Budsin, Chodziesen, Czarnikau, Schönlanke, Radolin, Filehne, Schloppe, Tietz, Märkisch Friedland

geschiedenis[bewerken]

Het Netzedistrict is de bestuurlijke naam voor de geofysische aanduiding ‘Netzebruch’, welke verwijst naar het drassige ofwel ‘broekland’ van de rivier de Netze. Het Netzedistrict, waarvan noordelijke en westelijke delen in de Middeleeuwen tot Pommerellen en de Neumark hadden behoord maar dat overigens tot het Koninkrijk Polen behoorde, werd in 1772 door Pruisen geannexeerd en vormde daarin aanvankelijk een aparte bestuurseenheid, maar werd in 1775 een departement van de provincie West-Pruisen. Pruisen moest het gebied in de Vrede van Tilsit (1807) vrijwel geheel aan het Hertogdom Warschau afstaan. In een op het Congres van Wenen gesloten verdrag met Rusland kreeg Pruisen het in 1815 terug. Het grootste gedeelte van het Netzedistrict behoorde daarna tot het 'Regierungsbezirk' Bromberg (regio)|Bromberg (Bydgoszcz), onderdeel van de provincie Posen), en een klein deel kwam bij het 'Regierungsbezirk' Mariënwerder (Kwidzyn), onderdeel van de provincie West-Pruisen. Na het Verdrag van Versailles (1919) moest het Duitse Rijk het gebied grotendeels afstaan aan Polen. Slechts de westelijke districten ('Kreise') Flatow, Deutsch Krone en het stadsdistrict Schneidemühl bleven bij Duitsland en werden in 1922 ondergebracht in de nieuwe provincie Grensmark Posen-West-Pruisen.

bevolkingsverhoudingen[bewerken]

De bevolking van het Netzedistrikt kwam in 1772 nauwelijks op 140.000 inwoners uit en daarvan waren bestond 40% uit lutherse Duitstaligen, afstammelingen van immigranten die in de voorgaande eeuwen de slechte levensomstandigheden, vooral in Pommeren, ontvlucht waren. Zij hadden de onbewoonde moerasgebieden van de Netze drooggelegd, dorpen gesticht en met hun ambacht als textielwevers in een aantal kleine steden een bescheiden bloei gebracht. Zij waren tot deze immigratie uitgenodigd door de Poolse adel die hun toestond hun lutherse geloof te behouden. Een tiende deel van de bevolking bestond uit roomskatholieke d.w.z. autochtone Duitstaligen, 40% was Pools en evenzo roomskatholiek en een tiende was Joods. Overigens stond de economie op een laag niveau; de meeste stadjes waren in bezit van de adel die de burgers tot dienstbaarheid verplichtte. Het gevolg was dat ze half ontvolkt waren geraakt en vaak nog maar enkele honderden inwoners telden. De Pruisische regering voerde na 1772 een ingrijpende ontwatering en kanalisatie uit waarna nieuwe dorpen gesticht konden worden (“Retablissement”). Ze werden bevolkt door immigranten die de bevolkingsgroei zodanig stimuleerden dat het totaal al in 1800 boven de 200.000 uitkwam. Daartegenover besloot de regering in 1780 Joden uit te wijzen wanneer zij onvoldoende in hun levensonderhoud konden voorzien. Deze maatregel halveerde hun aantal. Later in de 19de eeuw, na hun gelijkberechtiging in 1833, zouden de meeste overige Joden alsnog vertrekken naar vooral Berlijn, en van daaruit emigreerden weer velen naar Amerika. Sinds 1880 compenseerde een nieuw kolonisatieprogramma van de Pruisische staat (volgens het ‘Ansiedlungsgesetz’) met Duitse boeren op staatsbezit de teruggang van de Duitstaligen, na het vertrek van de Joden. Zo werden de getalsmatige taalverhoudingen gestabliseerd. De bevolking bleef voor ieder een helft Duits dan wel Pools. Bestuurlijk en economisch werd het gebied overigens wel sterk gegermaniseerd (zie germanisering). In de loop van de 19de eeuw verdubbelde de bevolking zich tot meer dan 350.000. Bij stagnatie op het platteland vertoonde alleen de hoofdstad van het gelijknamige Regierungsbezirk Bromberg (Bydgoszcz) een sterke dynamiek. Ze groeide uit van een dorp met 500 voornamelijk Poolse tot een moderne middelgrote stad met 60.000 voornamelijk Duitse inwoners.

opheffing door het Verdrag van Versailles, 1919[bewerken]

Na het Verdrag van Versailles (1919) moest Duitsland het gebied grotendeels afstaan aan het nieuw opgerichte Polen. Slechts de zeer overwegend Duitstalige districten (‘Kreise’) Flatow, Deutsch Krone en het stadsdistrict Schneidemühl bleven bij Duitsland en werden in 1922 ondergebracht in de nieuwe provincie Grensmark Posen-West-Pruisen. De meerderheid van de lutherse Duitsers vertrok in het volgende decennium naar Duitsland. Voor de verdere lotgevallen van het gebied zie West-Pruisen.

Bronnen[bewerken]

  • I. Rhode Das Nationalitätenverhältnis in Westpreussen, in: Deutsche Wissenschaftliche Zeitschrift für Polen, Posen 1926
  • B. Breslauer Die Abwanderung der Juden aus der Provinz Posen, Berlijn 1909